De dood is mijn dagelijks werk

Longarts Wanda de Kanter (1959) begon vorige week met Pauline Dekker een campagne tegen roken door ‘naming and shaming’ op internet. „Het maakte me wel angstig. Ik ben gewend om lief tegen mensen te zijn.”

Zij of ik

„Pauline heb ik leren kennen op een congres voor longartsen in Barcelona, in 1990. We bleken allebei tot ons twaalfde op Borneo te hebben gewoond. Onze vaders werkten bij Shell. We hadden allebei op een internaat gezeten en we wilden allebei van jongs af aan medicijnen studeren. Het gevoel van eenzaamheid als iedereen in het weekend naar huis was en jij alleen op je kamer zat, en daar dan vooral met niemand over praten – dat kende zij ook. We zijn vriendinnen voor het leven geworden. Voor de buitenwereld zijn we inwisselbaar. Wij zijn die twee vrouwen die campagne tegen roken voeren. Toen je hier net aanbelde, verwachtte je haar of mij?”

Pfff, huh, pfff, huh

„Het internaat, in Den Haag, was gemengd. Geweldig. Ik werd meteen aan het roken gebracht, door de oudere jongens natuurlijk. Pfff, huh, pfff, huh – zo diep mogelijk inhaleren. Van oorsprong was het internaat een weeshuis en er waren kinderen die geen ouders meer hadden. Ik voelde me decadent: in de zomervakantie mocht ik naar Sarawak. Andere kinderen gingen naar hun tante in Zwolle. De begeleiding was er trouwens erg slecht. Als je werd betrapt met een sigaret, moest je zware shag roken tot je ging overgeven. Als je je kamer niet had opgeruimd, hingen ze je matras uit het raam. Je ondergoed werd aan de muur gespijkerd. Ik ben er sterk van geworden, een vechter, maar iets meer troost en begeleiding was wel fijn geweest. Ik geloof dat ik die mijn eigen kinderen wel heb kunnen bieden. Al weet ik dan weer niet zeker of ze daar beter mee af zijn.”

85 procent

„Voor het eerst van mijn leven ben ik hard tegen mensen die bij wijze van spreken ook mijn patiënt zouden kunnen zijn. Naming and shaming op internet, zéggen wie er in Nederland de rooklobby steunen – dat gaat echt ver. Het maakte me angstig toen we er vorige week mee begonnen. Het hoort het niet bij mij. 85 procent van mijn longkankerpatiënten gaat dood, dus een belangrijk deel van mijn werk bestaat uit stervensbegeleiding. Ik ben gewend om lief tegen mensen te zijn, ze te helpen, het lijden te verlichten. Maar we konden echt niet meer anders. Als je je jaren lang hebt ingespannen om het aantal rokers omlaag te brengen en dan blijkt in 2012 dat het aantal rokers is gestégen, dan moet je een andere strategie kiezen.”

Irene Asscher

„Els Borst was zo lief om de website te steunen, maar ze vond dat we te ver gingen door te zeggen dat Irene Asscher de moeder van Lodewijk Asscher is. Dat had er niets mee te maken, zei ze. Misschien heeft ze gelijk. Misschien doe ik Irene Asscher tekort. Ik heb me niet in haar proberen te verplaatsen, wat ik normaal altijd gedaan zou hebben. Ik heb niet geprobeerd te begrijpen waarom ze dat commissariaat bij Philip Morris aanvaard heeft – de grootste tabaksproducent ter wereld. Maar als je weet dat één op de vier rokers voor zijn of haar pensioen doodgaat, als je weet dat twee van de vier rokers doodgaan door het roken, als je weet dat de meeste rokers al voor hun zestiende begonnen zijn, als je weet dat kinderen de belangrijkste target zijn voor de tabaksindustrie, als je weet... Nou ja, als je al die dingen weet, waarom dóé je dat dan? Ik kan daar met mijn verstand niet bij.”

Hersentumor

„Roken is vreselijk dodelijk. En je dood is vreselijk. De benauwdheid, de moeheid, de pijn, de angst en de depressies, de uitzaaiingen in de hersenen waardoor je persoonlijkheid verandert. Het wordt verdoezeld, omdat mensen zich ervoor schamen. Dan lees je over een BN’er die op jonge leeftijd is overleden door een hersentumor. Nee! Het was longkanker! Het kwam door het roken! Dat is het giftige van het standpunt van de VVD: roken is je eigen keuze, dus zijn de gevolgen je eigen schuld. Had je maar moeten stoppen. Maar roken ís niet je eigen keuze, zeker niet als je een kind van twaalf bent. Het is echt een zeer ernstige verslaving. Van de mensen die zelfstandig stoppen, is 95 procent na een jaar weer begonnen. Probeer het maar eens vol te houden als iedereen in je omgeving rookt. Ik ga op visite bij mensen die zo ziek zijn dat ze niet meer naar het ziekenhuis kunnen komen. De kamer staat bijna altijd blauw.”

Je bent mijn móéder

„Zelf ben ik gestopt toen ik zwanger was van mijn dochter. Na de borstvoeding ben ik weer begonnen. Bij de volgende zwangerschap ben ik weer gestopt. En daarna ben ik weer begonnen. Ik rookte niet veel, maar wel elke avond, bij een biertje. Heerlijk! Al vond ik heus wel dat het niet kon, een rokende longarts. Zes jaar geleden werd ik betrapt door mijn dochter. Ze was veertien. Ze was woedend. Hè? Wat doe jij? Je bent mijn móéder! Afgelopen week had ik het er nog met haar over. Ze studeert nu ook medicijnen en we zaten in café De IJsbreeker te praten over het examen longziekten dat ze aan het voorbereiden was. Ze zei: als je was doorgegaan met roken, was ik op een gegeven moment niet meer thuisgekomen. Ze vond het zo stom van me, zó stom.”

06-nummer

„Ik wilde huisarts worden, maar tijdens mijn co-schappen merkte ik hoe gezellig ik het vond om in een ziekenhuis te werken. Longarts lijkt het meest op huisarts, omdat je je patiënten vaak lang hebt. Astma, COPD – het zijn chronische ziekten. Je doet ook verrichtingen, dat maakt het nog leuker. In het begin was ik zo naïef om te denken dat longkanker binnen afzienbare tijd te genezen zou zijn. Maar de dood is mijn dagelijks werk geworden. Ik ben er helemaal niet bang voor. Een gynaecoloog staat aan het begin van het leven, aan het einde staat vaak een longarts. Het is allebei even belangrijk. Patiënten met longkanker krijgen mijn 06-nummer, ook als ze niet terminaal zijn. Ze moeten weten dat ik er altijd ben om ze bij te staan.”

Giraffenkalfje

„Hoe gek kan het zijn dat je op Volksgezondheid een minister hebt die onder het mom van vrije markt allerlei maatregelen tegen roken heeft afgeschaft. Vrije markt? Het doet me denken aan een film die ik zag waarin een giraffenkalfje door een leeuw tussen de poten van zijn moeder wordt weggeratst. Dat is wat de tabaksindustrie doet met jonge kinderen. De lafheid! Hoe jonger mensen beginnen, hoe meer hooked ze raken, hoe ernstiger de verslaving, hoe hoger de winst – ook voor de overheid. De Nederlandse staat verdient per jaar tweeëneenhalf miljard euro aan tabaksaccijnzen. De grootste fabriek van Philip Morris staat in Bergen op Zoom.”

Te veel eten

„The Lancet becijferde eens dat de helft van alle ziekten veroorzaakt wordt door lifestyle. Ik denk eerlijk gezegd dat het veel meer is. Roken, gebrek aan beweging, te veel eten – misschien wel 80 procent van wat dokters in hun spreekkamer zien hangt daarmee samen. En dan zou de premie voor mensen die slecht voor hun eigen gezondheid zorgen omhoog moeten? Kijk naar landen waar mensen voor het eerst in betere doen komen. De tabaksindustrie komt binnen, de voedingsindustrie komt binnen, en na een paar jaar is een groot deel van de bevolking verslaafd en te dik. Dat is geen vrije wil. Dat is winstbejag door partijen die veel machtiger zijn dan jij en ik. Ouders zouden niet meer moeten accepteren dat hun kinderen ziekmakend gedrag wordt aangeleerd. Maak het roken twee keer zo duur en het aantal beginners halveert. Zorg ervoor dat niet meer op elke straathoek voor een paar euro sigaretten te koop zijn.”

www.tabaknee.nl

Nederland stopt! Met roken en Motiveren kun je leren, uitgeverij Thoeris in Amsterdam