Verlamming geen optie

De economie kraakt, maar het kabinetsbeleid is stilletjes verlamd geraakt. Met dat beleid ontkent het kabinet de urgentie waarmee de economische problemen moeten worden aangepakt en draagt het zelf bij aan een gevoel van richtingloosheid onder de burgers. Tevens versterkt het het heersende consumentenwantrouwen.

Het kabinet-Rutte II, dat vorig jaar zo energiek begon als de nieuwe generatie bruggenbouwers, verliest nu vaart en initiatief, op een moment dat de economische omstandigheden danig verslechteren. Gisteren bleek dat de werkloosheid in februari met 21.000 mensen is gestegen tot 613.000. Sinds de vorming van het kabinet is de stijging 77.000. Op korte termijn staat het kabinet hier met lege handen. De stijgende werkloosheid volgt met enige vertraging de verslechtering van de economie die tot uitdrukking komt in meer bedrijfsfaillissementen en een economische nullijn.

Maar het kabinet schiet met het oog op de nabije toekomst in een wachtstand en hoopt dat de werkgeversorganisaties en de vakbeweging snel een sociaal akkoord sluiten. Zo wacht staatssecretaris Van Rijn (Volksgezondheid, PvdA) nu met de aankondiging van concrete maatregelen tegen de onstuimige kostengroei van de langdurige zorg. Deze houding strijdt niet alleen met de eerdere voortvarendheid, maar bijvoorbeeld ook met de oproep gisteren, in een lijvig rapport van het Centraal Planbureau, over de toekomst van de gezondheidszorg. Het CPB legt de keuzes op tafel, maar het kabinet moet kiezen.

Natuurlijk is het op zich te billijken dat het kabinet zich, gezien de economische crisis en de noodzakelijke hervormingen, wil verzekeren van de steun van een sociaal akkoord. Dat kan het maatschappelijk draagvlak ten goede komen. Maar een akkoord is bovenal het cement voor politiek draagvlak. Een akkoord moet voldoende oppositiepartijen over de streep trekken om het kabinet in de Eerste Kamer te steunen. Daar heeft Rutte II nu eenmaal geen meerderheid.

Maar de tactische manoeuvres spelen zich af aan verschillende onderhandelingstafels en leiden niet vanzelfsprekend tot het beste resultaat. Met name de vakcentrale FNV maakt een breekbare indruk, met aanstaande verkiezingen voor nieuwe voorzitters van aangesloten bonden én van de centrale.

Het kabinet zelf moet eind april in Brussel een adequate begroting indienen. Vorig jaar sloot het kabinet-Rutte I zichzelf zeven weken op in het Catshuis om een hervormingsbegroting te maken die nooit kwam. Dit kabinet moet zijn agenda bij het parlement blijven indienen en daarover de discussie blijven voeren. De wachtstand biedt geen soelaas.