Steeds meer werklozen zonder recht op WW

Niet eerder in de laatste decennia hadden zoveel werklozen geen recht (meer) op een WW-uit- kering. De teller staat nu op 261.000 rechtelozen.

Tot en met gisteren had ze nog recht op een WW-uitkering. Vanaf vandaag officieel niet meer. Maar een baan heeft ze in de bijna drie jaar dat ze WW ontving niet gevonden. Mieke Hurkmans-van den Berg (61) uit Veghel moet op eigen kracht verder. En met haar 261.000 andere werklozen.

Niet alleen de werkloosheid bereikt dezer dagen recordhoogten. Ook het aantal werklozen zonder recht op een WW-uitkering neemt toe tot ongekende proporties. Nog niet eerder in de recente geschiedenis was het aantal met 261.000 zo groot.

Uit cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) van gisteren blijkt dat het aantal werklozen is opgelopen tot boven de 600.000. De laatste keer dat dat gebeurde was tijdens die vorige grote crisis, in 1984. In dat jaar vielen 246.000 werklozen buiten het WW-vangnet.

Wie deze groeiende groep rechtelozen zijn houdt het CBS niet bij. Maar bekend is dat met name jongeren die net van school komen en nog geen werkervaring hebben opgedaan én zzp’ers geen of onvoldoende WW-rechten hebben opgebouwd als ze werkloos raken. Het aantal eenpitters dat zelfstandig zijn of haar diensten aanbiedt groeit al jaren, tot het meest recente aantal van eind vorig jaar 592.000. Tegelijkertijd is het aantal uren per week dat zzp’ers gemiddeld aan het werk zijn geleidelijk afgenomen, sinds 2010 met inmiddels bijna 2,5 uur. Als die trend doorzet kan de kloof tussen werklozen en uitkeringsgerechtigden nog wel eens verder groeien, voorspelt Peter Hein Mulligen van het CBS.

Ook onder WW-gerechtigden komt het vaker voor dat de duur van de uitkeringsperiode niet toereikend blijkt te zijn. Zo bereiken steeds meer WW’ers het einde van hun uitkeringstermijn zonder in die periode werk te hebben gevonden, constateert hoofd arbeidsmarktinformatie Rob Witjes van uitkeringsinstantie UWV, dat die cijfers bijhoudt.

Zwaaide in 2010 nog bijna driekwart van de WW-gerechtigden voortijdig af, begin dit jaar is dat aandeel gezakt naar 62 procent. Bovendien is de kans dat werklozen hun WW-uitkering stopzetten omdat ze weer aan de slag kunnen, gedaald van 52 procent in 2011 naar 47 procent begint dit jaar.

Daar komt nog eens bij dat het aantal nieuwe WW-uitkeringen dat het UWV verstrekt het snelst groeit in de groep jongeren onder de 25 jaar. Dat is precies de groep die hooguit een paar maanden recht heeft op WW.

De verzekering tegen werkloosheid, die de WW-uitkering in feite is, is voor een groeiende groep mensen dus niet toereikend. Het betekent echter niet dat zij daarom automatisch een beroep doen op een bijstandsuitkering. Daarvoor geldt immers een vermogenstoets.

Hoewel het aantal WW’ers dat direct doorstroomt naar de bijstand wel gestaag toeneemt, gaat het nog steeds om een kleine minderheid van circa 8 procent. Vaak zijn dat jongeren met weinig werkervaring. De helft van de WW’ers die doorstroomden naar de bijstand kreeg niet langer dan drie maanden een WW-uitkering. Veel ouderen die geen recht meer op WW hebben, zullen genoodzaakt zijn om eerst in te teren op het eigen vermogen, bijvoorbeeld door het eigen huis ‘op te eten’.

Zo ook Van den Berg die in dat geval nog wel kan terugvallen op het inkomen van haar man. Ze acht zich inmiddels kansloos op haar 61ste nog „aan de bak te komen”. Wel wil ze als zzp’er nog proberen wat inkomsten bij elkaar te harken. „Ik beschouw dat maar als een veredelde hobby. We hebben gelukkig hele lage lasten.”