Het is geen panfluit!

Internethype // Bakermat

In drie maanden tijd werd hij zo populair dat een tegenbeweging op Facebook ontstond Producer Bakermat maakt makkelijk verteerbare house met een fluit „Ik heb nooit iets aan marketing gedaan”

Psychologiestudent Lodewijk Fluttert (21) is de personificatie van het zolderkamersprookje. In augustus zet hij zijn eerste nummer ‘Zomer’ online, gemaakt met niets meer dan softwareprogramma FruityLoops. Een maand later hangt het Franse platenlabel Délicieuse Records aan de telefoon en is de release van zijn eerste EP Vandaag een feit. Inmiddels krijgt hij airplay op 3FM, volgende week begint zijn Europese tour. Waarom, vraagt de competitie zich af. Bakermat, zoals Fluttert zich noemt, zou knuffelhouse maken zonder diepgang. In reactie op de 50.000 likes die hij binnen drie maanden verzamelde – ter vergelijking: gevestigde namen als Tom Trago (ruim 7.000), Steve Rachmad (13.000) of Secret Cinema (24.000) komen aan een fractie van dat aantal – werd de Anti-Bakermat Hyve-pagina opgericht. De panfluitgrappen, een parodie op het gebruik van blazers in zijn tracks, zijn niet van de lucht. De initiatiefnemers, producers uit de ‘underground’ in Amsterdam, zeggen in een artikel op de site van DJ Broadcast dat ‘zijn muziek geldt als iconisch voorbeeld van de commercialisering van house en techno, het produceren en draaien van muziek puur als middel om populair te worden en geld te verdienen’. Dat leidde tot een nieuwe golf van kritiek. En Bakermat? Zes vragen aan de man zelf.

Hoe verzamel je 50.000 likes in drie maanden tijd?

„Het is me min of meer overkomen. Ik was al een jaar geleden begonnen met het maken van beats. In augustus dacht ik: ik ga een keer een heel nummer maken, om lekker op te studeren of te chillen. Dat was ‘Zomer’. Op een gegeven moment zeiden mijn huisgenoten: ‘Joh, dat vinden we ook een lekker nummer, gooi hem eens online’. In september had hij 50.000 likes en in december meer dan een miljoen plays. Ik heb er niet echt een verklaring voor. Ik heb het in mijn kamertje in Utrecht gemaakt, er zat nooit een marketingplan achter. Door internet en sociale media is het gewoon heel vaak gedeeld.”

Heb je aan marketing gedaan?

„Nee. Vrienden deelden de link via Facebook. En toen is ie vooral in Parijs heel hard gegaan. Nu zeggen mensen dat ik die likes kocht, maar ik zou niet eens weten hoe dat moet. 3FM heeft het opgepikt via internet, ik heb nog niet eens een radio edit gemaakt.”

Je bent zelf lid van het corps, helpt dat?

„Het zou kunnen. Mijn muziek is vooral heel populair bij studentenverenigingen. Mijn vereniging, het Utrechtsch Studenten Corps, heeft altijd heel positief gereageerd, dus het zou kunnen dat dat heeft bijgedragen. Maar in het muziekwereldje had ik echt nul netwerk. Ik wist niet eens wat een label was toen ik begon.”

Waarom slaat je muziek zo aan?

„Het is een beetje pop, licht makkelijk in het gehoor en is ook wel vernieuwend op een bepaalde manier. Ik krijg heel veel mailtjes van mensen die niet weten in wat voor hokje ze het moeten plaatsen. Dat weet ik zelf ook niet. Het is trouwens geen panfluit, het is een dwarsfluit! Die melodie heb ik met de computer gemaakt.”

En waarom die controverse, denk je?

„Ik snap het niet echt. Want ze beweren dat ik het voor het geld doe en populair wil worden, terwijl er helemaal geen idee achter zit. Jaloezie, denk ik. ‘Underground’ mensen hebben gewoon een hekel aan een commerciële sound. Prima, maar luister er dan niet naar. Ondertussen krijg ik van artiesten waarmee ik speel zoals Kollektiv Turmstrasse te horen dat ze het heel goed vinden wat ik heb bereikt. Daar haal ik veel meer energie uit dan zo’n tegenbeweging. Laatst was er een jongen die ontzettend ziek was en een mailtje stuurde dat mijn muziek hem weer energie gaf. Als ik dat kan bereiken met mijn muziek, al is die blijkbaar makkelijk en slecht, is me dat veel meer waard.”

En houd je er nog wat aan over?

„Off the record? Nee, zeg ik niet. Dat zou je moeten weten. Over geld wordt niet geluld.”