Die eindtoets is er nog lang niet

Morgen praat de Kamer over een voorstel om de Citotoets te verplichten voor alle scholen. De PVV wil het kabinet best helpen, maar niet zomaar.

Buigen straks alle kinderen in Nederland zich aan het einde van de basisschool over dezelfde toets? Wel als het aan staatssecretaris Sander Dekker (Onderwijs, VVD) ligt. Morgen bespreekt de Tweede Kamer zijn voorstel om een verplichte eindtoets voor het basisonderwijsin te voeren.

De oppositie heeft echter veel kritiek op zijn plannen. En steun van een aantal ervan is nodig om het kabinet in de Eerste Kamer aan een meerderheid te helpen.

Dekker wil dat de overheid de regie over de eindtoets in het basisonderwijs strak ter hand neemt. Nu doet ongeveer 85 procent van alle leerlingen in groep acht de Citotoets. Scholen die niet willen, hoeven niet mee te doen. Ook is het mogelijk een toets van een andere ontwikkelaar dan het Cito af te nemen.

Aan die vrijblijvendheid moet een einde komen, vindt het kabinet. Elke leerling op elke school moet in groep acht getest worden en de overheid krijgt de verantwoordelijkheid voor de inhoud van die toets. Het Cito werkt daarbij, net als in het voortgezet onderwijs, onder toezicht van het College voor Examens.

De wet die Dekker naar de Kamer stuurde is voor een flink deel van de hand van de vorige minister van Onderwijs, Marja van Bijsterveldt (CDA). Op de steun van de christen-democraten hoeft het kabinet echter niet te rekenen. De wet in zijn huidige vorm is onacceptabel, zegt CDA-Kamerlid Michel Rog. „We zijn niet tegen het verplichten van een toets aan het eind van de basisschool, maar er is nu sprake van één uniforme toets voor álle scholen. Wij willen dat scholen de vrijheid hebben om zelf de eindtoets te kiezen die zij het beste vinden.”

Kamerlid Paul van Meenen van D66 zegt dat het wat hem betreft „niet nodig is” dat er één toets komt. „Ik vind het opvallend dat het Cito met name in de wet is geschreven als de ontwikkelaar van de centrale eindtoets. Het is op zich een heel goed toetsbureau, maar ik zie niet in waarom niemand anders de kans zou mogen krijgen om deze toets te maken. Kan dat niet beter worden aanbesteed?”

Het is nog onduidelijk hoe de regeringspartijen hierover denken. De PvdA pleitte in haar verkiezingsprogramma voor de vrijheid van scholen zelf een eindtoets te kiezen, terwijl de VVD altijd voorstander is geweest van een uniforme, door het Cito ontwikkelde toets. Dat is de lijn die Dekker met zijn wetsvoorstel volgt.

Misschien kan hij steun krijgen van de PVV. Kamerlid Harm Beertema is voorstander van één eindtoets en hij denkt dat het Cito de aangewezen instantie is om die toets te ontwikkelen, zegt hij. „Zij hebben een gigantische kennis op dit gebied. Ik vraag me af of er instellingen zijn die dit net zo goed zouden kunnen.”

Beertema heeft echter weer een ander probleem met de voorstellen van Dekker. Dit jaar werd de Citotoets voor het eerst op twee niveaus afgenomen: een toets voor kinderen die waarschijnlijk minstens op het niveau van vmbo theoretische leerweg zitten (75 procent van het totaal) en een voor kinderen die meer moeite hebben met lezen en rekenen. Dekker is voorlopig van plan die twee verschillende toetsen te handhaven, tot ergernis van de PVV.

Het kabinet kan alleen op de steun van zijn partij rekenen als dit onderscheid verdwijnt, zegt Beertema. „Wij willen niet dat kinderen te vroeg in een hokje worden geduwd. Elk kind moet een toets op hetzelfde niveau maken, dan weten scholen precies waar ze aan toe zijn.”

De PVV wil nog meer veranderen aan het wetsvoorstel, zegt Beertema. „We willen dat burgerschap – en dan vooral vaderlandse geschiedenis – een vast onderdeel wordt van de eindtoets.” Is dat een eis die moet worden ingewilligd in ruil voor steun? „Het is een wens, maar voor de PVV wel een heel belangrijke wens.”