Nieuwe Britse 'Nobelprijs': ruim 1 miljoen voor techniek

En weer is er een nieuwe, Nobelprijs-achtige prijs in het leven geroepen, ditmaal voor techniek: de Queen Elizabeth Prize voor Engineering, ter waarde van een miljoen pond (1,17 miljoen euro). Het is een trend: eind februari deelden rijke internetondernemers plots de eerste Breakthrough Prizes voor levenswetenschappen uit (3 miljoen dollar) en vorig jaar begon de Russische miljardair Yuri Milner met de even grote Fundamental Physics Prize.

De eerste QE Prize, gisteren uitgereikt, ging naar Vint Cerf, Tim Berners-Lee, Louis Pouzin, Robert Kahn en Marc Andreessen. De vijf staan aan de wieg van het internet, het wereldwijde web en webbrowsers. Volgens de jury, bestaande uit zestien hoogleraren uit de hele wereld, hebben ze „door hun visie en generositeit hun werk gratis en zonder beperking te delen” hun technische bekwaamheid getoond.

„De nerds winnen”, riep de Amerikaan Cerf, een van de geestelijk vaders van het internet, na het ontvangen van de prijs. Hij was via een Google Hangout (videoverbinding), met Londen verbonden waar zijn medewinnaars de prijs ontvingen uit handen van prinses Anne, de dochter van de Britse koningin. Volgens jurylid en hoogleraar Reinhard Hüttl van het Helmholtz Zentrum in Potsdam is het logisch dat de QE Prize een Britse oorsprong heeft: „Daar is de Industriële Revolutie begonnen.”

Sponsoren zijn onder meer Siemens, Sony en Toshiba, oliebedrijven BP en Shell, staalbedrijf Tata Steel. „Het idee bestaat dat techniek vies, zwart en vettig is”, zei Siemens-topman Ronald Aurich. „We willen benadrukken welke fantastische prestaties er achter innovaties zitten.”