oogheid,

Tot aan de troonswisseling staat er elke week in Opinie&Debat een Brief voor de Koning. Vandaag is hij van arts-microbioloog en romanschrijver Miquel Ekkelenkamp Bulnes.

elicitaties! 30 April aanstaande verwelkomen we u als ons nieuwe staatshoofd. U wordt koning, waarschijnlijk het échte oudste beroep ter wereld. Het is een beroep uit geschiedenisboeken, sprookjes, films en legenden, een beroep waarvan slechts weinigen beseffen wat het daadwerkelijk inhoudt. Wat dóet een koning? Wat verwachten wij van u?

Tot in de late middeleeuwen waren koningen ondernemers, kleine zelfstandigen aan het hoofd van hun familiebedrijf. Koning was een vrij beroep en de markt was volledig ongereguleerd. Vijandige overnames waren niet alleen aan de orde van de dag, het waren vereisten waaraan het succes van een koningsschap werd afgemeten. Een vorst die geen nieuwe territoria aan zijn rijk toevoegde, was een mislukte vorst.

Maakt u zich echter geen zorgen: u hoeft ons land niet te leiden in de verovering van Vlaanderen of Nedersaksen. Tijdens de renaissance veranderde het vak namelijk tot een soort bestuursvoorzitter van een multinational. De grenzen van de staten verloren grotendeels hun beweeglijkheid, het vak makkelijker en risicolozer makend ; de relatie tussen verdienste en beloning verdween; en zelfverrijking werd de norm. En wanneer je het als vorst écht in de soep liet lopen, kwam je altijd wel elders aan de slag.

Dit tweede businessmodel ging over de kop toen aan het einde van de achttiende eeuw burgers vrijheid en democratie begonnen te eisen, en ze in opstand kwamen tegen de adellijke elites. Europese koningshuizen met een vooruitziende blik speelden hierop in. Ze maten zich een rol aan ‘in dienst van het volk’ als toezichthouders van regeringen: de stem van rede boven de partijen. Koningen die weigerden de overgang te maken van almachtig despoot naar zorgzame ‘burgervader’ moesten het veld ruimen.

Exemplarisch waren de lotgevallen van de Spaanse monarchen. In 1923 zat de toenmalige koning Alfonso XIII al enigszins wankel op de troon, toen een kleine groep officieren onder aanvoering van generaal Miguel Primo de Rivera aankondigde de macht over te nemen. Zo’n pronunciamiento is natuurlijk een aardig tijdverdrijf, maar wil je daadwerkelijk de macht in handen krijgen dan is er meer nodig. Succesvolle staatsgrepen vereisen legitimatie: een officiële overdracht van de macht. Zonder legitimatie blijven ambtenaren thuis en valt er niets te regeren, hoeveel gebouwen je ook opblaast en hoeveel mensen je ook kapot schiet. Bén je eenmaal aan de macht, dan kun je het parlement permanent naar huis sturen, de kieswet aanpassen of de media overnemen, maar alles begint met de ‘wettelijke’ legitimiteit. Daarom nemen Poetin en Loekasjenko ook de moeite stembusfraude te plegen.

De legitimiteit kan een putschist worden verleend door het parlement, door een officieel staatshoofd, of desnoods door een religieuze autoriteit. Bij Primo de Rivera was het koning Alfonso XIII die hem tot premier benoemde, en die toestond dat de generaal het parlement voor onbepaalde tijd ontbond. Het bleek uiteindelijk politieke zelfmoord voor de koning. Na acht jaar verdween Primo de Rivera van het toneel en eisten de Spanjaarden verkiezingen. Alfonso’s verzuim de parlementaire democratie te verdedigen maakte hem in veler ogen tot hoofdschuldige van de dictatuur.

Vijftig jaar van staatsgrepen, oorlog, dictatuur en voorzichtige democratie later werd de Spaanse monarchie in ere hersteld, met als koning Juan Carlos I, kleinzoon van Alfonso XIII. Net als zijn grootvader kreeg deze koning (in februari 1981) te maken met een militaire staatsgreep. U kunt zich ongetwijfeld de beelden herinneren van kolonel Tejero die het congres binnendrong, een paar keer in het plafond schoot en de gedeputeerden gijzelde. Anders dan zijn grootvader had Juan Carlos door hoe de wereld inmiddels werkte. Hij verscheen binnen enkele uren op televisie, beval de opstandige militairen de wapens neer te leggen en smoorde de staatsgreep in de kiem.

Dit is ongeveer wat we van u verwachten, hoe tegenstrijdig het ook klinkt: dat u optreedt als beschermheer van de democratie. U bent er om te voorkomen dat anderen kapsones krijgen, zonder zelf de handen te branden aan regeringsverantwoordelijkheid. Een toezichthouder bestuurt geen bedrijven, maar zijn bestaan garandeert bescheidenheid bij degenen die het wel doen. Daarom drijven premiers en bondskanseliers minder vaak af tot megalomanie dan presidenten.

Misschien krijgt u nooit een kans als Juan Carlos om een einde te maken aan een staatsgreep. Jammer, want hij bouwde er zoveel krediet mee op dat de Spanjaarden sindsdien telkenmale over hun hart strijken wanneer hij in het nieuws komt met zijn maitresses, doodgeschoten olifanten of corrupte schoonzoons. Bij dezen spreek ik echter af dat wij u al deze zaken ook zullen gunnen c.q. vergeven, zolang u zich blijft inzetten tegen de talloze andere kleinere en grotere aanvallen op onze rechtsstaat.

Hoogachtend,

Miquel Ekkelenkamp Bulnes