Column

Met de deur in huis

Eindelijk is er in Hilversum weer eens een krachtig besluit genomen. De radiozenders van de Publieke Omroep krijgen een nieuwe naam. Nederland 1 wordt NPO 1, enzovoort. NPO staat voor Nederlandse Publieke Omroep. De revolutie kost wel een paar centen. Eerst moest 100.000 euro betaald worden aan de Nederlandse Postduivenhouders Organisatie, toen bleek het aanpassen van de logo’s 90.000 euro te kosten en nu komt daar nog eens 60.000 bij om de revolutie overal te bevestigen. Maar dat is die verandering dubbel en dwars waard. En vrees niet; als je op je scherm bijvoorbeeld het nieuwe NPO 2 ziet, kun je toch zeker weten dat je naar de VARA of de VPRO zit te kijken want het oorspronkelijk logo van de omroepen blijft gehandhaafd. De verandering is nodig om de concurrentie van Google en YouTube het hoofd te kunnen bieden. Begrijpt u het? Niet wanhopen, het went wel.

Hoe lang geleden voltrok de vorige Hilversumse revolutie zich? Ik raak de tel kwijt. Maar als ik me niet vergis was dat toen de presentatoren van het NOS Journaal voortaan staand of actief heen en weer lopend het nieuws moesten vertellen. Zo gaat het ook in Amerika. Daar zie je op CNN anchorman Wolf Blitzer rusteloos heen en weer benen terwijl hij de correspondenten en deskundigen raadpleegt en het publiek op de hoogte brengt van de catastrofe van de dag. Goeie genade, daar was de wereld bijna ten onder gegaan! Amusing Ourselves to Death heet het boek uit 1985 van Neil Postman, waarin hij het principe heeft beschreven dat het nieuws steeds meer een show wordt. Dertien jaar later kwam Neal Gabler met ongeveer dezelfde boodschap in zijn Life: the Movie. In Amerika, waar het allemaal is uitgevonden, is intussen een hele bibliotheek over het verschijnsel beschikbaar.

Als nu Rob Trip geconcentreerd heen en weer lopend alles uit de doeken doet over de doping van Lance Armstrong of Michael Boogerd en daarna zie je de gemartelde gezichten, de betraande ogen van de eens gevierde wielerhelden, ja, dan gaat er iets door je heen. Een paar dagen later: de paus. Daar komt het bericht dat de kardinalen eruit zijn. De camera zoomt in op het schoorsteentje waaruit de witte rook komt en dan verschijnt voor het eerst de nieuwe heilige vader! Twintig minuten, het hele journaal is aan deze sensatie gewijd. Bij de concurrentie heb ik nog even gezien dat ze een Syrische stadswijk aan puin schieten. Na de paus het weerbericht. Sneeuw! Zo’n hele voorstelling hebben we straks te danken aan NPO 1.

Soms loop ik langs een huis in aanbouw, een opgebroken rijweg waar de stratenmakers aan het werk zijn of er passeert een auto waarvan het linkervoorraam wagenwijd openstaat. Overal staat een radio zo hard mogelijk aan. Geschreeuw van de diedzjee en dan weer het bom-bom-bom van de muziek. Ik ben er niet voor of tegen, ik signaleer het alleen. Thuis luister ik graag naar klassieke muziek. Al lang geleden zijn de autoriteiten in Hilversum ervan overtuigd geraakt dat wat de gezamenlijke historische en moderne componisten bij elkaar hebben geschreven niet voldoende is om de moderne mens tevreden te stellen. Er hoort iets bij. Maar wat? Nootschieten. Je hoort een minuscuul flardje muziek en dan moet je raden uit welke compositie dat afkomstig is. Bellen naar Hilversum. Helaas mevrouw, dat is niet goed. Hahahaha. Even later komt er nog een prijsvraagje.

De moderne presentator heeft hoe langer hoe meer de neiging zich persoonlijk te profileren. Hij is er niet meer voor Albinoni, Beethoven en Chopin. Het is andersom. De componist stelt hem in staat zich te manifesteren met zijn vastberaden intonatie, zijn wetenswaardigheden (weetjes worden ze nu genoemd), zijn grapjes en gevoeligheden. Ik krijg genoeg van die toestanden op Radio 4, schakel over naar Classic FM. En verdomd, daar kondigt iemand Eine kleine Nachtmusik van Mootsarts aan. Heeft u dat gemerkt? Steeds meer postmoderne Nederlanders denken dat je de t moet uitspreken alsof er nog een s achter staat. Bij Classic FM werkt iemand die er een meester in is.

Nog een sluipende verandering in de moedertaal. Bij veel woorden verschuift de klemtoon naar de eerste lettergreep. Vroeger hadden de omroepers het over een pianist. Dat is pianist geworden. En zo is het ook niet meer componist, maar componist. Let op de nieuwslezers in de televisiejournaals. Steeds meer vreemde woorden hebben een nieuwe auditieve gedaante gekregen. Soms denk ik dat we hier met een van de weinige overgebleven Franse invloeden te maken hebben. President Sarkozy was in zijn toespraken en persconferenties een meester in het verplaatsen van de klemtoon.

Volgens mij hoort het allemaal tot de grote verandering van onze beschaving. Zoveel mogelijk de aandacht op jezelf vestigen door zo hard, zo opzienbarend, zo leuk mogelijk met de deur in huis te vallen. Neem die uitdrukking letterlijk en je hebt een kenschets van onze omgangsvormen.