Eindelijk een stoeltje in de Formule 1

Voor het eerst in zes jaar rijdt er weer een Nederlander mee in de Formule 1. Giedo van der Garde zit bij Caterham, niet een van de grote teams. „Eén WK-punt halen zou al een topprestatie zijn.”

Foto Hollandse Hoogte

Na de eerste twee testdagen in zijn nieuwe Formule 1-auto, op het circuit van het Zuid-Spaanse Jerez de la Frontera, was Giedo van der Garde (27) „kapot”. Hij voelde het in zijn nek, zijn onderrug. „En in mijn billen.”

Van der Garde was vorige week voor twee dagen over in zijn woonplaats Amsterdam, tussen verplichtingen in Spanje, Zwitserland en het Verenigd Koninkrijk door. Met de in Rhenen geboren rijder kent de Formule 1 voor het eerst in zes seizoenen weer een Nederlandse deelnemer, na Christijan Albers. Zondagochtend om zeven uur, bij de start van de grand prix van Australië, wordt hij de vijftiende Nederlandse Formule 1-coureur.

In de afgelopen seizoenen reed Van der Garde – die rondloopt in de zalmroze sweater van zijn kledingsponsor – in de GP2 Series, een kweekvijver voor de Formule 1. Aan de ene kant is rijden in de Formule 1 „makkelijker” dan in de GP2, zegt hij. „Zo heb ik nu stuurbekrachtiging. In de GP2 zat je soms als een idioot aan dat stuur te trekken. Maar in de Formule 1 krijg je weer meer klappen op je nek en de rest van je lichaam. Ook mentaal is het zwaarder, vanwege de vele procedures: de start, de koppeling en nog twintig knopjes op het stuur, de beweegbare achtervleugel die je alleen op bepaalde momenten mag openen. Inmiddels kan ik daar goed mee overweg.”

Al op zijn zeventiende werd Van der Garde wereldkampioen in het karten. Als kleine jongen had hij zichzelf tot doel gesteld om als coureur in de Formule 1 te belanden, maar dat heeft na die wereldtitel toch nog tien jaar geduurd. Hoewel veel coureurs in de Formule 1 in een kart hun racecarrière beginnen, is een goede karter niet per definitie een goede autocoureur. Hoofdredacteur Mark Koense van RTL GP Magazine heeft ze voorbij zien komen, de jongens die vijf of zes keer kampioen werden in het karten. „Die zakten toch door het ijs in een raceauto. Of andersom: onopvallende karters die ineens een groot talent blijken in een grotere wagen.”

Behalve talent moeten coureurs in de Formule 1 in de regel veel geld meenemen om plaats te mogen nemen in een van de 22 auto’s. Paradoxaal genoeg kosten de minst gewilde stoeltjes het meeste geld. Elk team zou wel de beschikking willen hebben over een coureur als Sebastian Vettel (nu Red Bull) of Fernando Alonso (Ferrari), beiden meervoudig kampioen in de Formule 1. Zij hoeven daarom geen miljoenen euro’s neer te leggen om mee te doen. Anders ligt dat voor de minder getalenteerden, of voor beginners als Van der Garde. Zelfs als zij flinke sponsorbedragen met zich meenemen moeten ze hopen op een plek.

De financiën zijn voor Van der Garde het probleem niet. Zijn schoonvader is miljardair Marcel Boekhoorn, tevens sponsor van zijn Formule 1-avontuur. Toch was het ook dit jaar niet zeker of Van der Garde de stap kon maken naar de koningsklasse van het autoracen. Uiteindelijk bemachtigde hij een van de laatste stoeltjes, bij een team – Caterham – dat wordt gerekend tot de mindere. Over bedragen doet Van der Garde geen enkele mededeling. Volgens Koense kan het bedrag „niet onder de tien miljoen euro” hebben gelegen.

Van der Garde had geen keus, zegt Koense. „Hij reed al een aantal jaar in de GP2, en dit jaar moest het voor hem gebeuren. Ook had hij in de GP2 geen wereldschokkende resultaten. De Formule 1-teams stonden niet voor hem in de rij.”

Sommige coureurs, zoals in het verleden de Nederlander Jos Verstappen, halen de Formule 1 op puur talent. Koense: „Maar een suikeroom helpt natuurlijk. Michael Schumacher had de Duitse zakenman Willi Weber achter zich staan, en Sergio Pérez is de oogappel van Carlos Slim, de rijkste man ter wereld. Ook in Giedo is veel geld gestoken. Het is een kunst op zich dat hij dat voor elkaar heeft gekregen.” Voor zijn sponsors is het ook een way of life, aldus Koense. „Het is toch lekker als je tegen je zakenrelaties kunt zeggen dat je even naar Monaco gaat om te kijken hoe je investering het doet op het circuit.”

Maar het zou te makkelijk zijn om te stellen dat Van der Garde zijn carrière uitsluitend te danken heeft aan zijn portemonnee, zegt Frits van Eldik. Hij is sinds 1994 actief als fotograaf in de Formule 1 en kent Van der Garde vanaf zijn negende – „we hebben dezelfde geboorteplaats”. Boekhoorn, een selfmade miljardair, is „niet van het weggeven”, aldus Van Eldik. „Het moet hem wel zakendeals opleveren. Zo heeft hij via Giedo contact met de Maleisische miljonair Tony Fernandes, eigenaar van Caterham.”

Over de kansen van Van der Garde om dit jaar al in de punten te rijden – en dus een toptienklassering in een race te halen – is Koense niet al te optimistisch. „Iedereen die daar aan de start staat, heeft het in zich om een punt te halen. Maar Giedo zit in een van de vier minste auto’s. Het gat met de topteams is groot. Op eigen kracht wordt het lastig, en er zijn tegenwoordig weinig uitvallers.”

Van der Garde kan zich voorlopig beter een bescheidener doel stellen: sneller zijn dan zijn teamgenoot, de Fransman Charles Pic. Die rijdt immers in eenzelfde auto. Koense: „Het zou me verbazen als Pic ruim van Giedo zou winnen, maar aan de andere kant heeft Giedo het nadeel dat hij de circuits nog niet kent.” Van der Garde stelt zelf dat hij „veel kan leren” van Pic, die meer ervaring heeft.

De Nederlandse coureur erkent dat het moeilijk zal worden om WK-punten te halen. Toch reiken zijn ambities verder. „Natuurlijk wil ik ooit naar een groter team. Je moet doelen hebben. Teams als McLaren en Ferrari hebben vooral meer knowhow dan Caterham. Maar de nieuwe CEO van Caterham wil er wel voor gaan, dat zie je bijvoorbeeld aan het feit dat we net een aerodynamicaspecialist hebben overgenomen van Lotus.”

Zo’n stap omhoog zal niet eenvoudig worden voor Van der Garde, denkt Van Eldik. „Soms zijn er zes of zeven stoeltjes vrij bij de grotere teams, maar soms ook helemaal niet. Bovendien staan er al weer jongere jongens klaar om te strijden voor een stoeltje. Zelf denk ik dat Giedo het in zich heeft om de middenmoot te halen, en te gaan rijden voor een team als Force India of Toro Rosso.”

Voorlopig geniet Van der Garde van het feit dat zijn naam voortaan altijd zal worden genoemd in het rijtje met Nederlandse coureurs in de Formule 1. Een volgende stap is om Jos Verstappen, met zeventien behaalde WK-punten de succesvolste van de vijftien, naar de kroon te steken. Een goede klassering levert tegenwoordig meer punten op dan in de tijd van Verstappen. Van der Garde: „Dankzij die veranderde puntentelling zou ik met één tweede plaats al de succesvolste Nederlandse Formule 1-coureur aller tijden zijn, hoorde ik van iemand. Dat vond ik wel een grappig feitje.”