Schatkamer voor verwende mensen

Voor 9.500 genodigden is Tefaf gisteren al begonnen. Een van hen kocht al een Picasso voor 6,1 miljoen euro en de enthousiaste rapper Kanye West besloot zijn huis anders in te richten.

Hip, een donkere huid en ver onder de veertig. De Amerikaanse rapper en muziekproducer Kanye West viel gisteren op in Maastricht. De besloten openingsdag van Tefaf, de belangrijkste kunstbeurs ter wereld, was een allesbehalve hip en bovendien zeer blank en ernstig veertigplus kunstfestijn. Een samenkomst van excentrieke kunsthandelaren op geborduurde pantoffels, bekende museumdirecteuren en gedistingeerde verzamelaars, van wie velen zich door hun chauffeur (of piloot) naar Limburg hadden laten brengen.

Bij de stand van Axel Vervoordt had Kanye West het duidelijk naar zijn zin. Uitgebreid verstond de popster zich met de Belgische interieurinrichter. West sprak zijn waardering uit voor de vintage designmeubels, zoals de grote jarenvijftigfauteuil van de Deense ontwerper Hans Wegner. Slechts 18 exemplaren van gemaakt en met een prachtig patina op het leer. Vraagprijs 185.000 euro, maar helaas niet meer te koop, want de avond voor de private party ‘op foto’ aan een Russische verzamelaar verkocht. „De markt is zeer hot”, zegt de 65-jarige handelaar, „vooral archeologische stukken en kunst uit de jaren zestig zijn zeer gezocht.”

Aan het eind van de middag, toen het ‘walking dinner’ voor de 9.500 genodigden nog moest beginnen, had Vervoordt de meeste meubels en schilderijen al verkocht. Kanye West, niet vies van een beetje moderne kunst (hij liet de hoezen van zijn albums door beroemde kunstenaars ontwerpen), toonde zich onder de indruk. „Ik ga mijn interior decorator ontslaan en laat mijn huis door jou opnieuw inrichten.” Vervoordt verblikte allerminst. Robert De Niro, Madonna en diverse prinsen en prinsessen wisten de weg naar zijn kasteel ’s Gravenwezel bij Antwerpen al te vinden.

Tien dagen lang is Maastricht voor de 26ste keer de kunstschatkamer van de wereld. Zelfs de meest verwende bezoeker moet van de ene verbazing in de andere vallen. Zoveel oude meesters, zoveel boeddha’s, zoveel Picasso’s en zoveel goud en zilver, en allemaal te koop. Een van de attracties zijn de solo- en thematentoonstellingen. Daniel Blau uit München toonde 64 tekeningen van Warhol uit de jaren vijftig (vanaf 18.000 euro). Bij Hamilton’s uit Londen hing een overzicht van Irving Penn, de Amerikaanse fotograaf die zelfs in de goot schoonheid zag en van sigarettenpeuken hyper-esthetische stillevens wist te maken (vanaf 40.000 dollar).

Axel Vervoordt verraste met werk van Gutai, een groep Japanse kunstenaars die hier nog weinig bekendheid geniet maar die van grote invloed is geweest op vele Europese kunstenaars, van Lucio Fontana en Yves Klein tot de Fluxus-beweging. Tien jaar geleden begon de Belg op grote schaal schilderijen van onder meer Kazuo Shiraga, Subaru Murakami en Noria Imai op te kopen – grote schilderijen met grote gebaren. Goed gezien, want nu het Guggenheim Museum in New York een overzichtsexpositie aan Gutai wijdt, zijn de Japanners opeens zeer gezocht. Voor sommige werken vroeg Vervoordt gisteren meer dan een miljoen euro.

Informeren naar prijzen op Tefaf was sowieso frustrerend. Een traditionele, 19de-eeuwse neusring uit Noord-India bij Van Gelder Indian Jewellery: 15.000 euro. Een knotsgek, slechts 13 centimeter hoog ivoren Luba-beeldje bij Bernard de Grunne: 80.000 euro. Een knalrode stoel van Gerrit Rietveld bij Ulrich Fiedler: 450.000 euro. En het snoeperigste schilderijtje van de beurs, een 400 jaar oud fruitstilleven van Balthasar van der Ast bij David Koetser Gallery: 2,7 miljoen euro. Maar allemaal spotgoedkoop vergeleken bij het duurste stuk van de beurs: een pauwenbroche met meer dan duizend diamanten die de Londense juwelier Graff te koop aanbood voor 77 miljoen euro.

Veel handelaren begonnen optimistisch. Neem designhandelaar Ulrich Fiedler uit Berlijn, met zijn prijzige Rietveld-meubels. „Die rode stoel van 4,5 ton? Ik ben bang dat ik hem ga verkopen. En dat ik er dan binnen de kortste keren nog spijt van krijg ook. Zie je die groene Militaire Stoel van Rietveld? Die verkocht ik 25 jaar geleden voor 8.500 D-Mark. Nu kost die stoel 80.000 euro. En over tien jaar lachen we waarschijnlijk om die prijs.”

Het regende gisteren rode stippen. Bijvoorbeeld bij Leslie Smith uit Amsterdam, die zeven aboriginal schilderijen verkocht aan een verzamelaar uit de Forbes 500-lijst. Het lijkt er steeds meer op dat grote kunstbeurzen het belangrijkste podium voor de kunsthandel zijn geworden. Overzichtelijk, attractief en veiliger dan veilingen, zowel voor verzamelaars als handelaren. Zelfs de Nederlandse musea sloegen gisteren hun slag. Het Mauritshuis verwierf bij Johnny van Haeften een sleutelstuk van de 16de-eeuwse landschapsschilder Paul Brill. Het Rijksmuseum kocht een zilveren beker en is nog in onderhandeling over het schilderij van Mostaert uit de Goudstikkercollectie.

Is de crisis dan nergens voelbaar? Toch wel: een Nederlandse handelaar in Cobra verwelkomde een bekende met de volgende woorden: „Ik heb nog een Appeltje voor je. Komt van een klant die de laatste termijnen niet meer kan betalen.”

The European Fine Art Fair, nog t/m 24/3 in Maastricht. Dagelijks van 11-19 uur. Inl: tefaf.nl