denken@nrc.nl

Hoe kan het dat er in 2012 nog steeds sprake is van verborgen euthanasie?

vraagt Jean-Paul Grund, Research Director uit Rotterdam zich af.

Maandagavond besteedde Nieuwsuur uitgebreid aandacht aan ‘verborgen euthanasie’ en hoe morfine daarvoor wordt gebruikt. Het is bijna 11 jaar geleden, op 1 april 2002, dat de euthanasiewet in werking trad. Dit maakte blijkbaar geen eind aan de ‘verborgen euthanasie’ die voordien wijdverspreid was in de zorg voor mensen met terminale ziekten zoals kanker.

Erasmus Medisch Centrum Hoogleraar van der Heide stelde in Nieuwsuur dat wellicht 550 mensen per jaar overlijden aan een (bewuste) overdosis morfine. Weer een geval van inadequate zorg ‘in de provincie’?

Ongeveer 20 jaar geleden was het stapelen van morfine tot een letale dosering niet ongebruikelijk op de afdeling oncologie van hetzelfde Erasmus MC als waar professor van der Heide werkt. Door het liberale gebruik van morfine bespaarden de verpleegkundigen, zo vertelde mij toen een kennis die op de afdeling werkte, hun terminale patiënten een wrede en pijnlijke dood – natuurlijk met goedkeuring van de patiënt en familie, maar ook van arts-assistenten en afdelingshoofden.

De Amerikaanse socioloog Rogers beschreef hoe (medisch) wetenschappelijke innovaties verspreiden binnen een vakgebied – van kenniscentra naar de periferie. Voordat een innovatie werkelijk is genesteld in het dagelijkse denken en doen van een beroepsgroep kan decennia duren.

Laat het duidelijk zijn, ik deel de recente opwinding over verborgen euthanasie niet. Ik beschouwde destijds de handelswijze van de EMC oncologie verpleegkundigen als een verdedigbare, humane reactie op een situatie zonder alternatieven, anders dan de patiënt in zijn laatste levensfase ondraaglijk en (volgens de huidige normen) onaanvaardbaar te laten lijden. Kenniscentrum Erasmus MC heeft ongetwijfeld haar protocollen voor euthanasie en palliatieve sedatie aangepast.

Wordt het voortduren van verborgen euthanasie in de periferie verklaard door een kennisachterstand en onbekendheid met de richtlijnen? Of is het wellicht mogelijk dat verborgen weerstanden tegen (openlijke) euthanasie, gestoeld op religieuze of morele taboes, nog altijd een barrière vormen voor een menswaardig levenseinde in de provincie? Tenslotte heeft het tot 2002 moeten duren voor de euthanasiewet in werking trad.