Melodie van een oude dribbelaar

Wereldmuziek

Boubacar Traoré. Gehoord 10/3, Lantaren Venster, Rotterdam. Herh: 17/3 Bimhuis, Amsterdam****

Voordat Boubacar Traoré in de jaren zestig een nationale held werd in het onafhankelijk geworden Mali, was hij een jongetje dat van de bal hield. Hij kreeg de bijnaam Kar Kar, vanwege zijn dribbeltechniek. Het spel van dribbelaars is aantrekkelijk, maar vaak vruchteloos.

Bij Kar Kar ging het anders. De koosnaam bleef en vijftig jaar later heeft hij het voetenwerk nog. Zondagavond gebruikte de 70-jarige het vooral om naar achteren te dansen, uit de spotlights. Vanuit het donker moedigt hij met geanimeerd de Franse mondharmonicaspeler Vincent Bucher aan. Die geeft Traorés melancholieke blues een fladderig randje. Bucher laat zijn instrument klinken als een trompet, een klarinet en zelfs een swingende misthoorn.

Traoré baseerde zijn typische gitaargeluid op de klanken van de West-Afrikaanse kora, waarin iedereen de blues herkent. Ook zijn levensverhaal is een klassiek bluesnarratief. Na de roem volgde berooide vergetelheid, het verlies van zijn grote liefde en pas in 1996 een internationale herontdekking. Zoals dat hoort bij zulke verhalen, heeft zijn stem door ouderdom alleen maar aan diepte gewonnen. En zijn vingers? Die dribbelen over de gitaarhals.