Gruwelijk luisterverhaal

klassiekBenjamin Britten: The Rape of Lucretia ****

Benjamin Britten (1913-1976) is een van de grootste operacomponisten van de vorige eeuw. Dat wordt in Nederland in het Brittenjaar 2013 vooralsnog bescheiden herdacht: Owen Wingrave door Opera Trionfo is nog te zien in Utrecht, De Nederlandse Opera brengt Death in Venice in juli.

Verstokte Brittenfans gaan naar Aldeburgh, waar het door Britten gestichte zomerfestival grossiert in diens muziek. Twee jaar terug werd daar onder leiding van Oliver Knussen een uitstekende cast samengesteld voor de uitvoering van de huiveringwekkende kameropera The Rape of Lucretia (ook te horen geweest in het Holland Festival). Het noodlot, reeds in de titel beschoren, werkt onafwendbaar naar een bittere climax. In het door Etrusken bezette Rome brengt prins Tarquinius een nachtelijk bezoek aan de standvastige Lucretia. Hij wil bewijzen dat er geen kuise vrouwen bestaan, maar kan die stelling slechts via verkrachting afdwingen. Lucretia voelt zich onherstelbaar onteerd. Haar man Collatinus pleit voor vergeten en vergeven, maar vol schaamte steekt Lucretia zich bij het ochtendgloren dood.

Eigenlijk is het verhaal te gruwelijk. Maar Britten schreef er onweerstaanbaar spannende muziek bij, met sober geïnstrumenteerde onheilsmotieven waarboven emotionele zanglijnen worden ontrold. Tenor Ian Bostridge is in de rol van ‘male chorus’ een meesterverteller. Zijn expressieve stem toont maximale afschuw en mededogen. Britten voegt er nog een beschouwende ‘female chorus’ (Susan Gritton) aan toe, waardoor The Rape soms eerder als een indirect verteld oratorium voelt. Of een hoorspel: luister hoe Tarquinius ‘als een panter’ door de gang naar Lucretia’s slaapkamer gaat, begeleid door sluipend slagwerk.

Mezzosopraan Angelika Kirchschlager is een kranige, geplaagde Lucretia. Mooi hoe ze vastberadenheid, verbittering en troost in één frase weet te leggen. Knussen leidt een adequaat Aldeburgh Festival Ensemble. Het werk is een aangrijpend voorbeeld van menselijk kwaad en zelfbeschikking.

Dat Britten behoefte voelde, aan dit verhaal uit vijfhonderd jaar vóór Christus een christelijke verlossingsboodschap toe te voegen ter verzachting van het leed, doet daarom des te overbodiger aan.