Eindelijk een niet-Europeaan. Eindelijk verandering

Er werden veel namen genoemd, maar slechts weinigen noemden zijn naam Jorge Mario Bergoglio uit Argentinië is de nieuwe paus Als paus draagt hij de naam Francisus I, naar de sobere Franciscus van Assisi

Redacteur Europa

Een Argentijn. Een jezuïet. Een man die van soberheid zijn motto heeft gemaakt. En dan ook nog een met een naam die geen enkele paus voor hem heeft willen of durven aannemen, omdat het vrijwel een programma is: Franciscus.

Jorge Mario Bergoglio, de aartsbisschop van Buenos Aires die gisteravond tot paus is gekozen, is 76 jaar. Maar hij is in veel opzichten een keus die, ondanks de hoge leeftijd van de nieuwe paus, naar verwachting tot grote veranderingen zal leiden, in Rome en in heel de katholieke kerk.

Toen hij gisteren om kwart over acht op het balkon van de Sint-Pieter verscheen, verwees Bergoglio uitdrukkelijk naar zijn voorganger, de emeritus paus, Benedictus XVI. Maar het contrast is groot. Op het conclaaf van 2005 was Bergoglio de tegenkandidaat van Joseph Ratzinger. Hij overtuigde toen in de lunchpauze na de derde stemming zijn aanhangers om op Ratzinger te stemmen.

Nu is hij dan zelf paus geworden. Met een ontspannen „goedenavond” begroette hij het volgestroomde Sint-Pietersplein. „De kardinalen zijn de nieuwe paus bijna aan het einde van de wereld gaan zoeken”, zei hij met een lach. Om daarna te onderstrepen dat hij een weg van „broederschap en liefde” wil gaan – een duidelijke verwijzing naar Franciscus van Assisi.

Bergoglio is een geestelijke die Franciscus’ boodschap van soberheid en nederigheid zelf in praktijk heeft gebracht, ook in de prestigieuze functie van aartsbisschop en kardinaal. Hij verkoos een eenvoudig appartement boven het bisschoppelijk paleis om in te wonen. Hij heeft zijn auto met chauffeur opgegeven en nam regelmatig de bus naar zijn werk. En hij kookte vaak zijn eten zelf in plaats van zich te laten verzorgen door nonnen.

Die bescheidenheid, gekoppeld aan een scherpe geest en een oprecht geloof, hebben hem in brede kring populair gemaakt. Hij is geen man van hokjes. Als jezuïet negeerde hij de gewoonte terughoudend te zijn met bestuursfuncties. Veel leden van zijn orde in Latijns-Amerika voelden sympathie voor de bevrijdingstheologie die probeert Marx en Jezus te verzoenen, maar hij heeft steeds vastgehouden aan een conservatiever standpunt. Hij schrok er niet voor terug om als jezuïet banden aan te knopen met de centrum-rechtse lekenorganisatie Comunione e liberazione, wat zijn internationale netwerk heeft vergroot.

Het plein werd stil voor een gebed

Dat Franciscus I een andere stijl in het Vaticaan zal brengen, lijkt zeker. Meteen al in zijn eerste optreden als paus wist hij een band te smeden met de tienduizenden mensen die hun mobieltjes naar hem ophieven. Op een gegeven moment wist hij al die mensen stil te krijgen met het verzoek om een kort gebed. Traditioneel geeft de paus de menigte de zegen, nu vroeg de nieuwe paus de mensen even voor hem te bidden, om sterkte in zijn nieuwe baan.

Of hij ook in staat is om de curie te reorganiseren, het bestuursapparaat van het Vaticaan, is nog een open vraag. Hij heeft in Spanje en Duitsland gestudeerd, maar heeft verder vooral in Argentinië gewoond en gewerkt. Bergoglio is weliswaar lid van een aantal Vaticaanse congregaties, maar zijn ervaring met de curie is beperkt. Met grote belangstelling wordt uitgekeken wie Franciscus kiest als Secretaris van Staat, de tweede man van het Vaticaan.

Dat hij de curie wil hervormen, overeenkomstig de wens van veel niet-Italiaanse kardinalen, is wel zeker. Niet zo lang geleden waarschuwde hij dat de katholieke kerk te veel in zichzelf gekeerd is. „Tussen een kerk die een ongeluk krijgt op straat en een kerk die ziek wordt omdat ze alleen maar aan zichzelf refereert, prefereer ik zonder aarzelen de eerste.”

Zulke uitspraken geven lucht. Een Italiaanse krant citeerde vlak voor het conclaaf begon anoniem een kardinaal die zei: „Vier jaar Bergoglio is genoeg om de dingen te veranderen.”

Conservatief, maar niet dogmatisch

Bergoglio is in veel opzichten net zo conservatief in zijn persoonlijke overtuigingen als de kardinalen die hem hebben gekozen, zeker als het gaat om het homohuwelijk of abortus. Maar hij is niet dogmatisch. Een half jaar geleden haalde hij hard uit naar priesters die weigeren kinderen te dopen van ongetrouwde stellen. Dat is „hypocriet neo-clericalisme”, zei hij toen. Zoiets hoor je niet vaak in het Vaticaan.

Bergoglio is de eerste niet-Europese paus (als de drie pausen uit Noord-Afrika toen dat nog onderdeel was van het Romeinse rijk buiten beschouwing blijven). Dat kan niet anders dan een enorme impuls geven aan de kerk in heel Latijns-Amerika, waar een groot deel van de 1,2 miljard katholieken wonen. De katholieke kerk zal hierdoor niet alleen in stijl veranderen, maar ook in de manier waarop hij naar de wereld kijkt.

„We wonen in het werelddeel met de meeste ongelijkheid, dat het meest is gegroeid maar de misère het minst heeft weten te verminderen”, hield hij andere bisschoppen uit Latijns Amerika in 2007 voor. „Nog steeds bestaat er een onrechtvaardige verdeling van goederen, waardoor een sociale zonde ontstaat die hemelschreiend is en voor veel van onze broeders de mogelijkheden van een voller leven beperkt.”

Er is in Bergoglio’s verleden een vraagteken dat hem altijd heeft achtervolgd en dat te maken heeft met de militaire junta. Een Argentijnse mensenrechtenadvocaat heeft hem vlak voor het vorige conclaaf begon beschuldigd van medeplichtigheid aan de ontvoering, in 1976, van twee linkse jezuïeten.

Bergoglio heeft dat steeds ontkend. Andere mensenrechtenactivisten verwijten Bergoglio dat hij steeds heeft gezwegen over de tijd van de militaire junta’s, die in hun strijd tegen alles wat links en revolutionair was steun hebben gekregen in kerkelijke kringen. Met Bergoglio kijkt de katholieke kerk naar de toekomst, maar de nieuwe paus zal ongetwijfeld ook prangende vragen krijgen over zijn verleden.

Lees ook het commentaar, pagina 16: ‘Wat de paus moet en kan doen’