Zo grijp je ze bij de kladden

Technici werven

Technici werven // Bedrijven werven technische talenten al vroeg in hun studie Vervolgens moeten ze die talenten aan zich binden En dat lukt bij technici niet met bonussen en lease-auto’s

In sociëteit Het Meisjeshuis in Delft ontmoeten dertig studenten en vijftien vertegenwoordigers uit het bedrijfsleven elkaar volgende week voor een diner. Niet zomaar voor de gezelligheid: er staan wederzijdse belangen op het spel. De studenten zijn op zoek naar een geschikte stageplek, afstudeerproject of misschien zelfs een baan, de bedrijven hopen uitzonderlijk talent binnen te halen.

De studenten, die op basis van hun cv worden uitgenodigd, hoeven niets te betalen voor het etentje. Dat doen de deelnemende bedrijven: ze leggen elk 2.000 euro in. Van het geld dat overblijft, organiseert DOT – de studievereniging van de master Offshore Engineering aan de TU Delft en de initiatiefnemer van het diner – bedrijvendagen, netwerkborrels en in de zomer een studietrip naar Brazilië.

„Er worden heel veel evenementen georganiseerd om bedrijven en studenten met elkaar in contact te brengen”, vertelt Wouter Quast (25), masterstudent aan de TU Delft en DOT-bestuurslid. „Vooral in de olie- en gasindustrie zitten ze te springen om goed personeel. Zo’n bedrijvendiner is een soort speeddaten. In een informele omgeving leer je als student in korte tijd verschillende bedrijven kennen en zij jou.”

Studenten met een technische opleiding zijn gewild bij veel bedrijven. Volgens Caspar Walhout (21), vierdejaars technische natuurkunde aan de Universiteit Twente, komt dat doordat ‘zijn’ soort studenten breed inzetbaar is. „Technische bedrijven, maar ook banken, strategy consultants en grote multinationals als Unilever, willen technische studenten aantrekken. Niet zozeer om onze inhoudelijke kennis van natuur- of scheikunde, maar wegens onze denkwijze. Technische studenten hebben een groot probleemoplossend vermogen.”

Het werven gaat verder dan het ophangen van posters op de faculteit en af en toe een informatief gastcollege, weet Walhout. „Er wordt actief gezocht naar geschikte mensen. Consultancybureaus doen dat weer anders dan technische bedrijven. Die staan niet met een stand op bedrijvendagen, maar gaan persoonlijke gesprekken aan en nodigen mensen uit voor dinertjes en inhousedagen zodat ze zelf kunnen kiezen met wie ze in contact komen.”

Zelf werkt Walhout sinds een jaar drie uur per week als campuspromotor voor hightechbedrijf ASML. Na een geslaagd investeringsprogramma had het bedrijf in juli vorig jaar in één klap 1.200 vacatures te vullen. Nieuwe werknemers willen ze bij voorkeur uit eigen land halen, benadrukt Hank Oosterbaan van ASML. „Onze focus ligt op de Nederlandse universiteiten. De kwaliteit is hier gewoon erg goed.”

Volgens Oosterbaan zijn campuspromotors (of studentrecruiters) erg belangrijk in het wervingsproces. „Ze voorzien medestudenten van informatie en tippen ons als ze een geschikte kandidaat voor een vacature hebben gevonden.” De studenten zelf hebben er ook iets aan: met het promotiewerk verdienen zij maandelijks zo’n 200 euro bij. Wie een slimmerik aanlevert, mag een bonus van vijftien werkuren bijschrijven.

Net als veel andere bedrijven begint ASML al vroeg met werven. Oosterbaan: „Vanaf het tweede studiejaar hebben we een heel bewerkingsprogramma. We houden lunchlezingen en organiseren excursies naar ons hoofdkantoor in Veldhoven. Daarnaast sponsoren we jaarlijks 23 studieverenigingen van de universiteiten van Twente, Delft en Eindhoven. Afhankelijk van de vereniging gaat het om bedragen tussen de 2.000 en 5.500 euro.”

Maar hoe halen bedrijven hun technische talenten uiteindelijk binnen? Volgens Richard Deijkers van het CareerCentre van de TU Eindhoven zijn het vooral „de echte bollenbozen” die al in een vroeg stadium worden ontdekt en vastgelegd. „Studenten electrical engineering of technische informatica bijvoorbeeld, zij worden vaak al tijdens hun studie door bedrijven als Shell en Philips gerekruteerd. Bij dat soort bedrijven is altijd vraag naar hoogopgeleiden. Na een succesvolle stage of traineeship bieden ze zo’n student een baan of een afstudeerplek aan.”

Voor studenten die niet al halverwege hun studie gescout worden, zijn er „vele andere wegen naar een baan”, benadrukt Deijkers. „Er zijn natuurlijk bedrijvendagen. Daarnaast lopen er vanaf 1 april op de campus twee fulltime recruiters rond die de studenten kunnen aanspreken.”

Bij het CareerCentre worden studenten voornamelijk geholpen bij het vinden van het werk dat het beste aansluit bij hun opleiding en ambitie. Want, zo weten ze in Eindhoven, „het vinden van een baan op zich is niet het probleem”.