Not made in Israël

Tot wat voor opwinding een artikel in de Israëlische krant Haaretz niet al kan leiden. Dit dagblad berichtte vorige week dat Nederland van plan was om in navolging van Groot-Brittannië etiketten van producten uit Israël strenger te controleren. De aanduiding ‘Made in Israël’ mag straks niet langer gelden voor goederen die afkomstig zijn uit nederzettingen op de bezette gebieden.

Het bericht zorgde direct voor een verontwaardigde reactie van de Israëlische minister van Binnenlandse Zaken Eli Yishai. Hij vroeg zich af waarom een land dat nog steeds niet voor volledige compensatie heeft gezorgd voor tijdens de Tweede Wereldoorlog ontvreemde Joodse goederen, wel tijd vindt om Joodse producten te labelen. Het voornemen leidde gisteren tot boze vragen in de Nederlandse Tweede Kamer.

De gang van zaken ligt een tikkeltje anders. Reeds vorig jaar mei werd in EU-verband afgesproken nauwer toe te zien op de etikettering van producten afkomstig uit de nederzettingen in bezette Palestijnse gebieden. Zoals minister Frans Timmermans (Buitenlandse Zaken, PvdA) gisteren in de Tweede Kamer stelde: „De nederzettingen liggen niet in Israël en dus mag er op producten die afkomstig zijn uit de nederzettingen, niet staan dat ze komen uit Israël.”

Deze houding is geheel in lijn met het beleid van het vorige kabinet. De toenmalige minister van Buitenlandse Zaken, Uri Rosenthal (VVD) zei vorig najaar nog in de Tweede Kamer dat Nederland „zich volledig voegt” naar de lijn van de Europese Unie. Ook toen de zaak eerder dat jaar in Brussel op ministerieel niveau werd besproken, maakte niemand uit de Tweede Kamer bezwaar. De plotselinge verontwaardiging bij sommige Kamerleden nu doet dan ook gekunsteld aan.

Inhoudelijk valt weinig in te brengen tegen het voornemen om Israël te verbieden producten uit de bezette gebieden te voorzien van de landensticker Israël. Een uit 2000 daterende richtlijn van de Europese Unie stelt dat consumenten niet valselijk mogen worden voorgelicht. Het predikaat ‘Made in Israël’ voor producten uit bijvoorbeeld de Westbank of Oost-Jeruzalem valt onder de categorie valse voorlichting.

Natuurlijk gaat het hier niet louter om technische wetsuitvoering en heeft het besluit wel degelijk ook een politieke lading. Niet voor niets stond de kwestie van de productlabels genoemd onder het hoofdstuk ‘twee-statenoplossing’ in de eerste Midden-Oostennotitie van minister Timmermans van afgelopen december.

Het heeft alles te maken met het nederzettingenbeleid van opeenvolgende Israëlische regeringen, dat door de internationale gemeenschap wordt afgewezen. Ook voor Israël gelden grenzen.