Blijf jij maar gewoon dom

Alles is technologie

Technici, je ziet ze als vuilnismannen: zij liever dan ik Maar de taal van de toekomst is die van de technologie Weet dus hoe 3G werkt, hoe een server draait en wat een satelliet doet

In 1936 trok het Russische echtpaar Lykov met hun twee jonge kinderen de wildernis van Siberië in. De strenggelovige familie was op de vlucht geslagen voor de communisten die op gelovigen jaagden. Dieper en dieper trokken ze de oerbossen in, honderden kilometers voorbij elke vorm van beschaving.

De moeder kreeg in de wildernis nog twee kinderen, Dmitry en Agafia. Die groeiden op zonder ooit iemand anders te zien dan familieleden. Ze wisten enkel uit verhalen wat een stad was, een auto, ruimtevaart, brood, een bad. Agafia sprak in vreemde, zangerige klanken.

Met z’n zessen leefde de familie van zaden, planten en wild, een bestaan aan de rand van de hongerdood dat de moeder niet overleefde. De Tweede Wereldoorlog ging volslagen aan de familie voorbij. Niemand wist van hun bestaan.

Tot in 1978 een paar geologen met een helikopter over het afgelegen gebied bij de Abakanrivier vlogen. Ze zagen tot hun grote verbazing een tuin en een hutje en maakten een landing. Het eerste contact van de familie met de buitenwereld in 42 jaar.

De kennismaking van de familie Lykov met de beschaving verliep niet goed. Binnen drie jaar waren drie van de kinderen dood. De vader en de jongste dochter weigerden in de bewoonde wereld te wonen. De vader stierf in 1988 in zijn slaap, de jongste dochter Agafia, nu in de zeventig, woont nog steeds in haar eentje in de bossen, in een nieuw huisje. Ze snapt de wereld, de maatschappij en de taal niet. Ze wil er geen deel van zijn.

De gemiddelde geschiedenisstudent die bij elke Windows-foutmelding kirt ‘oh, dat snap ik niet, hoor’ is een beetje als Agafia. Gewoon doen alsof je niks met de veranderende wereld te maken hebt. Tot het moment dat je niets meer begrijpt – en je ook niet meer begrepen wordt.

Snap jij hoe jouw telefoon verbinding maakt met het netwerk? Weet jij of het internet kapot kan? Hoe de tandenborstel oplaadt? Wat een satelliet in de lucht doet? Wat sonar is, of 3G, of wisselstroom?

Nee, zeg je, je bent toch geen techneut?

Je ziet technici en technologen een beetje als vuilnismannen. Je hebt geen zin in hun werk, maar het moet gebeuren. Want iemand moet zorgen dat de server draait, de trein rijdt, de smartphone werkt. Dus, vooruit, we bieden een goed salaris en hopen dat genoeg mensen toehappen. Desnoods uit Singapore. Techniek, best belangrijk, maar jij liever dan ik.

Tja.

Het zijn wel de nerds die aan de knoppen draaien. Achter vrijwel elke dienst of product die je gebruikt, schuilt inmiddels een brok computercodes en elektronica. De belastingaangifte, de camera, je pinpas, het liedje op Spotify, je auto, de komkommer in je koelkast die is gekweekt en vervoerd. Grenscontroles, vliegvelden, DNA-tests, de gemeentelijke vuilstortplaats: níéts draait zonder hightech en software.

Natuurlijk, niet iedereen hoeft een baan in de IT of technologie. Maar dan is het nog steeds een goed idee de taal te leren spreken. Want software en technologie zijn niet neutraal. Technologieën sturen, bedoeld of onbedoeld, ons gedrag. Ze maken sommige dingen makkelijk, zoals foto’s delen met vrienden, en sommige dingen heel moeilijk, zoals onopgemerkt van A naar B reizen.

Neem programmeren, al heel lang geen obscure nerdhobby meer – eigenlijk nooit geweest. Wie niets van computers snapt, heeft geen zicht op de keuzes die de opdrachtgevers en programmeurs maken in het ontwerp van hun systemen, stelt schrijver Douglas Rushkoff in zijn boek Program or be programmed, ten commandments for the digital age. Die weet dus ook niet hoe hij beïnvloed wordt. Natuurlijk is er een ov-chipkaart denkbaar waarmee je wél met korting kunt reizen en toch anoniem kunt blijven. Natuurlijk zijn er zoekmachines denkbaar die je niet overvoeren met persoonlijke reclames. Kwestie van slim bouwen. Leer daarom programmeren, zegt Rushkoff. Code, zegt hij, is de toegang tot the control panel of civilization. De vraag is: „Beheers jij de computercode of beheerst de computercode jou?”

En je kunt zo aan de slag. Begin dit jaar, stond gisteren in deze krant, is het ambitieuze code.org gelanceerd, een non-profitorganisatie die in elke school en universiteit programmeerles wil aanbieden. Bill Gates (Microsoft) en Mark Zuckerberg (Facebook) omarmden het project. Op de site kun je direct beginnen met lessen. Is programmeren toch een brug te ver, lees dan eens een boek of site over hoe internet werkt. Wat een telefoon doet. Hoe de elektrische auto werkt en waarom je in zo’n auto nog steeds CO2 uitstoot.

De critical engineer sloopt en kraakt

Maar het gaat niet alleen om wie er aan de knoppen draait, om macht. Het gaat erom of je als Agafia door de wereld dwaalt. Of klakkeloos aanneemt dat de maatschappij is zoals ze is, of dat je je ertoe kunt verhouden, er kritisch over kunt zijn.

Neem de kunstenaars die zich ‘critical engineers’ noemen. Het zijn hackers en technici die kunstwerken maken als de transparancy grenade, een stuk software verpakt als een handgranaat, dat het dataverkeer uit de lucht filtert, ontcijfert en publiceert. Om daarmee iets te zeggen over transparantie in de maatschappij en vrijheid van communicatie.

Critical engineers menen dat engineering „de meest transformerende taal van onze tijd is, die de manier waarop wij bewegen, communiceren en denken vormt. Het is het werk van de critical engineer deze taal te bestuderen en te gebruiken en zijn invloed te tonen”.

Daarom kijkt de critical engineer verder dan het gebruiksgemak van een nieuwe app, een nieuw ding, netwerk of dienst. Hij onderzoekt, sloopt, verbouwt en kraakt de technologie, om te kijken wat de invloed is, wat de keuzes waren, wie er afhankelijk van is, wie er beter van wordt en wie slechter.

En dat zouden veel meer mensen moeten doen: de taal van techniek leren.

Want dan snappen we misschien iets beter waarom roaming nog steeds zoveel geld kost. Hoe Robert M. zijn kinderporno zo lang onopgemerkt kon delen. Waarom de verzekeraar straks je auto wil uitlezen na een ongeluk. Waarom je geen rondslingerende usb-sticks in je computer moet steken. Waarom Google+ eist dat je je echte naam gebruikt. Dan doen we wat de familie Lykov niet meer deed: meedoen.