Verantwoordelijk

Er zit veel rek in het begrip verantwoordelijkheidsgevoel, met grote creativiteit wordt er steeds een iets andere invulling aan gegeven.

Een gaaf voorbeeld hiervan is de houding van burgemeester Rob Bats van Haren en de Groningse korpschef Oscar Dros, inmiddels wegens gebleken verdiensten door minister Opstelten – die van Veiligheid! – opgewaardeerd tot politiechef van Noord-Nederland. Zij boden hun excuses aan voor wat er fout was gegaan – alles dus – bij de rellen in Haren. Maar zij voegden daar in één adem aan toe dat zij wilden aanblijven. „Het is mijn voornemen mijn verantwoordelijkheid in Haren te blijven nemen”, zei de burgemeester.

Daar hebben we haar: de verantwoordelijkheid. Zie hoe inventief de burgemeester het woord naar zijn belang toebuigt. Hij zegt niet: „Ik aanvaard de consequenties van mijn verantwoordelijkheid voor de puinhoop in Haren en treed af.” Nee, hij laat zien dat hij zo buitengewoon veel verantwoordelijkheidsgevoel heeft dat hij juist moet aanblijven. Hij doet het voor ons, hij wil ons niet in de steek laten!

Het is een razend knappe vernieuwing van een sleets geworden begrip. Bats en Dros zullen er school mee maken. Of hebben ze de kunst afgekeken van Berlusconi? Die stortte eerst zijn land in de afgrond om zich een poosje later weer aan te melden als hoofd van de reddingsbrigade. Hij gaat zich steeds verantwoordelijker voelen voor wat hij in Italië aanricht. Zondag riep hij zijn aanhangers op om bij het Paleis van Justitie in Milaan te protesteren tegen de voorzetting van het seksproces tegen hem. Enkele uren later gelastte hij de actie alweer af ‘uit verantwoordelijkheidszin’.

Berlusconi die zich beroept op verantwoordelijkheidszin – dat is zoiets als een terrorist die na het opblazen van een vliegtuig de nabestaanden van de slachtoffers condoleert.

Ik moet nu terugdenken aan Onno van Schayck, de Maastrichtse hoogleraar preventieve geneeskunde, die dankzij een gebed bij iemand een te kort been zag aangroeien. Toen daar kritiek op kwam, trad hij af als directeur van het medische onderzoeksinstituut Caphri. Als hoogleraar blijft hij aan, kennelijk doet het er in die functie minder toe wat je zegt. Zijn verantwoordelijkheidszin zal het hem ingegeven hebben.

Omdat externe invloeden mij evenmin onberoerd laten, probeer ik het nieuwe verantwoordelijkheidsgevoel ook in mijn eigen leven toe te passen. Dat bevalt mij bijzonder goed, vooral in de huiselijke situatie. Het geeft je nieuw elan, doordat je de altijd zo zware schuldgevoelens nu als een veertje van je schouders kunt kloppen. Het kan wel tot lastige discussies leiden.

„Jij hebt vannacht de achterdeur niet op slot gedaan”, zei ik op een morgen tegen mijn vrouw.

„Ik was het vergeten”, zei ze, „maar jij doet ’s nachts de laatste check.”

„Ik was het ook vergeten”, zei ik, „maar jij bent de eerstverantwoordelijke.”

„En jij de laatstverantwoordelijke.”

We hebben gemerkt dat je deze discussies op tal van terreinen kunt hebben. Echtparen die nog in de fase verkeren van wel of niet gezinsuitbreiding, weten wat ik bedoel. Bij ons gaat het meer over de achterdeur, het uitzetten van de verwarming en het afstellen van de wekkerradio. Minder beladen onderwerpen, maar pas op.

„Misschien moeten we er maar Job Cohen bij halen”, zei ik laatst, „hij kost wat, maar dan weet je ook wie er verantwoordelijk was.”