Soekarno's portretten verdwijnen

Het Dagelijks Commentaar in het Algemeen Handelsblad van 13 maart 1967 ging over Indonesië.‘Soekarno’s portretten verdwijnen’, stond er boven. Een foto stond er niet bij, die verscheen pas twee dagen later op de voorpagina: ‘In de Journalistenclub in de Indonesische hoofdstad Djakarta wordt het portret van Soekarno van de muur gehaald en vervangen door dat van de waarnemend president, Soeharto’.

Een tamelijk zakelijk bijschrift dat de indruk wekt dat sprake was van een bijkans routinematige gebeurtenis – en dat was het in feite ook. Pas een jaar later, in maart 1968, mocht boerenzoon Soeharto zich formeel president van Indonesië noemen, maar in feite had de generaal de jaren daarvoor al beetje bij beetje de macht afgesnoept van ir. Soekarno, grondlegger van de Indonesische onafhankelijkheid en de eerste president van de republiek.

Soeharto pleegde ‘een sluipende staatsgreep’, schreef de toenmalige Indonesië-correspondent Dirk Vlasblom in mei 1998 toen in Jakarta opnieuw studenten de straat op gingen en voor Soeharto de tijd was aangebroken om zijn biezen te pakken.

Het zaad voor de omwenteling was gezaaid in 1965, het jaar waarin Indonesië in de woorden van Soekarno ‘gevaarlijk leefde’. Na de moord op zes generaals brak een klopjacht uit op (vermeende) communisten. Tussen oktober 1965 en maart 1966 werden volgens de meeste historici zeker een half miljoen mensen gedood.

In maart 1966, een jaar voor de openbare portrettenwisseling van 1967, werd de eerste openlijke stap gezet in de ‘sluipende’ staatsgreep. President Soekarno machtigde generaal Soeharto ‘alle noodzakelijke stappen te ondernemen om rust en orde te verzekeren en een stabiele afwikkeling van het landsbestuur te waarborgen’. Geheel vrijwillig gaf Soekarno de presidentiële order niet af: het staatspaleis was omsingeld en hij was gevlucht naar zijn buitenverblijf in Bogor.

Op 23 februari 1967 meldde de Nieuwe Rotterdamse Courant de volgende, logische stap: ‘Suharto thans bekleed met alle regeringsbevoegdheden’. Er was slechts een kleine troost voor de uitgeschakelde Soekarno: ‘hij houdt de titel van president’.

Nederland, dat als ex-kolonisator Soekarno niet bepaald koesterde, hield zich op de vlakte. ‘Een woordvoerder van het Nederlandse ministerie van Buitenlandse Zaken heeft [..] desgevraagd verklaard dat de Nederlandse regering het Indonesische volk toewenst dat de gevonden oplossing een bijdrage zal leveren aan de interne stabilisatie en aan het algemeen welzijn’.

Wim Brummelman