Ontmaskering

Nog geen week na mijn stukje over de bedrieger in de film The Imposter kwam de Volkskrant met de ‘ontmaskering’ van Patricia Perquin, schrijfster van artikelen en boeken over de hoererij. Dank! Ik vind oplichters interessant omdat ze onze neiging tot goedgelovigheid zo treffend illustreren.

Perquin beschreef haar ervaringen als prostituee op de Wallen. Ze groeide zelfs uit tot een autoriteit op dit gebied door de gesprekken die ze met wethouder Asscher en burgemeester Van der Laan van Amsterdam had. Enkele van haar aanbevelingen kwamen in de prostitutienota van de gemeente terecht. „Wie een realistisch beeld wil hebben van hoe het er op de Wallen aan toegaat moet het boek van Perquin maar lezen”, zei Asscher.

De ‘ontmaskering’ door de Volkskrant maakt op mij een ietwat incomplete indruk. De verslaggevers moeten toegeven dat zij aanwijzingen hebben dat Perquin „wel degelijk achter de ramen stond”. Zij voegen eraan toe: „Maar ging het zoals ze in haar boek (Achter het raam op de Wallen) schrijft?” Het antwoord op die vraag mag de lezer zelf geven, ik heb liever dat de krant dat voor mij doet. Maar de suggestie is duidelijk: zo ging het niet.

Die suggestie wordt onderbouwd met tal van sprekende feiten. Achter het pseudoniem Patricia Perquin blijkt Valérie Lempereur schuil te gaan, een journaliste met een dubieuze reputatie, die al in de jaren negentig wegens ‘fraude en bedrog, meermalen gepleegd’ door Peter R. de Vries ontslagen moest worden. Het Belgische dagblad De Morgen wilde al niet meer met haar in zee gaan, maar Het Parool, het AD en uitgever Prometheus hadden daar geen moeite mee.

Hoofdredacteur Barbara van Beukering van Het Parool wist wie Perquin was, maar geloofde haar, uitgever Mai Spijkers van Prometheus vertrouwde op Het Parool en liet zelf geen onderzoek doen. Het is niet de eerste keer dat kranten en uitgevers zich daarmee in moeilijkheden brachten.

Het Parool publiceerde in 2006 een serie columns van ene Johan Kelders, die over zijn ervaringen als zwerver schreef. Uitgeverij Nijgh & van Ditmar bracht er een bundel (Zwerver) van uit. De krant vertrouwde Kelders „op de intuïtie” van de toenmalige hoofdredacteur en een verslaggever. Ik heb sindsdien steeds sterkere aanwijzingen gekregen dat die hele Kelders nooit bestaan heeft, althans, niet als zwerver. Als ik hem daarmee te kort doe, nodig ik hem bij dezen uit mij alsnog te overtuigen - ik beloof hem anonimiteit.

NRC Handelsblad kwam in de jaren negentig op de zelfgezette koffie met een serie columns van ene Ferdy Verschuur, die over zijn avonturen als gevangene schreef. De columns stonden op de Achterpagina, wat de vraag kan doen rijzen of die Abrahams, en zeker die vrouw van hem, eigenlijk wél bestaan – maar daarover een andere keer. Ferdy Verschuur bestond in ieder geval niet, de man erachter bleek een notoire oplichter te zijn. Ook zijn stukjes belandden in een boek.

Wat leert ons dit alles? Dat kranten en uitgevers er goed aandoen de antecedenten van dergelijke medewerkers in spe na te pluizen. Als er geen mogelijkheden zijn om de gangen na te gaan, kunnen ze beter van publicatie afzien.

Ik wil nog graag wijzen op een opvallende overeenkomst tussen ‘Patricia Perquin’ en Frédéric Bourdin, de bedrieger uit The Imposter. Beiden brachten zichzelf onnodig in problemen door in een interview naar voren te treden. Iedereen heeft behoefte aan erkenning.