Morlot dirigeert ouderwets concert in Rotterdam

Klassiek

Rotterdams PhiIharmonisch Orkest. Gehoord: 7/3 De Doelen.

Het Rotterdams Philharmonisch Orkest speelde een ouderwets concert, zoals dat ook vele decennia geleden had kunnen klinken. Want er is geen verband te ontdekken tussen het Pianoconcert nr 21 KV 476 van Mozart, de toneelmuziek bij Pelléas et Mélisande van Fauré en de Achtste symfonie van Dvorák. Of het moest zijn dat die laatste stukken dateren uit 1889.

Er is niets tegen een avond niet-musicologisch beredeneerde mooie muziek. Maar zoals een van Mozarts bijzonderste pianoconcerten nu klinkt, is toch achterhaald sinds de ‘authentieke’ beweging die streeft naar uitvoeringen zoals in de tijd van ontstaan. De Britse pianiste Imogen Cooper gaat even vaardig als stevig en luid te werk, rechttoe-rechtaan zelfs. Het fameuze Andante, dat zo vervoerend verheven kan zweven, komt niet van de grond. Het orkestrale aandeel is even 19de-eeuws van karakter: weinig detaillering en zorgvuldige articulatie. Zo had het kunnen klinken in 1889, toch nog een verband in het geheel!

De Franse dirigent Ludovic Morlot (1974) kan wel wat. Hij is chef in Seattle en bij de Brusselse Opera, hij dirigeerde in Boston, New York, Chicago, Cleveland, Dresden, Rotterdam en het Concertgebouworkest in Amsterdam. De laat-romantische muziek van Fauré bij het mystieke en symbolistische verhaal van Pelléas et Mélisande klinkt welluidend, fraai gemodelleerd. De Achtste van Dvorák is mooi van klank, energiek, wervelend, poëtisch, speels en lyrisch.