Een prostituee naar wie werd geluisterd

Amsterdam heeft zich bij de strenge aanpak op de Wallen laten adviseren door een ex-prostituee. Haar achtergrond blijkt omstreden.

Is het strenge Amsterdamse prostitutiebeleid gebaseerd op informatie van een bedrieger? Die vraag is dit weekend opgekomen door een publicatie in de Volkskrant. De raadsfractie van de VVD heeft hem inmiddels formeel voorgelegd aan B en W.

In het stuk werd onthuld wie er schuilgaat achter het pseudoniem Patricia Perquin. Onder die naam heeft Valerie Lempereur Achter de ramen op de Wallen (2011) geschreven, een boek dat burgemeester Van der Laan regelmatig heeft aangehaald ter toelichting van zijn visie op het prostitutiebeleid. Onder die naam heeft ze destijds wethouder Lodewijk Asscher af en toe gesproken over de Amsterdamse prostitutiebranche. En onder die naam heeft ze de fractievoorzitters in een vertrouwelijke sessie verteld over de praktijk van het beroep dat zij heeft uitgeoefend.

Maar heeft Patricia Perquin het beroep van prostituee wel uitgeoefend zoals ze het beschrijft in Achter de ramen op de Wallen, en in de columns voor Het Parool en het AD waarop dat boek gebaseerd is? Ze schrijft dat ze vierenhalf jaar heeft gewerkt: „39.408 uren”. En dat ze in die tijd genoeg geld heeft verdiend om anderhalve ton schuld af te betalen. Maar ze schrijft vooral over de slechte omstandigheden waaronder de vrouwen werken en over de machtspositie van pooiers, clubeigenaren en de mannen die de ramen verhuren. Ze schrijft over een gebrandmerkte en gedwongen aan haar borsten geopereerde collega die „rechtstreeks van het platteland’’ in Hongarije naar Amsterdam is gebracht.

Twee weken geleden kondigde burgemeester Van der Laan een verscherping van het Amsterdamse prostitutiebeleid aan. De leeftijd waarop een prostituee voor een exploitant mag werken, gaat omhoog van 18 naar 21 jaar. In de vroege ochtend mag er niet worden gewerkt. De exploitanten moeten zich ervan vergewissen dat de vrouwen die voor hen werken zich op z’n minst in Engels, Duits of Spaans verstaanbaar kunnen maken. En ze moeten een goede administratie voeren en een bedrijfsplan hebben waarin de rechten en arbeidsomstandigheden van de vrouwen worden gewaarborgd. Alles om de vrouwen meer weerbaar te maken ten opzichte van de mannen.

Laat deze kwesties nu ook allemaal passeren in het boek van Patricia Perquin. Haar aanbevelingen stroken met die van het stadsbestuur. Vorig jaar stelde wethouder Eric van der Burg voor een deel van de woninghuur voor prostituees te betalen om het hun makkelijker te maken met het vak te stoppen. Met Patricia Perquin gevoerde gesprekken stonden volgens zijn woordvoerder „mede aan de basis van de maatregelen”. Burgemeester Van der Laan verwees in de raad en in de Eerste Kamer naar haar en haar boek om zijn visie te staven.

In een gesprek met journalisten, vorige maand, zei hij met zoveel woorden dat hij zich ergerde aan de opvattingen van Perquins tegenstanders in het debat, zoals de mensen achter de voormalige ‘vakbond’ De Rode Draad. Die stellen volgens de burgemeester de Wallen voor als een ouderwets gezellige plek, waar vrouwen uit vrije wil werken.

Wat zegt dit over de invloed van Patricia Perquin op het Amsterdamse prostitutiebeleid? De VVD vraagt nu hoe zij betrokken is (geweest) bij het „treffen van beleidsmaatregelen aangaande de prostitutie”. En: „In hoeverre zijn bepaalde problemen of beleidsmaatregelen alleen (…) op haar verhalen gebaseerd?”

Op die eerste vraag weet de VVD het antwoord al: fractievoorzitter Robert Flos heeft zelf met haar vergaderd en hij was van haar „onder de indruk’’. Perquin heeft de gemeente ook indirect, via het Prostitutie Gezondheid Centrum „acht uur per week en op zzp-basis” van advies gediend. Een woordvoerder van de gemeente laat vanochtend weten dat de gemeente de afspraken met haar opschort tot met Patricia Perquin gesproken is. Zij is zelf niet in staat commentaar te geven, laat haar advocaat weten.

Patricia Perquin heeft zeker een stempel gezet op het prostitutiebeleid, in bijeenkomsten met politici, bestuurders en ambtenaren. Maar de aanscherping van het Amsterdamse prostitutiebeleid dateert van veel eerder. Vanaf 2005 zocht toenmalig wethouder Asscher al naar maatregelen tegen uitbuiting, misbruik en onderdrukking in de branche. In een interview met De Telegraaf in januari 2010 noemt hij verhoging van de minimumleeftijd voor prostitutie en beperking van de openingstijden al. In zijn boek De ontsluierde stad uit datzelfde jaar zegt hij dat het „een morele plicht was dat we het kwaad zouden bestrijden”. Dat was ruim anderhalf jaar voor de eerste column van Patricia Perquin verscheen.