Doodseskaders El Salvador gekopieerd in Irak

James Steele

‘Ik geef geen antwoord op een hypothetische vraag”. De Amerikaanse oud-minister van Defensie, Donald Rumsfeld, zegt het tegen het eind van de documentaire James Steele: America’s mystery man in Iraq tijdens een persconferentie. De journalist wil weten wat de minister vindt van de doodseskaders die zich onder de – door de Verenigde Staten getrainde – speciale politiecommando’s in Irak zouden bevinden. „Ik heb geen verslagen gezien dat honderden mensen zouden zijn gedood”, zegt de minister.

Maar uit de vorige week gepresenteerde documentaire (http://tinyurl.com/cj64xuw), van The Guardian en BBC Arabic, blijkt tien jaar na de inval in Irak dat twee van Rumsfelds militaire adviseurs wel degelijk betrokken waren bij de oprichting van de commando’s. Die moesten aanslagen op shi’ieten door sunnieten, die na de val van Saddam Hussein de macht hadden verloren, voorkomen.

Het heette de ‘Salvadoraanse Oplossing’, naar de twaalf jaar durende impasse in El Salvador, waar marxistische rebellen in de jaren tachtig de macht wilden overnemen en de VS het leger steunde en financierde om de opstand neer te slaan. Meer dan 70.000 mensen kwamen om het leven. Een goede introductie in de terreur van dat conflict is nog altijd de film Salvador van Oliver Stone (1986).

De twee Amerikaanse adviseurs in Irak hadden hun werk volgens de documentaire in El Salvador geleerd. Oud-kolonel James Steele rapporteerde aan Rumsfeld, die zijn memo’s zou hebben doorgestuurd aan president George W. Bush en vicepresident Dick Cheney. Oud-kolonel James Coffman rapporteerde aan generaal David Petraeus, architect van de ‘surge’ in Irak en de latere CIA-directeur.

Of de twee direct betrokken waren bij martelingen is onduidelijk. Maar dat de Amerikanen onder de regering-Bush geen moeite hadden met mishandeling als er inlichtingen verkregen moesten worden, is bekend. De Brit Philippe Sands legt bijvoorbeeld in zijn boek Torture Team uit hoe juristen de regering bijstonden in het ontwerpen van verhoortechnieken zodat federale en internationale wetten tegen marteling niet zouden gelden.

Ook het gebruik van de Salvadoraanse Oplossing was eerder bekend. In 2005 schreef het tijdschrift Newsweek dat niet Vietnam maar El Salvador voor Bush en de zijnen het voorbeeld was voor het neerslaan van de opstand in Irak. En de Amerikaanse journalist Peter Maass legde datzelfde jaar een connectie tussen Steele en de Iraakse commando’s in een huiveringwekkend verhaal in The New York Times over de doodseskaders (http://tinyurl.com/d957mfw).

In het kantoor van generaal Adnan Thabit, „de baas van de meest afschrikwekkende militie in Irak”, ontmoet Maass Steele. Nu vertelt hij in de documentaire dat terwijl hij Steele interviewt op de achtergrond „gegild wordt van pijn en angst”. In het kantoor zijn duidelijke bloedsporen te zien, zegt Maass’ fotograaf.

Het Pentagon zegt naar aanleiding van de documentaire „de zaak te bestuderen”.