Bij Hitler op schoot

En wat als Adolf Hitler ineens weer springlevend zou opduiken in Duitsland? De journalist Timur Vermes ging dit gedachtenexperiment aan en schreef een bestseller: ‘Er ist wieder da’. Is nu ook in Duitsland de tijd rijp voor humor om Hitler?

Maurizio Cattelan: HIM (2001. Biddend schooljongetje met het hoofd van Hitler) Foto Bloomberg/ Guggenheim

Door onze correspondent

In de zomer van 2011 ontwaakt Adolf Hitler om onopgehelderde redenen op een braakliggend terrein in het centrum van Berlijn. De Duitse dictator van wie werd aangenomen dat hij april 1945 zelfmoord pleegde, mankeert niets. Zijn militaire uniform is wat modderig en ruikt sterk naar benzine. Hitler staat op en wandelt de wereld in, zonder Führerbunker, zonder oorlog en zonder Eva Braun. Hij ontwikkelt zich in korte tijd tot een razend populaire tv-persoonlijkheid met een eigen show op een commerciële tv-zender. Zijn doel is om zo snel mogelijk weer zijn functie als Führer van het ‘Groot Duitse Rijk’ te hervatten. Want zo stelt hij vast: „Alles bij elkaar waren de omstandigheden voor mij uitstekend.”

In zijn bijna 400 pagina’s tellende romandebuut Er ist wieder da (Hij is terug) werkt free-lance journalist Timur Vermes (1967) het gegeven uit van de nazileider, die „uit de tijd valt” en die een vervolg schrijft op het nog altijd verboden boek Mein Kampf. Hitler kijkt naar het moderne Duitsland en levert kritiek: op het gesjacher van politieke partijen, op kennelijk krankzinnige mensen die hondenkeutels oprapen, op kooktelevisie en jonge Turken in heel grote broeken. De Europese Unie vergelijkt hij met een jongensclub: daarbij gaat het ook altijd om de vraag wie de baas is en hoeveel snoep iedereen van huis moet meenemen om mee te mogen doen. De huidige extreemrechtse partij NPD beschouwt Hitler als een stelletje laffe washandjes. Zelf wordt hij overigens door neo-nazi’s het ziekenhuis ingeslagen. Ze noemen hem een ‘Turkenjood’ die de nationalistische beweging belachelijk wil maken. Vermes tekent de opwinding op, die rond de ‘GröFaZ’ (Grösste Feldherr aller Zeiten) op internet ontstaat. Men houdt hem voor een komediant, een grandioze meester in method acting. Alleen het boulevardblad Bild maakt in de roman bezwaar tegen de „gestoorde YouTube-Hitler” en stelt de vraag: „Is dat nog humor?”

En dat is precies de vraag waarover Duitsland nu al weken in bezorgde opiniestukken, interviews en talkshows praat. Want het boek van Vermes is net zo’n hype als de hype die hij beschrijft: al meer dan drie maanden staat Er ist wieder da op nummer één van de Duitse bestsellerlijsten. Zeker een half miljoen exemplaren zijn verkocht en nog eens honderdduizenden luisterboeken. De schrijver zelf staat elke avond ergens in Duitsland zijn lezers te woord. Inmiddels zijn de rechten van het boek verkocht uitgaven in voor 22 talen. De Nederlandse vertaling wordt eind september verwacht. Maar of die in de buurt zal komen van het Duitse succes staat te bezien.

In tegenstelling tot Nederland is Duitsland 68 jaar na het eind van de Tweede Wereldoorlog nog altijd geobsedeerd door de persoon van Adolf Hitler. En lachen om Hitler, verantwoordelijk voor de Holocaust, is nog steeds omstreden. In het tv-programma Hart aber fair, dat onlangs naar aanleiding van het succes van Vermes gewijd was de vraag „waarover mag Duitsland lachen”, zei Bondsdaglid Erika Steinbach (CDU) dat ze het beu was het gezicht van Hitler steeds maar weer tegen te komen: „Hitler wordt ingezet om de kassa te laten rinkelen.”

In dezelfde show erkende de hoofdredacteur van het satirisch magazine Titanic, Leo Fischer, die de afgelopen jaren acht keer het gezicht van Hitler op de cover zette, dat dit telkens een oplagestijging van twintig procent tot gevolg had. „De Duitsers verlangen hevig naar onschuld en zij verdringen het feit dat het antisemitisme in Duitsland toeneemt,” zei Fischer. Daarom wordt Hitler in Duitsland volgens hem meestal als een soort alien voorgesteld, een demon los van de geschiedenis en van het heden.

Vermes breekt daarmee: hij heeft een ik-roman geschreven. Daarover zei hij: „Ik laat Hitler ontwaken in het heden en kijk wat hij zou doen. Men kan het als een soort experiment beschouwen. De lezer volgt dit experiment op de eerste rang: direct vanuit het hoofd van de Führer”. Het is dit perspectief dat voor opschudding zorgt.

Buiten Duitsland was Hitler al sinds The Great Dictator (1940) van Charles Chaplin een geliefd onderwerp van spot en satire. Een ander hoogtepunt was de film The Producers (1968) van Mel Brooks. De film kreeg e een remake als musical (2001), en die werd ook weer verfilmd (2005, regie Susan Stroman). Met name het grootscheepse shownummer It's springtime for Hitler, and Germany maakte indruk. Mel Brooks verklaarde in een interview met Der Spiegel dat hij veel protesten had gekregen van mensen die vonden dat je van de man die de dood van zes miljoen Joden op zijn geweten heeft geen schertsfiguur mag maken. Brooks stelde dat hij geen grappen maakte over de Holocaust, maar juist wel over Hitler zelf: „We ontnemen hem de heilige ernst die hem nog steeds beschermt als een ondoordringbare verdedigingsgordel.”

Duitsland kreeg in 2007 zijn eerste volwassen Hitler-satire: de film Mein Führer – Die wirklich wahrste Wahrheit über Adolf Hitler van Dani Levy. Walter Moers, de schrijver en striptekenaar van succesvolle Adolf-strips wordt door velen aangewezen als degene die al eerder de Hitler-figuur naar de tegenwoordige tijd overplantte. Hij is momenteel bezig via crowdfunding geld te verzamelen voor Adolf der Film.

De Neue Zürcher Zeitung constateerde afgelopen week dat er kennelijk, tientallen jaren na de oorlog, maar geen eind komt aan Hitler-satires. Maar tegen de vorm die Vermes gekozen heeft, die van de ik-roman, tekent de Zwitserse krant verzet aan. „Je wordt gedwongen je in te voelen in de hoofdpersoon. Deze Hitler is geen schertsfiguur. Je lacht niet zozeer over hem als mét hem.”

De Duitse humor-specialist Patrick Merziger vindt dat geen argument tegen het boek. „Het boek is gelukt voor zover het de meedogenloze logica van Hitler begrijpelijk maakt en die tegelijkertijd als belachelijk voorstelt, in contrast met de huidige samenleving en haar regels.”

In het dertigduizend inwoners tellende stadje Bad Herfeld, midden in Duitsland, blijkt hoe gevoelig de kwestie ligt. Voor de jaarlijks leesbevorderings-actie ‘Bad Hersfeld leest een boek’ had de jury het boek van Vermes uitgekozen. Vorige week keurde het stadsbestuur dat plan af: de „pedagogische en inhoudelijke begeleiding van de brede thematiek” van het boek zou te veel geld kosten.

Vermes zelf laat zich als echte successchrijver door de kritiek niet uit het veld slaan. „Ik krijg het verwijt dat Hitler in het boek veel te sympathiek overkomt,” zei hij tegen de zender N-tv. „Geloven deze lezers dan dat je boosaardige, slechte of gevaarlijke mensen herkent, doordat zij altijd compleet en volledig onsympathiek zijn?” De schrijver heeft geen tijdvoor sombere praatprogramma’s over humor: hij praat ’s avonds met zijn fans.

Er ist wieder da. Eichborn Verlag. 396 pagina’s. Prijs €26,99. De Nederlandse vertaling komt uit bij De Bezige Bij Antwerpen