SNS: geen enkel besef van risico's

Het duurde lang voordat duidelijk werd dat de vastgoedpoot SNS fataal zou worden. Pas medio 2012 „steeg bij iedereen de urgentie”.

Voormalig directeur Arnold Schilder van De Nederlandsche Bank (DNB) liet er geen twijfel over bestaan. Hij heeft in 2006 de overname van Bouwfonds Property Finance door bank en verzekeraar SNS Reaal niet goedgekeurd. „Dat was geen zaak voor de directie”, zei de toenmalig toezichthouder gisteren. „Dat besliste in die tijd de divisiedirecteur.” Alleen als een dergelijke overname „controversieel” was, boog de directie zich erover.

De betrokken divisiedirecteur, Rudi Kleiwegt, zag eveneens geen problemen in de vastgoedacquisitie die bijna zeven jaar later de vierde bank van Nederland liet omvallen. Ook hij woonde de hoorzitting in de Tweede Kamer bij. „In mijn beleving hebben we er toen goed en grondig naar gekeken.”

SNS Reaal had een goed gevulde kas, de vastgoedpoot zorgde voor een mooie spreiding van de activiteiten bij de bank en van fraude was nog geen sprake. Kleiwegt vond het niet nodig zijn directie of het ministerie van Financiën erover te raadplegen.

Het gemak waarmee groen licht werd gegeven aan de acquisitie van de internationale vastgoedfinancieringen en -projecten door SNS Reaal maakte gisteren in de hoorzitting nog eens duidelijk dat er bij het toezicht geen enkel besef was van mogelijke risico’s.

Huidig toezichthouder Jan Sijbrand herhaalde dat de directie van De Nederlandsche Bank nu geen groen licht zou geven voor een dergelijke overname. „Je zou nu kijken: weten ze iets van vastgoed, weten ze iets van het buitenland? En als dat beide niet het geval, moet je grote vraagtekens zetten.”

De hoorzitting moest de Tweede Kamer inzicht bieden hoe het zo mis kon gaan met SNS Reaal, terwijl de eerste problemen met de vastgoedportefeuille zich al jaren geleden voordeden. Pas op 1 februari werd SNS voor 3,7 miljard van de ondergang gered. Kon er echt niet eerder worden ingegrepen door de overheid en DNB? Heeft de bank zelf goed en tijdig gehandeld? En had de accountant KPMG niet eerder aan de bel moeten trekken? Of was de nationalisatie eigenlijk niet helemaal nodig en slechts het gevolg van paniekvoetbal?

De uitgenodigde accountants, commissarissen en toezichthouders zullen de honger naar informatie van de Kamer nog niet bevredigd hebben. De oude SNS-top was niet aanwezig, evenals enkele prominente DNB-bestuurders en bewindslieden. SP’er Arnold Merkies noemde de hoorzitting dan ook „een opstapje richting parlementair onderzoek dat er moet komen”.

Piero Overmars, voorzitter van de raad van commissarissen van SNS Reaal, maakte duidelijk dat de bank en verzekeraar het ministerie van Financiën de afgelopen jaren meermaals heeft voorgesteld de verliesgevende vastgoedportefeuille onder te brengen in een bad bank. Ook dan was staatssteun nodig geweest, maar dan was de bank en verzekeraar in ieder geval overeind gebleven. „Waarom dat niet gebeurde? Dat moet u aan de staat vragen”, zei Overmars tegen de Kamerleden.

Pas als het „echt niet meer zou gaan” zou de bank op financiële steun van de overheid kunnen rekenen, zei Overmars na afloop van de hoorzitting. Dat was halverwege 2012. „Toen veranderde de status van de gesprekken en steeg bij iedereen de urgentie.”

Volgens Sijbrand van De Nederlandsche Bank had een bad bank in een vroeger stadium nauwelijks verschil gemaakt. „Ook dan had de overheid financieel weer moeten bijspringen als de waarde van het vastgoed verder was gedaald.”

Wouter Koolmees (D66) wilde weten of de overheid niet het voorbeeld had kunnen volgen van ING waar de staat garanties gaf op de vergiftigde, Amerikaanse hypotheken. „Die vergelijking gaat niet op”, zei toezichthouder Sijbrand. „Van de hypotheken in Amerika wisten we dat de waarde weer omhoog zou gaan, bij het vastgoed van SNS is dat zeker niet het geval.”