‘Het oude continent reageert veel te traag’

Alle Europese staalgiganten schrijven rode cijfers. „Maar onze mogelijk- heden zijn bij lange na nog niet uitgeput”, zegt Karl-Ulrich Köhler van Tata Steel in Europa.

Topman Karl-Ulrich Köhler voor het hoofdkantoor van Koninklijke Hoogovens, nu onderdeel van Tata Steel. Het gebouw werd in 1951 ontworpen door de Nederlandse architect Dudok. Foto Maarten Hartman

Toen hij 16 jaar was, hoefde Karl-Ulrich Köhler op zondag voor één keer niet naar de kerk – zijn vader nam hem mee naar de staalfabriek in Duisburg-Ruhrort, waar hij werkte. „Ik raakte gefascineerd door het proces. Zo’n groot vat waar vuurrood vloeibaar staal uitstroomt. Die getemde energie is voor iemand met een passie voor techniek een eldorado. Dat was het moment waarop ik besloot om carrière te maken in de staalindustrie.”

Die carrière beslaat nu 33 jaar en bracht Köhler (56) drie jaar geleden op de positie van bestuursvoorzitter van Tata Steel in Europa, een staalproducent met 33.000 werknemers, waarvan 9.000 in IJmuiden. De Europese activiteiten zijn onderdeel van de Indiase Tata Group, een conglomeraat van bedrijven met een jaaromzet van 75 miljard euro.

Deze week hebben alle 450.000 medewerkers de geboortedag – 3 maart 1839 – van oprichter Jamsetji Nusserwanji Tata herdacht. Op het bureau van Köhler ligt een lichtblauw plastic armbandje met Wear it blue erop, de kleur van het Tata logo. Het concern doet veel aan liefdadigheid en de geboortedag van de oprichter gaat altijd gepaard met een inzamelactie onder de werknemers. Dit jaar is de opbrengt bestemd voor het Koningin Wilhelmina Fonds en een ziekenhuis voor kankerpatiënten in Calcutta in India.

Köhler werkte altijd bij Europese bedrijven en nu bij een Aziatisch concern. Wat is voor de Duitse manager nu het onderscheidende van het management uit Mumbai in de deelstaat Maharashtra, waar Tata’s hoofdkantoor is gevestigd? „In India blikt men minder terug, en is men optimistischer. Tata lijdt niet aan Befürchtung [vrees, red.]”, zegt Köhler. „Gechargeerd gezegd: Europa stagneert en India ontwikkelt zich razendsnel.”

Vanuit zijn kantoor zijn de witte pluimen van de hoogovens waar het ijzererts wordt gesmolten te zien. In de hoek staan een paar zwarte werkschoenen met stalen neus. Op de onderste plank van zijn boekenkast ligt een blauw-gele overall met een helm en veiligheidsbril – het verplichte tenue op het fabriekscomplex dat ooit van Koninklijke Hoogovens was en met 750 hectare één van de grootste bedrijfsterreinen van Nederland is.

„Ik vind het heerlijk om over het terrein te lopen en de staalproductie van dichtbij te beleven”, zegt Köhler. „Ik hou van deze sector en de hechte kameraadschap onder de medewerkers.”

Maar de Europese staalindustrie heeft het zwaar en schrijft rode cijfers. ArcelorMittal, ThyssenKrupp, Tata Steel in Europa – alle staalgiganten lijden recordverliezen. In België schrapt ArcelorMittal bijvoorbeeld zeven van de twaalf productielijnen. In Europa ligt de vraag naar staal zo’n 30 procent onder het niveau van 2007, het jaar waarin het faillissement van de Amerikaanse zakenbank Lehman Brothers de huidige crisis inluidde. De vraag naar staal is laag, doordat de productie in de belangrijkste twee afzetmarkten – auto-industrie en bouwsector – is ingezakt.

Behalve naar de teruggelopen vraag wijzen de Europese staalbedrijven ook met de beschuldigende vinger naar China, dat de eigen staalindustrie subsidieert. Het land is inmiddels de grootste staalproducent ter wereld. In Europa steeg China’s marktaandeel in ‘bekleed staal’ van 0,5 procent in 2004 tot ruim 20 procent nu. De Chinese subsidies, die onlangs ook door de Europese Commissie werden gehekeld, plaveien de weg voor hogere Europese importtarieven voor Chinees staal.

„China is een geduchte concurrent, maar de kansen voor Europees staal zijn immens en de potentiële mogelijkheden zijn bij lange na nog niet uitgeput”, zegt Köhler.

Staal maak je uit ijzer en koolstof, doceert hij. Het voorbewerkte ijzererts en de tot cokes opgewerkte steenkool worden in een hoogoven verwerkt tot ruwijzer, waarbij CO2 vrijkomt. De truc is nu om uit het ruwijzer zo veel mogelijk koolstof te halen. Dan hou je staal over.

IJzer heeft een koolstofgehalte van meer dan 4,5 procent, staal minder dan 1,9 procent. Het vloeibare staal wordt tot plakken gegoten. Die plakken worden vervolgens in de zogenoemde warmband tot rollen staal uitgewalst. Afhankelijk van de wensen van de klant kan het staal in andere fabrieken op het terrein worden koudgewalst, vertind, verzinkt of geverfd.

Vloeibaar staal is vergelijkbaar met een bouillon. Afhankelijk van wat je erbij mixt, krijg je verschillende soorten ‘soep’. Door voortdurende innovaties van het recept en de nabehandeling wordt staal sterker, lichter en nemen de toepassingsmogelijkheden toe.

Zo werkt Tata Steel aan het ontwikkelen van staal waarbij folies met zonnecellen op de oppervlakte worden verwerkt. Köhler: „Het creëren van producten met een hoge toegevoegde waarde voor onze klanten is de manier om ons te onderscheiden van de producenten uit lagelonenlanden en landen die de staalsector subsidiëren.”

De productie van staal is energie-intensief. De elektriciteitsprijs in Europa is 210 procent hoger dan in de Verenigde Staten en 190 procent hoger dan in China. De gasprijs ligt in Europa 240 procent hoger dan in de VS en 180 procent hoger dan in China. Dit is toch een verloren wedstrijd?

„Nee, wij spelen om te winnen. In Europa hebben we te maken met hogere energiekosten. Dat zet je op achterstand, maar wij zijn innovatief. In IJmuiden zijn we er bijvoorbeeld in geslaagd om sinds 1989 de energiekosten per ton staal met 30 procent te verminderen.

Als Europese speler hebben we ook relatief hoge lonen en hoge kosten, die samenhangen met ons hoge welvaartsniveau. Om concurrerend te zijn, moet je dus uitblinken en je processen en producten continu innoveren. En dat is gelukt. Maar ik pleit wel voor een eerlijk speelveld. En dat is er op dit moment niet.”

U doelt op de regelgeving op het terrein van duurzaamheid?

„De intentie van het Europese emissiebeleid steunen wij, maar dat is iets wat je op wereldschaal moet doen. Dat kun je niet alleen in Europa doen.”

Het was de bedoeling om de handel in emissierechten – het systeem dat in 2005 is ingevoerd om de CO2-uitstoot terug te dringen – op wereldschaal in te voeren.

„De Europese industrie heeft bepaalde hoeveelheden uitstootrechten toegewezen gekregen. Stoten ze meer uit, dan moeten ze emissierechten bijkopen; houden ze over, dan kunnen ze rechten verkopen. Ons staalbedrijf heeft veel te weinig rechten gekregen. Dat vinden wij een weeffout in het systeem. Bij de productie van ijzer heb je overigens altijd CO-2-uitstoot. Je hebt namelijk te maken met een scheikundig proces. Een elektriciteitsbedrijf kan kiezen om groen te produceren door bijvoorbeeld windenergie, maar bij de staalproductie is de uitstoot van CO2 onvermijdelijk.”

Hoeveel kooldioxide komt er vrij bij de productie?

„Bij de productie van een ton staal, komt 1,7 ton CO2 vrij. Voor een emissierecht van 1 ton CO2 betaal je op dit moment 4 à 5 euro. De prijs is relatief laag, omdat het systeem op zijn gat ligt door de crisis, waardoor er weinig bedrijvigheid is. Ondanks die lage prijs kost het tekort aan CO2--rechten in IJmuiden ons tot 2020 tientallen miljoenen euro’s. Dat kan oplopen tot honderden miljoenen als de prijs van de emissierechten stijgt.

„Daarnaast worden we door het systeem ook geconfronteerd met nog hogere energieprijzen. En dat terwijl ons bedrijf in IJmuiden tot de wereldtop behoort als het gaat om staal maken met zo min mogelijk CO2-uitstoot.

„Het is goed dat Europa het voortouw neemt in de duurzaamheidsdiscussie, maar de vraag is hoe ver je voor de muziek wilt uitlopen. Op deze manier tast je het Europese concurrentievermogen aan en kost het banen.”

Energie is een productiefactor die vaak de vestigingsplaats van een industrie bepaalt. De VS maken een renaissance van de energiesector mee die bijdraagt aan een industriële opleving. Schaliegaswinning draagt eraan bij dat het land binnen twintig jaar zelfvoorzienend wordt.

„Europa reageert veel te afwachtend. Aan de winning van schaliegas zijn risico’s verbonden. Ik ben een techneut. Ik geloof in het beheersen van risico’s in technische processen. Dat heeft ons gebracht waar we nu zijn. Ik hoop dat politici durven te zeggen: er zijn risico’s aan verbonden, maar we gaan ervoor zorgen dat die risico’s beheersbaar zijn.

Wat zijn de gevolgen voor Europa?

„Wat de VS doen en wat Europa nalaat, kan de economieën van het oude continent schade toebrengen en banen kosten. Ik pleit voor een herwaardering en een heropleving van de maakindustrie, dat is ook een les die we kunnen trekken uit de huidige ontwikkeling in de VS.”

Eind jaren zeventig werkten er 22.000 mensen in IJmuiden bij de Koninklijke Hoogovens, nu 9.000. De komende jaren verdwijnen er nog 1.000 banen. Waar stopt het?

„De huidige crisis dwingt ons nog efficiënter te werken en de kosten te verlagen. Dat betekent ook dat er banen verloren gaan. Ik zit nu 33 jaar in de industrie. Is het na deze bezuinigingsronde van 1.000 banen gedaan? Dat kan ik niet garanderen.”

Uw behoefte aan personeel wordt steeds minder, terwijl de beroepsbevolking – volgens prognoses van het CBS – groeit.

„De werkgelegenheid op ons bedrijf is inderdaad gedaald, maar dat komt ook omdat er veel taken zijn afgestoten. Activiteiten die we vroeger zelf deden huren we nu in. Dat is efficiënter. Elke baan bij Tata Steel in IJmuiden garandeert vier banen bij toeleveranciers en dan heb ik het nog niets eens over de bakker en de slager.

„De maakindustrie is de basis van een economie. Kijk nu naar de landen die het in Europa relatief goed doen. Dat zijn landen met een sterke industriële traditie.”