FNV: toch eerder stoppen werken

In het sociaal overleg met werkgevers en kabinet zal de FNV zich sterk maken om eerder te stoppen met werken. Maatregelen om dat eerder stoppen te ontmoedigen moeten in ieder geval in de bouwbranche tijdelijk worden bevroren.

De FNV wil het daarmee mogelijk maken dat er toch vroeg- en deeltijdpensioen in de bouwsector blijft, zodat oudere bouwvakkers makkelijker kunnen afvloeien en er ruimte komt voor instroom van jong en goed opgeleid personeel.

Waarnemend voorzitter Charley Ramdas van de bouwbond ‘FNV Bouw’ noemt dit centrale voorstel al een ‘generatiepact’: vroegpensioen voor de ouderen en meer werk voor jongeren. Volgens hem wordt dit principe breed gedragen als inzet van de FNV in het sociaal overleg. En inderdaad: een woordvoerder van de vakcentrale bevestigt dat bevriezing van die fiscale maatregelen en vroegpensioen in de bouw onderdeel uitmaakt van de inzet in het overleg.

Bevriezing van die fiscale beperkingen moet volgens Ramdas worden ingevoerd in alle sectoren waar de crisis hard heeft toegeslagen: niet alleen in de bouw, maar ook in de transportsector en de financiële dienstverlening.

In de bouw zouden vele duizenden bouwvakkers zo eerder kunnen stoppen met werken om plaats te maken voor jongere collega’s. Deeltijd-WW moet het voor bouwvakkers die jonger dan 60 zijn makkelijker maken om over te stappen naar andere branches, zoals de industrie of de techniek, waar nog wel werk voorhanden is.

Eerder maakte minister Lodewijk Asscher (Sociale zaken en Werkgelegenheid, PvdA) bekend dat hij 300 miljoen euro beschikbaar wil stellen voor om- en bijscholing van overtollig personeel en begeleiding naar ander werk. Volgens Ramdas is dat niet genoeg en zijn er aanvullende maatregelen nodig om bijvoorbeeld bouwvakkers om te scholen en aan het werk te stellen in bijvoorbeeld de scheepsbouw of op de Maasvlakte. „Zo moet worden voorkomen worden dat bouwvakkers door de overstap van het ene naar het andere pensioenfonds, hun opgebouwde aanspraken niet kwijtraken. Ook daar moeten in het sociaal overleg oplossingen voor gevonden worden.”