Naar Mali gingen wél direct troepen

Waarom blijft de wereld toekijken hoe Syrië wordt verwoest, vraagt de leider van de Syrische oppositie zich af Hij wil wapens En dat het Westen de wapenleveranties aan het regime stopt

Medewerker

Moaz al-Khatib al-Hassani maakte nog niet zo’n moeilijke periode door sinds hij in november 2012 werd verkozen tot leider van de Syrische Nationale Coalitie (SNC)*, het consortium van Syrische oppositiegroepen dat door het Westen wordt erkend als wettelijke vertegenwoordiger van Syrië. Vorige week bleek op een conferentie in Rome dat het Westen, aangevoerd door de Verenigde Staten, blijft weigeren wapens te leveren aan de opstandelingen. Wapenleveranties hadden het gezag van Moaz en de SNC bij de strijdende groepen in Syrië kunnen versterken.

Moaz zelf kwam ter discussie te staan in zijn eigen coalitie, nadat hij had opgeroepen tot onderhandelingen met het regime van president Assad. Waarom deed hij dat? „Ik zie het als mijn menselijke plicht om te proberen tot een vreedzame en politieke oplossing te komen”, zegt hij vanuit zijn woonplaats Kairo in een videogesprek via Skype. „Ik had opgeroepen tot dialoog zonder enige politieke voorwaarden in de hoop verder bloedvergieten te voorkomen.”

U zei altijd geen politieke rol te ambiëren. Waarom accepteerde u het leiderschap van de Syrische Nationale Coalitie?

„Ik ben geen echte politicus en dat wil ik ook niet zijn. De oppositie zag mij echter als een consensusfiguur die de verschillende stromingen in de oppositie bij elkaar zou kunnen brengen. Zij vroegen mij om het leiderschap op me te nemen. Na zware druk ben ik hier uiteindelijk mee akkoord gegaan. Ik zie mijn functie allereerst als een morele plicht ten opzichte van mijn land. Als ik in deze rol niets meer kan bijdragen, dan zal ik het politieke toneel ook weer verlaten.”

Wat vindt u van het uitblijven van wapens uit het Westen?

„Ik vraag alleen maar om de wapens die we nodig hebben om ons te verdedigen. Ik kreeg in Rome echter te horen dat er internationaal hiervoor geen steun is. Akkoord, maar zorg dan in elk geval dat de wapenleveranties aan het regime gestopt worden. Het Westen meet met twee maten en laat zich leiden door regionale en internationale belangen. Bijna twee jaar heeft de hele wereld staan toekijken hoe het Syrische regime een vreselijke terreur losliet op zijn eigen bevolking, zonder dat daarbij werd ingegrepen. En in het geval van Mali stuurt men wel direct troepen. Het Westen moet beseffen dat het mes aan twee kanten snijdt. Als ze ons nu niet willen helpen, hoeven ze zich ook niet te bemoeien met Syrië na de val van Assad. Ik geloof ook niet dat het Westen zijn standpunt nog zal wijzigen.”

Verscheidene gewapende groepen willen niets met de SNC te maken hebben. Hoe ver reikt uw invloed op de strijd eigenlijk?

„De coalitie is in de eerste plaats een politieke organisatie en geen militaire. We sturen de strijders dan ook niet direct aan, maar we leveren wel hulp. We sturen voedsel en medicijnen naar heel veel mensen in Syrië. Omdat wij deze hulp bieden, kunnen we ook invloed uitoefenen. Er is wel sprake van coördinatie met de strijders op de grond, maar nog niet genoeg. Dat komt doordat we nog een relatief nieuwe organisatie zijn. De mensen weten nog niet wie wij zijn. Daarnaast worden we ook internationaal gehinderd om een grotere rol te spelen. De revolutie in Syrië is begonnen vanuit lokale bewegingen, zonder overkoepelende organisatie. Daardoor is de opstand van begin af aan versnipperd geweest. Met sommige groepen hebben we een goede relatie. We geven hun steun en daardoor kunnen we veel invloed op hen uitoefenen. Op andere strijdgroepen hebben we nauwelijks grip.”

Hoe is het met de eenheid binnen uw coalitie na uw omstreden oproep tot dialoog?

„In de best georganiseerde volksvertegenwoordigingen komen meningsverschillen voor, zo ook in de onze. Het was spijtig dat enkele vrienden zich in de internationale media negatief hebben uitgelaten over mijn voorstel om met het regime in gesprek te gaan. Zij waren bang dat dergelijke onderhandelingen een valstrik van het regime zouden zijn. Daarnaast konden ze het moeilijk accepteren dat ik dit zonder onderling overleg had aangekondigd.”

Waarom lukt het de SNC niet een overgangsregering te vormen?

„Tijdens het congres in Rome hebben wij als leiding besloten om het besluit over een interim-regering nog even uit te stellen. Het is belangrijk dat deze er komt om de verschillende gewapende groepen onder controle te krijgen. Het is echter niet wenselijk dat de overgangsregering dood geboren wordt. Het is daarom beter eerst te zorgen voor voldoende binnenlandse en buitenlandse steun. Daarvoor is meer overleg en voorbereiding nodig.”

Radicale fundamentalisten spelen een steeds grotere rol. Loopt Syrië het gevaar af te glijden tot een failed state?

„Als het regime op deze weg doorgaat, is de kans aanwezig dat de situatie zeer gevaarlijk wordt. 50 tot 60 procent van de Syrische infrastructuur is inmiddels vernietigd en het regime zet al het mogelijke wapentuig dat het ter beschikking heeft in tegen zijn eigen bevolking. Dit heeft er toe geleid dat de situatie nu zo chaotisch is. Het Syrische volk doet er echter alles aan om een zekere vorm van civiele organisatie op te zetten. De verkiezingen van de lokale bestuursraad in Aleppo vorige week zijn hoopgevend.”

U sprak in Rome over de eenheid van Syrië. Zou u een opdeling van het land accepteren als dit het bloedvergieten stopt?

„Dat is niet mogelijk en ook niet acceptabel. Een alawitische staat is slechts in het belang van de familie Assad. Het regime probeert de alawitische bevolking bang te maken en haar op te zetten tegen de rest van het land om zo in zijn eigen gebied verder te regeren. Ik heb echter met veel mensen gesproken over deze kwestie, ook met alawitische intellectuelen, maar niemand van hen wil een aparte staat.”

„Misschien kan een opdeling van het land aanvankelijk het huidige geweld op cosmetische wijze een halt toeroepen, maar het zaait alleen maar de kiem voor een jarenlang conflict. Het regime zal zijn onderdrukking meenemen naar de eigen regio. Er zullen dan twee staten naast elkaar bestaan waarvan het onwaarschijnlijk is dat ze vreedzaam met elkaar kunnen samenleven. Bovendien schept het een gevaarlijk precedent. Als de alawieten een eigen staat stichten, dan kan elke groepering in het Midden-Oosten wel een staat uitroepen op basis van haar religieuze of etnische identiteit: de Koerden, de christenen in Libanon. Dat zal alleen maar meer problemen veroorzaken en de regio veranderen in een tijdbom.”

Is de revolutie de verwoesting van het land en de burgerslachtoffers wel waard?

„De prijs die we betalen voor onze vrijheid is ongelooflijk hoog. Niemand had verwacht dat het regime zo gewelddadig en zo beestachtig zou reageren. Maar het was nodig om de ogen van de mensen te openen. Nu weet het volk pas met wat voor terroristisch regime het te maken heeft en ook waarom het ervan af moet. We zullen doorstrijden om onze vrijheid terug te krijgen. Zonder de steun van Rusland en met name Iran zou het regime maanden geleden al gevallen zijn.”