Je recht (niet) halen in VS

Wie terechtkomt op de lopende band van een strafproces dreigt in de VS te worden vermalen. Lees dit boek over een justitiële dwaling.

Voor een Nederlandse lezer is het boek van de Britse advocaat Clive Stafford Smith over het Amerikaanse strafrechtsysteem ontluisterend. Negatieve tendensen als justitiële scoringsdrift, het demoniseren van verdachten en politiek populisme zijn in het Amerikaanse strafrecht geïnstitutionaliseerd en hebben het deels ook verwoest, zo lijkt het.

In Nederland bleef de schade tot nu beperkt tot incidenten of politieke retoriek, hoewel die steeds meer de overhand lijken te krijgen. Zo zijn strafrechters voor een klein deel aan banden gelegd bij het bepalen van de strafhoogte, krijgen slachtoffers met extra spreekrechten meer invloed op het proces en wordt eigenrichting tegen inbrekers officieus aangemoedigd.

Het opinieklimaat raakt ook hier verhit. Media laten hun reserves varen bij ernstige misdrijven. De eerste televisieverslaggever die handtastelijk werd tegen een verdachte maakte al zijn debuut: PowNews in het Eindhovense schopincident.

Toch kan de rechtspraak ‘bij ons’ nog vrij goed binnen eigen professionele grenzen fungeren. Wie daarentegen op de lopende band van het Amerikaanse strafproces terechtkomt, loopt grote risico’s te worden vermalen. Vooringenomen politieonderzoek, opportunistische officieren van justitie, onwillige rechters, gemanipuleerde jury’s, nieuwsjagende media – in de slagschaduw van de kiezer die doodstraffen en veroordelingen afdwingt. Dit alles gevat in een inherent unfair regelsysteem dat de verdediging consequent benadeelt, herziening bemoeilijkt en financiering afknijpt.

Nu heeft Clive Stafford Smith (1959) een eenzijdig perspectief, als pro deo advocaat van hopeloze zaken. Als progressieve liberaal vecht hij al een kwart eeuw in een klimaat waarin verdachten door publiek, politie en Openbaar Ministerie consequent als dader worden gezien. Law and order is al jaren het enige recept. Volgens hem speelt in de VS ál het publieke debat zich aan de rechterkant van de Tory partij af. De plicht om recht te doen en onschuldigen te beschermen tegen de doodstraf legden het af tegen de publieke eis daders te produceren en cellen te vullen.

In zijn nieuwe boek Onrecht. Leven en dood in de Amerikaanse rechtszaal stort hij zijn hart uit. Dat doet hij aan de hand van een kennelijk aperte justitiële dwaling, de zaak van de Britse zakenman Kris Maharaj uit Miami die nu 25 jaar opgesloten zit. De man, ooit rijk en succesvol, is geruïneerd na in 1985 te zijn veroordeeld voor een dubbele moord op twee zakenrelaties.

Onwillekeurig wekt Onrecht de verwachting dat het een happy ending heeft. Maar dat is niet zo. Op de laatste bladzijde zit Maharaj nog steeds vast en zijn alle juridische mogelijkheden uitgeput. Dat maakt het ook tot een bitter boek. De spanning die dat oplevert komt het verhaal wel ten goede – en dat is maar goed ook. Want het kost je behoorlijk wat moeite om meteen in te zien waarom zakenman Maharaj de ‘good guy’ is, die in de val is gelokt.

Het boek begint met het schimmige feitenrelaas uit het procesdossier en dat is een regelrechte afhaker. Te gecompliceerd en dubbelzinnig. Wat evenmin helpt is de abominabele vertaling. Vernederlandst anglo-amerikaans jargon, met bespottelijke fouten. Rent (huur) wordt vertaald als ‘rente’. Dress rehearsal (generale repetitie) als ‘kledingrepetitie’. „Wachten is een ‘temptatie’ voor iedereen”. Of dit juweeltje: „Ik was inmiddels zover dat ik bang was beter te weten”. „Als mijn ingewortelde twijfel terecht was...” enz. Het is zó bedroevend dat het weer komisch wordt.

Toch maakt Stafford Smith genoeg uitstapjes naar andere zaken om zijn punt te onderbouwen. Advocaten staan structureel op achterstand. Ze krijgen doorgaans pas achteraf toegang tot het justitiedossier. Dat betekent dat ze zelf onderzoek moeten (laten) doen naar de feiten.

Stafford Smith lichtte zo goed mogelijk alsnog het doopceel van Maharaj’s veronderstelde slachtoffers. Vermoedelijk waren het witwassers voor de Colombiaanse maffia met wie werd afgerekend. Maharaj was een figurant die in dit scenario werd gelokt, en daarna met de schuld bleef zitten.

Het OM baseerde de zaak op een leugenachtige kroongetuige, die bewijs manipuleerde. De verdediging faalde bovendien opzichtig. De herziening mislukte daarna ook, maar Stafford Smith schetst overtuigend de verborgen gebreken van het Amerikaanse rechtsysteem. Dat varieert van de eenzijdige selectie van politie en justitie-ambtenaren op gezagsgetrouw profiel, de onderbetaalde en gebrekkige eerstelijns advocatuur, de immuniteit van het OM als ze fouten maakt, maar vooral op de totale tunnelvisie die het hele systeem kenmerkt.

Dat is behalve een kwestie van de interne psychologie ook een kwestie van politieke cultuur. Zoiets is meer dan ontnuchterend voor een land en een rechtsysteem waar aan deze kant van de oceaan nog steeds tegen opgekeken wordt.