Imperium van Gagosian wankelt

De eigenaar van de belangrijkste galerie voor hedendaagse kunst Larry Gagosian staat na jaren weer op Tefaf. Maar dit keer met een andere reputatie. Kunstenaars en klanten klagen.

Hij was de afgelopen twintig jaar de onbetwiste koning van de handel in hedendaagse kunst, maar zijn koninkrijk wankelt. Kunstenaars lopen weg, klanten klagen hem aan. Pijnlijk, vooral ook omdat door deze rechtszaken documenten aan het licht komen die inzicht bieden in de methoden waarmee de 67-jarige Larry Gagosian zijn vermogen als galeriehouder vergaarde. Niet goed voor de reputatie, het goud van de kunsthandel.

Het door Gagosian vergaarde vermogen is aanzienlijk, net als de jaaromzet van zijn galeries, door zakenblad Forbes geschat op een miljard dollar. Gagosian, zoon van Armeense immigranten in Los Angeles, maakt al jaren tentoonstellingen waar musea jaloers op zijn en vertegenwoordigt, in elf vestigingen wereldwijd, de grote namen uit de kunst van de 20ste en 21ste eeuw. Van Pablo Picasso tot Andy Warhol, van Alberto Giacometti tot Anselm Kiefer.

Enkele van deze sterren haalde hij weg bij de concurrentie, simpelweg door meer geld te bieden, door hun namen te verbinden aan andere gerenommeerde kunstenaars en door ze toegang te verschaffen tot zijn netwerk van vermogende klanten. Lange tijd was het zo dat als kunstenaars zich bij hem aansloten, de waarde van hun werk direct steeg.

Maar nu lopen ze weg. Zoals de Brit Damien Hirst, die afgelopen december vertrok. Hirst was lange tijd Gagosians verkoophit. Spectaculair was bijvoorbeeld de verkoop van Hirsts opgezette haai. Prijs: ergens tussen 8 en 12 miljoen dollar.

Onduidelijk is wie genoeg had van wie, Hirst van Gagosian of andersom. Feit is wel dat het voor een galeriehouder niet fijn is als hij klanten moet vertellen dat de kunst die ze kopen in waarde kan dalen – bij werken van Hirst het geval. Het vertrek is daarentegen ook schadelijk voor Gagosians reputatie, zeker omdat tegelijk ook de Japanner Yayoi Kusama bij hem wegliep. Daarmee hield het niet op: Jeff Koons en Richard Serra doen hun volgende tentoonstelling bij grote concurrent David Zwirner.

En dan de rechtszaken. In het afgelopen jaar stapten twee klanten naar de rechter, van wie één zelfs een goede vriend van Gagosian was. Hun klacht: misbruik van de vertrouwensband. De oude vriend, Wall Street-miljardair Ronald L. Perelman, bezit zelfs samen met Gagosian restaurants in badplaats East Hampton. Hij beschuldigt Gagosian van geheime provisies. Het dispuut concentreert zich rond Perelmans aankoop, voor 4 miljoen dollar, van een groot Popeye-beeld van Jeff Koons, nog voor de kunstenaar het werk had voltooid. Perelman wilde het ruilen voor een schilderij en vond dat het beeld al in waarde was gestegen. Gagosian wilde daar niet van horen, omdat hij Koons had beloofd 80 procent te geven van iedere winst die hij, Gagosian, zou maken met doorverkoop voor voltooiing van het werk. Perelman wist dit niet en voelde zich gepakt.

De 94-jarige verzamelaar Jan Cowles spande de andere zaak aan. Zij beweert dat Gagosian een werk van Roy Lichtenstein uit haar verzameling heeft verkocht omdat haar zoon daar om vroeg, terwijl zij eigenaar is. In de rechtszaak dook onder meer een e-mail op van de manager van Gagosians galerie in Los Angeles die de duistere kanten van Gagosians handel laat zien. De manager schreef aan een potentiële koper: „Verkoper zit in verschrikkelijke financiële penarie en heeft geld nodig. Ben je geïnteresseerd om een wreed en agressief bod uit te brengen? Kom op, wil je dat proberen?”

De koper schreef terug dat hij even niet goed bij kas zat en vroeg hoe een bod van 2 miljoen dollar zou vallen. De manager schreef terug: „Dat is ongeveer de helft van de [marktconforme] prijs, dus ik vind het prachtig.” Gagosian vertelde de zoon in geldnood dat hij er 1 miljoen voor kon krijgen. Gagosian nam het andere miljoen stilletjes als commissie.

Dit zijn saillante weetjes, omdat het een van schimmigste aspecten van de kunsthandel laat zien: een handelaar die tegelijk de belangen behartigt van zowel verkoper en koper. Klant Cowles was er geshockeerd over. Haar advocaat beweert zelfs dat het tegen de wet is. Gagosian ontkent dat. Sterker, hij zegt dat het volkomen normaal is voor hem. En voor de kunstwereld. Om verdere publieke vernedering te voorkomen, hebben beide kampen besloten de zaak uit te praten, in mediation, buiten de rechtszaal.

Komende week staat Gagosian voor het eerst in zeven jaar weer op Tefaf. Zijn rentree in Maastricht markeert hij met een bijzonder schilderij van Picasso uit 1946 en een groot goudkleurig beeld van Koons. Hij laat ermee zien dat zijn galerie nog altijd de top vertegenwoordigt. Tegelijk wil hij natuurlijk gewoon zaken doen, waar een beurs ook voor is bedoeld. In een portret, onlangs in de Britse Vogue, zei verzamelaar en vriend Jean Pigozzi dat Gagosian, die ooit begon als posterverkoper op het strand van Los Angeles, uiteindelijk wordt gedreven door de sport om een ‘deal’ rond te krijgen. Pigozzi: „Als je Larry in de woestijn neerzet, vindt hij een rijke kamelenhandelaar die hij een schilderij verkoopt.”