Waarom Amerika kapot gaat aan ziektekosten

Een ziekenhuisrekening: drie CT-scans voor ruim 6.500 dollar. De kostprijs voor de drie samen: 825 dollar. Een ziekenhuisrekening: drie CT-scans voor ruim 6.500 dollar. De kostprijs voor de drie samen: 825 dollar.

Een 64-jarige Amerikaanse vrouw voelt pijn in haar borstkas. Ze wordt met de ambulance naar het ziekenhuis gebracht, waar ze gedurende drie uur onderzocht wordt. Het valt mee: indigestie. Maar het valse alarm kost de onverzekerde vrouw wel 21.000 dollar. Waarom? TIME Magazine schreef een omvangrijk en huiveringwekkend stuk over marktwerking in de zorg.

De schrijver ervan, Steven Brill, wil weten waar die bedragen vandaan komen. Het is geen simpele rekensom van kostprijs + een broodnodige marge voor het ziekenhuis, want de verhoudingen zijn volledig zoek. Een troponinetest (om vast te stellen of er een hartinfarct is geweest) kost het ziekenhuis 14 dollar; op de rekening van de vrouw staan er drie voor 200 dollar per stuk.

Er volgen andere voorbeelden van andere patiënten. Een dag op de intensive care: 13.225 dollar. Een serie laboratoriumtests: 132.303 dollar. Zes kilometer met de ambulance: 995 dollar.

Het draait, ontdekt Brill, om de chargemaster. Een prijslijst die ziekenhuizen hebben waarop al hun producten en behandelingen staan. Die lijsten zorgen ervoor dat er onvoorstelbaar veel geld omgaat in de Amerikaanse zorg, zonder dat iemand goed kan verantwoorden waarom het zoveel moet kosten. Ondertussen komt het ene na het andere hartverscheurende voorbeeld voorbij van gezinnen die eraan onderdoor gaan.

“As 2012 closed, Alice had paid out about $30,000 of her own money (including the $3,000 to Seton) and still owed $142,000 — her losses from the fixed poker game that she was forced to play in the worst of times with the worst of cards. She was still getting letters and calls from bill collectors.”

Lees het hele verhaal van Steven Brill bij TIME (25.309 woorden, ongeveer 1 uur en 55 minuten minuten leestijd).