Zes dagen, 500 kilometer, veertien honden

De Finnmarksløpet is het meest extreme sportevenement van Noorwegen Het is de langste sledehondenrace van Europa De Nederlandse Nieske Wierda traint al sinds juli

De wedstrijd geldt als het meest extreme sportevenement van Noorwegen. De Finnmarksløpet, die zaterdag van start gaat, is de noordelijkste en langste sledehondenwedstrijd van Europa. In het ijskoude gebied boven de poolcirkel leggen de deelnemers afstanden van vijfhonderd of duizend kilometer af.

In totaal beginnen 131 sporters aan de krachtproef. Allemaal Scandinaviërs, een paar Duitsers en Fransen maar ook één Nederlander. De 28-jarige Nieske Wierda uit Dordrecht is al sinds juli vorig jaar met haar Alaska Huskies aan het trainen. „De competitie en de samenwerking met de honden maken me ontzettend blij. Er is niets leukers dan staand op een slede en getrokken door acht honden geruisloos door de natuur te zoeven”, zegt Wierda.

Ze spreekt uit ervaring. In 2011 deed Wierda ook mee aan de race. Ze was de eerste Nederlandse die deelneemt aan de Finnmarksløpet. In de vijfhonderdkilometerrace eindigde ze op de 48ste plaats op ruim 17 uur van de winnaar, die na twee dagen en 3 uur finishte. Zaterdagochtend gaat Wierda om 11.00 uur van start. „Ik hoop maandagavond te finishen en bij de eerste dertig te eindigen.”

Vanuit de Noorse stad Alta vertrekken de deelnemers door het praktisch onbewoonde gebied in oostelijke richting, naar de Russische grens en terug. Voor het overbruggen van de langste afstand mag de musher, de menner, maximaal veertien honden inzetten. De vijfhonderd kilometer moet met maximaal acht honden worden afgelegd. Ruim zes dagen, zo lang duurt de race over duizend kilometer, staat het leven in Lapland in het teken van het sportevenement.

Wierda is altijd een fanatieke sporter geweest. Ze blonk uit in wielrennen en atletiek. Het racen met honden kwam toevallig op haar pad. In het kader van haar studie bos- en natuurbeheer liep ze 3,5 jaar geleden in Noorwegen stage. Ze ontmoette er de Noorse menner Stian Hasfjord, eigenaar van 25 huskies. „Ik werd verliefd op zijn honden en later op hem”, zegt Wierda die nu in Noorwegen woont.

Om te ervaren of de hondenliefde zou beklijven, ging de Nederlandse in Alta in de leer bij de hondenkennel van Trine Kristiansen Lyrek, een van de allerbeste Noorse menners. „Ik ben groen begonnen maar daar werd ik helemaal gegrepen. Je leert hoe je honden moet voeden, verzorgen en trainen. Werken met honden veranderde van een uit de hand gelopen hobby in een levensstijl”, zegt Wierda. „Het klinkt heel romantisch maar het heeft ook iets destructiefs. Als je in de top wilt meekomen, staat álles in het teken van de honden.”

Sinds de zomer trekt Wierda er drie tot vijf keer per week met haar honden op uit. Ze heeft in totaal al 3.500 kilometer met de huskies getraind. Ze verwacht tijdens de wedstrijd per uur gemiddeld dertien kilometer te overbruggen. Bij de vier checkpoints die ze onderweg aandoet, zal ze volgens de planning twintig uur stoppen. De meeste tijd gaat op die plekken op aan het voeden en verzorgen van de honden. De dieren worden gemasseerd en de poten ingesmeerd met vette zalf. Wierda moet het tijdens de race doen met vier keer 1,5 uur slaap. „Je gaat op de automatische piloot door omdat alles om de honden draait. Het grootste gevaar is dat ze niet genoeg eten binnen krijgen of blessures oplopen aan het polsgewricht.”

Een sledehondenrace is eigenlijk een gecompliceerde vorm van dierenliefde. En de genegenheid is wederzijds, verzekert Wierda. Verwijten over dierenmishandeling, werpt ze ver van zich. „Je ziet dat de honden het gaaf vinden om te rennen. Het is genetisch bepaald: zelfs de puppies willen instinctief trekken’’, zegt ze. En ook het wedstrijdelement wordt door de huskies gekoesterd. „Als ze merken dat ze op het punt staan een andere slede in te halen dan krijgen ze een extra drive om te passeren. En als ze het niet meer leuk vinden dan stoppen ze gewoon.”