Muzikale wereldreiziger

WorldNuru Kane: Exile****

Zijn jeugd bracht hij door in Dakar, waar hij de Senegalese zangtechnieken leerde, zijn eerste gitaar in elkaar knutselde en lid was van een breakdancegroep. Op de radio hoorde Nuru Kane blues, reggae en afrobeat. Daarna verhuisde hij naar Parijs waar hij zijn oor nog verder verbreedde. Maar de meeste inspiratie kreeg hij op zijn reis naar Marokko. Hij leerde de driesnarige guimbri spelen in de spirituele gnawa-traditie.

Op zijn vorige album Number One Bus liet Kane al horen dat hij van al die stijlen een eigen modern geluid kan creëren, toen nog overwegend op blues gestoeld. Exile, de titel van zijn nieuwe album, is een verwijzing naar de vele Afrikanen die om uiteenlopende redenen op de vlucht zijn, maar herbergt ook het optimisme van een muzikale wereldreiziger. Hij kiest ervoor om onverschrokken heen en weer te springen tussen alle invloeden, tussen oud en nieuw, tussen zwaar en licht. De opener Afrika huppelt vrolijk op een West-Afrikaans gitaarloopje, het volgende nummer Exil staat in mineur, met een droeve viool. Kane pakt er ook nog wat reggae bij en waagt zich op Corriendo zelfs aan een flamenco-experiment. Nuru Kane gaat van de hak op de tak en laat dat volstrekt logisch klinken.