Japanners buigen voor Balentien

Nederland treft Cuba in de tweede ronde van de World Baseball Classic. Voor Wladimir Balentien is het duel in de Tokio Dome een thuiswedstrijd.

Wladimir Balentien is Big in Japan.

Als de 28-jarige honkballer na de laatste training van Nederland voor het openingsduel in de tweede ronde van de World Baseball Classic tegen Cuba het veld afloopt, snorren de camera’s en wordt hij gevangen in een net van microfoons. Balentien maakt een victory teken met zijn vingers en beantwoordt kalmpjes de vragen van de Japanse pers. „Het is schitterend om nu met mijn land in de Tokio Dome te spelen”, zegt Balentien. „Iedereen hier denkt dat Japan het toernooi opnieuw wint, maar wij zijn ervan overtuigd dat Nederland ook tot alles in staat is.”

Vanaf het moment dat Balentien gisteren met het Nederlands team voet op Japanse bodem zette, voelde het voor hem een beetje als thuiskomen. Samen met zijn oudere voorbeeld Andruw Jones, die dit seizoen ook in de Japanse profcompetitie gaat spelen, liep hij als een popster door de Narita International Airport. „Ik ben dankbaar dat ik in de Japanse competitie mag spelen”, legt hij later in de dug-out van het Tokio Dome uit. „Niet iedereen krijgt een tweede kans om zich te bewijzen.”

Van jongs af aan was niet Japan, maar de Amerikaanse Major League de droom van Balentien. Hij groeide op met een handschoen en een honkbalknuppel. Op de stoffige veldjes van Willemstad legde de powerhitter de basis voor zijn profloopbaan, die in 2000 als contractspeler van de Seattle Mariners begon. Op 4 september 2007 maakte hij als pinch hitter in het Yankee Stadium van New York zijn debuut in de Major League. „Dat moment zal ik nooit vergeten. Ik maakte een tweehonkslag tegen pitcher Luis Vizcaino.”

Toch wist Balentien de hooggespannen verwachtingen in de Verenigde Staten niet waar te maken. Hij kwam bij de Seattle Mariners en de Cincinnati Reds tot een totaal van 170 wedstrijden. Bij zijn laatste wedstrijd voor The Reds op 2 oktober 2009 sloeg hij de langste homerun van dat seizoen over een afstand van 152,5 meter. De Tokio Yakult Swallows haalde de Curaçaoënaar naar Japan, waar Balentien uitgroeide tot de homerunkoning van het land. „De mensen vinden het hier prachtig om homeruns te zien. Ik ben blij dat ik die hier mag slaan”, zegt Balentien. „Want er zijn talloze anderen die dat ook kunnen.”

Het vertrouwen in Balentien is echter zo groot dat hij onlangs zijn contract met drie seizoenen verlengde voor een totaalbedrag van 5,7 miljoen euro. De rechtsvelder heeft zijn weg in Tokio gevonden, maar heeft een terugkeer naar de Major League niet uit zijn hoofd gezet. Vol overtuiging: „Ik denk nog altijd dat ik daar kan slagen. Ik ben hier ouder en vooral wijzer geworden. En ik heb meer ervaring als slagman gekregen”, legt hij uit. „Het is mooi dat ik me met Nederland in de Tokio Dome kan laten zien. Dat was ook eigenlijk mijn doel bij deze World Baseball Classic.”

Balentien speelde meerdere keren in de imponerende Tokio Dome tegen de Yomiuri Giants, maar het duel morgen tegen honkbalgrootmacht Cuba is zeer speciaal voor hem. „In dit stadion is geschiedenis geschreven. Hier worden wedstrijden voor 50.000 mensen gespeeld. Ik sta hier nu met mijn idolen Hensley Meulens [manager] en Andruw Jones en speel met allerlei gasten die ik al kende toen ik nog een jongetje was. Wie had dat tien jaar geleden durven denken? Toen waren de profs uit Curaçao op de vingers van één hand te tellen.”

Balentien, die als jonge honkballer werd geïnspireerd door de homeruns van Jones bij de Atlanta Braves, is trots op het grote aantal topsporters uit Curaçao. Naast Meulens en Jones hebben voetballers als Gregory van der Wiel, Vurnon Anita en Leroy Fer, de sprinter Churandy Martina en tennisser Jean-Julien Rojer ook hun roots op het eiland liggen. „De ogen zijn steeds vaker op Curaçao gericht. Ik wil graag de deuren in Japan voor meer spelers openen. Het is voor ons een hele eer voor Nederland uit te komen. We zijn één land. En dat laten we graag zien op de World Baseball Classic.”