Er is geen generatieconflict

Het zoeken van tegenstellingen heeft geen zin, schrijft Jesse Klaver. Alleen samen komen we de crisis uit.

‘Wij denken niet in leeftijd. Wij denken niet in wij en zij. Maar nu zij dat wel doen, die oudjes, werpen wij een dam op.’ Dat stond in het 40min-manifest dat vorige week maandag werd gepubliceerd in nrc.next.

Nederland stond jarenlang bekend als het land van tolerantie en samenwerking. Wij Nederlanders houden niet van tegenstellingen tussen groepen. Maar politici hebben gemerkt dat wie tegenstellingen opblaast zijn partij in de peilingen net zo snel kan zien groeien. En dus verkondigt menig politicus dat de ene groep de dupe wordt van de andere.

Eerst waren het de autochtonen tegenover de moslims. Toen de Hollanders tegenover de Polen. Nu zijn het de ouderen tegenover de jongeren. Het zorgt voor veel discussie, maar we hebben er welgeteld nul problemen mee opgelost.

Het moet maar eens klaar zijn met die valse tegenstellingen. De verdeel-en-heerspolitiek die populisten ons willen opdringen helpt ons samen geen steek vooruit. Niemand in Nederland heeft baat bij een generatieconflict. Niemand heeft er baat bij als Henk Krol zegt dat het doel lijkt om ouderen te dwingen door hongersnood eerder te sterven. Niemand heeft er baat bij als in opiniestukken in de krant staat dat de welvarende luie babyboomers niet moeten zeuren. De tweespalt die wordt gezaaid hoort niet bij onze samenleving. Ik ken niemand die in vergelijkbare termen over zijn grootouders of kleinkinderen spreekt.

De uitdagingen waarvoor wij staan zijn ook veel te groot om ons uit elkaar te laten spelen. We zitten in de hevigste economische crisis sinds jaren. Dagelijks worden bijna zevenhonderd mensen ontslagen. Bezuinigingen treffen niet alleen onze portemonnee, maar ook onze collectieve voorzieningen. Het vertrouwen dat politici in staat zijn die problemen aan te pakken brokkelt af. Om die uitdagingen het hoofd te bieden komen we er niet met valse tegenstellingen. Om echt iets te doen aan armoede, bescherming van de natuur en het milieu en het terugbrengen van het vertrouwen in de politiek, is er een andere houding nodig in Nederland.

‘Kassian’, zou mijn Indische grootmoeder die houding noemen. Andere woorden zijn mededogen, solidariteit of compassie. Waar het om gaat is dat we ons kunnen inleven in de situatie van een ander. Dat jongeren beseffen wat het betekent als je inkomen plotseling tientallen euro’s per maand terugvalt doordat je pensioen wordt gekort, zonder dat er een manier is waarop je dat kunt compenseren. En dat ouderen beseffen dat 15 procent van de jongeren geen eigen inkomen kan verdienen omdat zij geen baan kunnen vinden.

We moeten stoppen met het gevecht over de cijfers en de discussie welke groep het meeste ‘wordt gepakt’. Ouderen en jongeren zijn geen homogene groepen. 1 procent van onze ouderen leeft in bittere armoede. 10 procent van onze kinderen groeit in armoede op. Ik vind dat allebei erg. Iemands ellende verandert niet door kennis over het aantal leeftijdgenoten in een vergelijkbare situatie. We moeten armoede Nederland uitkrijgen, onder ouderen én onder jongeren.

De problemen die we het hoofd moeten bieden zijn te groot om ons te laten scheiden. Het onderwijs verbeteren, de zorg betaalbaar houden, de vastgeroeste woningmarkt loswrikken, dat krijgen we alleen voor elkaar als we samenwerken. Dat vraagt een andere houding van ons allemaal, maar die houding moeten we ook van onze politici vragen. Nu schuiven de gevestigde partijen problemen jarenlang voor zich uit, totdat het onvermijdelijk hard en snel moet. Om te voorkomen groepen boos te maken wordt een salamitactiek toegepast: In vier jaar tijd is er drie keer besloten de AOW-leeftijd toch op een andere manier te verhogen. Niemand gelooft dat het woonakkoord van vorige maand de laatste ingreep zal zijn.

Jojobeleid is het. Eerst de ene kant op, dan snel toch de andere kant. Nog een beetje extra omdat de aanvankelijke maatregel niet genoeg blijkt. Het is die politiek die mensen in de handen drijft van de verdeel-en-heerspopulisten. Die politiek maakt dat mensen onzeker zijn over wat ze te wachten staat. Als we ons inleven in de ander en bereid zijn het eerlijke verhaal van onze politici te waarderen – nee, te eisen – dan kunnen we samen gaan bouwen aan een betrouwbare politiek.