De Ferrari's vliegen tegen de vangrail

Dirk Scheringa, Victor Muller, Erik de Vlieger, allen konden ze de curator niet buiten de deur houden Nu is Yves ‘Miljonair Fair’ Gijrath aan de beurt „Ze zijn wild, mateloos positief en licht megalomaan”

Verslaggever

De meesten van ons hadden de afslag niet eens gezien. Gingen studeren en kregen een baan. In loondienst, natuurlijk. Nu rijden ze een middenklasser en gaan ze eens per jaar op vakantie.

Die afslag, daarover hoorden ze pas eind jaren 90. Toen bleek dat durfals die hem wel hadden gezien én genomen, een droomleven leidden. Deze mensen, zelfstandig ondernemer, hadden de gok gewaagd en gewonnen. Ze reden in sportauto’s en waren financieel onafhankelijk. Bladen als Quote stopten ze in rankings en bombardeerden ze tot held. Evenementen als de Miljonair Fair wreven hun succes er bij de massa nog even lekker in.

En nu rijden ze hun Ferrari een voor een tegen de vangrail. Dirk Scheringa, Victor Muller, Erik de Vlieger, allen konden ze de curator niet buiten de deur houden. Gisteren was Yves Gijrath aan de beurt. Zijn bedrijf, organisator van de Miljonair Fair en uitgever van de bladen Jackie, JFK en LXRY, is failliet. Vandaag wordt de boedel op een executieveiling verkocht.

Poenerigheid

Mensen als Gijrath en Muller spraken lang tot de verbeelding. Nu staan ze symbool voor poenerigheid en ‘casinokapitalisme’ en lijken ze afgeschreven in de publieke opinie. Terecht?

Het zijn typische durfkapitalisten, zegt tv-maker en journalist Jort Kelder. „Ze bezitten dezelfde bezetenheid en bandeloosheid als criminelen en kunstenaars. Het zijn risiconemers. Mensen met een wilde geest, mateloos positief, licht megalomaan. Maar ze dulden geen kritiek. Als het mis gaat ligt het altijd aan de ander.”

Dat ze aan introspectie geen boodschap hebben hoort erbij, zegt Kelder. „Om zoals Erik de Vlieger de hele IJ-oever te kopen moet je een zekere plaat voor je hoofd hebben. Bescheidenheid past daar niet in.”

Hun opkomst liep samen met het crescendo van de economie eind jaren 90. Ze behoorden tot een groep jonge ondernemers die het breed liet hangen. Een groot verschil met de eerdere generatie ondernemers als de Blokkers of de Brenninkmeijers, zegt Kelder. „Families die al langer ondernemen zijn voorzichtiger. Die doen niet aan geleend geld en zijn voortdurend bezig met de overdracht van kapitaal aan een nieuwe generatie.”

Pamela Anderson

Gijrath vierde liever het leven. Hij stond in smoking op zijn eigen beurs naast Pamela Anderson, reed met een verlengde Porsche Cayenne door Moskou en richtte zijn kantoor in als een winkel van Louis Vuitton. De ondernemer Gijrath ging leven als zijn doelgroep.

Ook toen de crisis kwam besloot Gijrath niet zuiniger te zijn. In de conjunctuurgevoelige wereld van ‘luxury’ sloegen dure automerken de Miljonair Fair een jaartje over en liepen ook zijn advertentie-inkomsten terug. Gijrath bleef leven op grote voet. Te groot, blijkt nu.

En daar kan de rest van Nederland zich dan weer om verkneukelen.

Of, zoals Kelder omschrijft: „Het calvinisme heeft weer gezegevierd. Zij, de casinokapitalisten, komen ten val en daar genieten wij van. Ons bestaan, dat van de gemiddelden, wordt er acceptabeler door. Wij, de loonslaven, zijn nu blij dat wij de afslag niet hebben genomen.”

Ondernemers als Gijrath bekijken we op twee manieren, zegt Liesbeth Noordegraaf-Eelens, econoom en filosoof aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. Het ene perspectief is dat van de filosofe Ayn Rand die in de jaren 20 vanuit het communistische Rusland terechtkwam in de vrije markteconomie van de Verenigde Staten. Ondernemers zag Rand als helden. Bevlogen mensen die hun bestaan niet laten afhangen van het systeem, maar worden gedreven door ideeën en altijd op zoek zijn naar innovatie. Dat zorgde voor dynamiek en vooruitgang. Noordegraaf-Eelens: „Denk aan iemand als Steve Jobs. Die is neergezet als een creatieve, verdwaalde techneut. Een kunstenaar.”

Het andere perspectief is dat van de harde, commerciële zakenman die alleen uit is op zelfverrijking.

Kop van Jut

Met beide rollen heeft elke ondernemer te maken. En dat is ook vanuit welk perspectief we een ondernemer zien: heeft hij ideeën of gaat het alleen om winst? „Vaak is eerlijkheid nog niet zo makkelijk te beoordelen”, zegt Noordegraaf-Eelens. In economisch mindere tijden zullen we eerder voor het tweede perspectief kiezen, omdat we kritischer zijn en iedereen moet inleveren. „Kijk naar voormalig SNS-topman Sjoerd van Keulen. Die zagen we eerst als held en nu is hij de kop van Jut.”

Een ondernemer met ideeën is Gijrath zeker, zeggen mensen die hem goed kennen. Ze noemen hem „een creatieve gedreven jongen” met één geweldig idee: een beurs voor rijken, volledig over the top.

Ook Jort Kelder heeft een zwak voor Gijrath. „Hij gaf jeu aan Nederland en verbrak hier met zijn Miljonair Fair op schaamteloze wijze het taboe op geld en luxe. Dat deed hij op een geestige manier. Voor camera zei hij de gekste dingen, het was altijd leuk hem te zien.”

Het hoort erbij

En dat zo’n ondernemer als Gijrath failliet gaat, ach, dat hoort erbij. Kelder: „Ondernemen is risico nemen. Kijk maar eens naar de rijkenlijst van de Gouden Eeuw, daar zijn nog maar weinig namen van over. Alleen: wij zijn het niet gewend. In de VS gaat elke ondernemer weleens failliet en staat gewoon weer op. In Nederland heb je alternatieven, een sociaal vangnet, waardoor risico nemen niet in onze cultuur zit en we falen geen optie vinden.”

Kelder heeft Gijrath dinsdag een sms gestuurd. ‘Gewoon terugknokken’ had hij geschreven. Druk maakt hij zich niet over de toekomst van Gijrath. „Zulke types gaan altijd door. Het is een volhouder, een handelaar. Een slimme jongen die nu misschien heeft geleerd.”