China en Brazilië groeimarkten Tefaf

Op vrijdag 15 maart opent in Maastricht de 26ste editie van The European Fine Art Fair (Tefaf). Ruim 250 kunsthandels bieden er de duurste juwelen, manuscripten, oude meesters en moderne kunst te koop aan. In dit CS een selectie uit de hoogtepunten op de beurs. Plus kenners over de laatste trends.

Tefaf heeft, naast een Engelstalige website, inmiddels ook een site in het Chinees. In 2011 kwamen voor het eerst groepjes Chinezen in georganiseerd verband naar de kunstbeurs in Maastricht. Dat waren toen in totaal een stuk of veertig bezoekers. Vorig jaar waren het er al zo’n 200. Dit jaar verwacht de beurs er nog meer.

Clare McAndrew, die met haar bureau Art Economics elk jaar in opdracht van Tefaf onderzoek doet naar de internationale ontwikkelingen op de kunstmarkt, constateerde vorig jaar dat China voor het eerst de Verenigde Staten had ingehaald op de kunstmarkt. De Chinezen kochten en verkochten in 2011 meer kunst dan de Amerikanen.

Tien jaar geleden stelde de Chinese kunstmarkt nog niets voor, maar de rijkdom van het land is snel toegenomen, en daarmee ook de vraag naar geschikte investeringsdoelen. De aandelenmarkt staat volgens McAndrew nog in de kinderschoenen en de onroerendgoedmarkt is oververhit, vandaar dat de Chinezen zich richten op het aankopen van kunst, iets waar ze van oudsher interesse voor hebben.

Volgens Ben Janssens, voorzitter van Tefaf en zelf handelaar in Aziatische kunst, komen de Chinezen graag naar de beurs in Maastricht omdat de kunstvoorwerpen die daar worden verkocht een duidelijke herkomst hebben en een strenge keuring hebben ondergaan. „Chinezen zijn in eerste instantie geïnteresseerd in hun eigen erfgoed, maar kopen daarnaast steeds vaker Europese kunst”, vertelt hij. Die interesse strekt zich uit van decoratieve voorwerpen voor hun huis tot schilderijen en beelden van bekende westerse kunstenaars.

Hoewel het merendeel van de bezoekers nog uit Nederland en andere westerse landen komt, zoals de Verenigde Staten, Engeland, Frankrijk, Duitsland en België, worden ook de andere BRIC-landen (Brazilië, Rusland, India en China) door de organisatoren van Tefaf beschouwd als potentiële groeimarkt. „We zijn afgelopen jaar zowel naar China als naar Brazilië geweest om promotie te maken voor onze beurs”, vertelt Janssens. In Brazilië gingen 25 handelaren mee om een voorproefje te geven van hun handelswaren. Janssens: „Maar er werd bewust niets te koop aangeboden. Braziliaanse verzamelaars die iets wilden kopen, moesten naar Tefaf komen.”

De internationalisering van Tefaf is ook te zien onder de handelaren op de beursvloer. Vijfentwintig jaar geleden was 44 procent van de galeries en kunsthandelaren afkomstig uit Nederland. Nu is dat nog maar 15 procent. In totaal staan er 265 handelaren uit twintig landen.

Wie eenmaal een plek heeft op de beurs, probeert die te behouden. „Het verloop is laag: 5 procent tegenover 25 procent op andere internationale kunstbeurzen”, zegt Janssens. Toch valt er wel eens een handelaar af. Tefaf probeert dan nieuwkomers aan te trekken uit delen van de wereld waar de beurs minder bekendheid geniet. „Dit jaar hebben we voor het eerst een handelaar uit Noorwegen en één uit Japan”, zegt Janssens. „Ook hebben we voor het eerst twee handelaren in islamitische kunst.”

Veel van de handelaren die op Tefaf staan, draaien al heel wat jaren mee, sommigen, zoals Janssens zelf, al vanaf het begin van de beurs, 26 jaar geleden. Om ook jongere handelaren een kans te bieden een keer mee te doen, is er sinds 2008 de afdeling ‘Showcase’. Zes handelaren deden het daar zo goed, dat ze sindsdien een vaste plek hebben op de beurs.

„Er is een nieuwe generatie handelaren ontstaan”, zegt Janssens. „Om deze nieuwe generatie een eigen stem te geven, hebben we eind vorig jaar de Young Dealers Committee opgericht, waarvoor een leeftijdsgrens geldt van veertig jaar.”

Daniel Crouch, eigenaar van Daniel Crouch Rare Books in Londen, is lid van dit comité. „Wij vinden het van belang om ook jongere verzamelaars naar de beurs te trekken”, zegt hij. „Een van onze plannen is om de samenwerking te zoeken met musea. Die hebben vaak een kring van fondsenwervers en gevers om zich heen. Vaak zitten daar ook jonge verzamelaars bij. Die mensen willen we via de musea vrijkaarten sturen om naar Tefaf te komen, als ze dat nog niet doen.”