Boogerd over Boogerd

Toen in de nacht van dinsdag op woensdag websites van NRC en De Telegraaf de primeur aankondigden van Michael Boogerds lang verwachte dopingbekentenis, zette NOS.nl snel bewegend beeld online. Het ging om een cruciaal fragment uit een gisteravond uit te zenden ingelast interview met de eigen wieleranalyticus, waarvoor eenmalig Lingo moest wijken.

Tom Egbers kondigde NOS Studio Sport: Boogerd spreekt aan als „een gesprek van anderhalf uur met verslaggever Kees Jongkind”, teruggesneden tot 25 minuten. Het bleek een curieuze biecht, grotendeels gedraaid als een permanente close-up tegen een zwarte achtergrond. Er is minder interactie met de interviewer dan Lance Armstrong met Oprah Winfrey had.

Wat opvalt is de tegenzin van Boogerd om alsnog gebruik van verboden middelen toe te geven. Hij benadrukt hoe zwaar de afgelopen maanden waren en dat hij toch vooral het slachtoffer is geworden van de tijd waarin je niet op topniveau kon presteren zonder chemische hulpmiddelen.

Het kan me eigenlijk weinig schelen of sporters doping gebruiken. Als ze het allemaal doen, is er geen concurrentievervalsing. Wielrennen is altijd een sport geweest waarin niet de snelste of de sterkste wint, maar de slimste met de minste vijanden. De gretigheid waarmee dopingzondaren in de sociale media met pek worden besmeurd bevalt me niet. Dus deel ik in principe het standpunt dat gisteren door de columnisten Peter Winnen (Nieuwsuur) en Bert Wagendorp (Debat op 2) ingenomen werd: neem het de individuele zondaar niet al te zeer kwalijk dat hij zich aan het heersende systeem heeft aangepast.

Er is echter een ander moreel probleem. Boogerd spreekt bij herhaling over zichzelf in de derde persoon: „De ploegen lagen niet voor het oprapen voor Michael Boogerd”. Dat gebruik duidt vaak op een narcistische persoonlijkheid, maar hier betekent het mogelijk iets anders. Boogerd kijkt met afstand naar zichzelf, alsof het een ander betreft. Zo kon hij niet naar het gesprek van Oprah en Lance kijken, omdat de pup ziek was en zijn vriendin hoogzwanger. Hij had dus geen keuze, die Michael Boogerd.

De volgende stap zou zijn dat het ook een ander was die keer op keer glashard voor een camera ontkende ooit iets met doping van doen te hebben gehad. Je kunt dus op televisie het diametraal omgekeerde beweren van wat je eerst zei. Dat is een slecht voorbeeld, dan hoeft niemand de waarheid te spreken. De NOS kan een leugenaar echt niet meer als deskundige opvoeren.