Volg jij je roeping? Dan ben je vast een veelverdiener

In de categorie psychologische bevindingen die je oma je ook had kunnen vertellen, vandaag: de roeping. Onderzoekers hebben uitgevonden dat mensen die een roeping ervaren om een bepaald soort werk te doen hun leven betekenisvoller vinden dan mensen zonder roeping; dat ze zich gelukkiger voelen, tevredener over hun werk en sterker betrokken daarbij, en dat ze zich sterker verbonden voelen met anderen, tot de hele maatschappij aan toe – maar alléén, en nu komt het, als ze die roeping ook echt léven.

Ja, dat is verbazingwekkend, nietwaar?

De volgende vraag is dan natuurlijk wat mensen ervan weerhoudt om hun roeping te volgen. Daar proberen dezelfde psychologen, uit Florida, antwoord op te geven in een artikel dat ze vorige week online zetten bij het wetenschappelijke tijdschrift Journal of Counseling Psychology. Maar eerst: wat is een roeping eigenlijk? Het klinkt als iets poëtisch, iets spiritueels, en dat is het ook. Volgens Van Dale kun je door God geroepen worden (daar moet je natuurlijk maar net in geloven), maar je kunt ook een sterke innerlijke drang voelen om een bepaald beroep uit te oefenen, of je kunt (hoe dan ook) voor een bepaalde levenstaak ‘bestemd’ zijn. Het woordenboek spreekt van ‘een schone, edele roeping’.

De psychologen definiëren een roeping vergelijkbaar: zij spreken van een werkhouding die iemand maant een baan te kiezen die voor hem of haar persoonlijk betekenisvol is en tegelijkertijd ‘prosociaal’ – een lelijk woord dat psychologen gebruiken als ze bedoelen dat mensen iets goeds doen voor andere mensen of de samenleving als geheel. Je roeping volgen is dus voor jezelf goed, maar ook voor anderen.

Maar het interessante is dat dat laatste uit het onderzoek helemaal niet blijkt. De psychologen lieten ruim 500 werkende volwassenen op internet een vragenlijst invullen over hun werk en hun roeping (mensen die geen roeping hadden, waren al uit de steekproef verwijderd). Mensen die meer dan 50.000 dollar (ruim 38.400 euro) per jaar verdienden, zeiden vaker dat ze hun roeping hadden gevolgd dan mensen die minder dan 50.000 dollar per jaar verdienden. In beide inkomensgroepen zeiden wel evenveel mensen dat ze een roeping hadden. Alleen: de veelverdieners leefden die dus vaker.

Dat haalt het romantische wel van het begrip roeping af. Het gaat niet om verplegers die van weinig moeten rondkomen maar zóveel voldoening uit hun patiënten halen; het gaat eerder om rijke ondernemers die zich kunnen verontschuldigen: sorry, maar dit is echt mijn roeping.

Een roeping, je moet er het geld maar voor hebben.