Er is echt geen kipfiletfabriek

Voedselschandalen doen ook Ahold- topman Dick Boer pijn. „Het besef waar voedsel vandaan komt is weggezakt.”

„Er is een grens aan wat we kunnen doen voor een bepaalde kostprijs.” Foto Roger Cremers

Rundvlees van een paard. Biologische eieren die niet biologisch zijn. Verkeerde labels op vis. Het ene na het andere voedselschandaal. Dat is slecht voor de sector, zegt bestuursvoorzitter Dick Boer van Ahold, het moederbedrijf van Albert Heijn – de grootste supermarktketen van Nederland.

Durft de consument nog wel te vertrouwen op de supermarkt?

„Mensen twijfelen of ze het etiket nog kunnen vertrouwen. Dat is heel erg. Als supermarktbedrijf verkopen wij eten – en willen wij dat iedereen kan vertrouwen op de kwaliteit ervan. Daarom werken wij nauw samen met onze leveranciers. Met sommigen doen wij al twintig, dertig jaar zaken. Die zullen niet sjoemelen. Zij willen niet riskeren ons als afnemer te verliezen. Maar laten we niet vergeten dat voedsel veiliger is dan ooit. Natuurlijk zijn er incidenten, en die trekken veel aandacht, maar het zijn er niet meer dan dertig jaar terug.”

Maar in de diepvrieslasagne van Euroshopper zat paardenvlees.

„Dat was puur fraude. En heel moeilijk te traceren, omdat het voorverpakte diepvriesproducten waren. Wij hebben eerst onze versproductie gecheckt. Als wij bij onze slagerij binnenstappen, kunnen we precies zien van welke koe het vlees komt. Uiteindelijk wisten we niet zeker of er ook in onze lasagnes paardenvlees zat, maar omdat ze van de verdachte fabriek kwamen hebben we het zekere voor het onzekere genomen.”

De maaltijden zijn vernietigd. Waarom heeft u ze niet naar de voedselbank gestuurd?

„Als een product een smet heeft, kun je dat niet meer doen. Ook al is de voedselveiligheid niet in het geding. Bij de voedselbank denken ze dan ook: en nu krijg ik het. Lekker.”

Onlangs is aangekondigd dat de ‘plofkip’ wordt vervangen door een ‘andere kip’, maar die is minder duurzaam dan de naam doet vermoeden. Symboolpolitiek?

„Nee, dat vind ik niet. De discussie rond de plofkip moet zorgen voor een steeds hoger niveau van dierenwelzijn. Het is goed dat er stappen gezet worden. En dat moeten kleine stapjes zijn. Als morgen iedereen biologische kip wil eten, is er niet eens genoeg. Wij zijn de grootste verkoper van biologische- en scharrelkip in Nederland. Ons marktaandeel is 75 procent. Maar als je kijkt naar onze totale kipverkoop is dat toch maar enkele procenten. Uiteindelijk is er maar dusdanige vraag.”

Onderzoeksbureau SOMO stelt dat de sperziebonen van AH in Marokko onder slechte arbeidsomstandigheden worden geplukt en ingepakt. Waarom zoekt u uw groenten en fruit niet dichter bij huis?

„Dat zou niet kunnen. Onze schaalgrootte wordt wel eens vergeten. Wij voorzien eenderde van de Nederlandse bevolking van hun dagelijkse boodschappen. Marqt (een duurzame supermarkt met zeven filialen, red.) kan wel biologisch voedsel afnemen van een aantal kleine boeren in de buurt, maar wij redden het daar niet mee. AH moet zijn producten wel van over de hele wereld halen. En we werken nauw samen met onze leveranciers om de arbeidsomstandigheden te verbeteren.”

Maar uit het Responsible Retailing Report blijkt dat u pas 48 procent van uw leveranciers getest heeft.

„Daar zijn wij hard mee bezig. Wij willen ook niet dat mensen onderbetaald worden.”

Maar ook niet overbetaald, toch? Het verwijt is dat de supermarkten leveranciers dwingen te produceren tegen een te lage prijs.

„Uiteindelijk is er een grens aan wat je kunt doen voor een bepaalde kostprijs. Natuurlijk. Maar je gaat niet frauderen. Het is te makkelijk om als leverancier te zeggen: ik word hiertoe gedwongen door de prijszetting. Dat is onzin.

„En voor al onze productielocaties, ook die in risicolanden, geldt dat ze moeten voldoen aan onze wereldwijde standaard voor de arbeids- en gezondheidsomstandigheden. Daar controleren we op. Via de Albert Heijn Foundation in Afrika vloeit twee procent van de inkoopprijs terug naar de leverancier, om te investeren in verbeteringen.”

Zijn consumenten hypocriet? Klagen, maar ondertussen zo min mogelijk willen betalen?

„Het besef waar voedsel vandaan komt is ver weggezakt. Men is gewend dat de supermarkt altijd alles heeft. In Allerhande proberen wij uit te leggen dat er niet zoiets is als een kipfiletfabriek. De realiteit moet terug. Want – ik blijf het zeggen – uiteindelijk kiest de klant wat hij in zijn mond stopt.”