Boogerd in 2011 in NRC over doping: bewijs je onschuld maar eens hè?

26 juli 2007: Boogerd heeft zijn laatste grote kans op een ritzege in de Tour niet kunnen grijpen. Hij zat in de juiste ontsnapping maar kwam in de sprint om de dagzege te kort. Foto ANP / Rick Nederstigt

Tegenover NRC Handelsblad deed Boogerd in 2011, aan de vooravond van de Tour waarin hij als expert debuteerde in het commentatorhokje van de NOS, zijn betrokkenheid bij het Weense dopingschandaal af als “een broodje aap”. Ook Lance Armstrong, Robert Gesink en de Raboploeg passeerden de revue.

NRC-journaliste Danielle Pinedo sprak Boogerd aan de vooravond van de vierde Ronde van Frankrijk die hij als ex-renner vanaf de zijlijn zou meemaken. In zijn actieve carriere won hij twee fraaie Tour-etappes.

Klavertje vier

In 1996 reed Boogerd zijn eerste Tour en win direct een etappe, nog zonder doping. De avond voor vertrek gaf zijn moeder hem een doosje met een klavertje vier.

“‘Veel geluk’, zei zij. Ik hing het gelijk om mijn hals. Toen ik een paar weken later finishte – ik had één etappe op mijn naam geschreven – stond mijn moeder bij de Arc de Triomphe. Terwijl ik mijn ereronde reed, ontwaarde ik haar in de massa. ‘Kijk ma’, riep ik wijzend op mijn kettinkje. ‘Het heeft geluk gebracht.’ Ik moet er nog altijd om janken, gek hè?”

Koninginnerit

Boogerd stelde zich tijdens het interview met NRC in die zomer van 2011 voor dat “mensen vaak precies weten wat ze deden” op de dag van zijn tweede Touretappezege; de “laatste (2002) mooie overwinning” van een Nederlander in de Ronde van Frankrijk, naar nu blijkt een zege (mede) dankzij doping.

“Een kilometer voor de streep realiseerde ik mij dat ik er als jongen altijd van gedroomd had: een belangrijke Touretappe winnen. Wat zouden mijn naasten denken? Zou Nederland nu op z’n kop staan? Het maakte mij rustig. Ik krijg nog altijd kippenvel als ik de beelden terugkijk. Yes, I did it! Dat heroïsche gevoel heb ik daarna nooit meer gehad. Ik ben dankbaar dat ik het heb mogen meemaken.”

Bloeddoping

In 2009 meldt de Duitse zender ARD dat Boogerd klant was bij de Weense bloedbank en banden had met dopinghandelaar Stefan Matschiner. Boogerd zei daar twee jaar later over tegen NRC Handelsblad:

“Ik heb nog even overwogen om mij tegen die aantijging te verweren, maar het kwaad was al geschied. Dat ik doping heb gebruikt is een broodje-aapverhaal. Maar bewijs je onschuld maar eens hè? Als ik nu roep dat jij vreemdgaat, zal je zien hoe het moeilijk is om het tegendeel te bewijzen.”

Amstel Gold race 1999: Armstrong kijkt naar de latere winnaar Boogerd tijdens de beklimming van de Pietersberg, de laatse berg voor de finish.Amstel Gold race 1999: Armstrong kijkt naar de latere winnaar Boogerd tijdens de beklimming van de Pietersberg, de laatse berg voor de finish.

Lance Armstrong

Over The Boss zei Boogerd dat zij geen vrienden waren, maar het samen “goed konden vinden”. Hij sprak over ontzag dat hij had voor Armstrong en dat zij elkaar “hard aanpakten”, maar “op een respectvolle manier”.

“Voor mij is hij een icoon. Die man heeft – zo ver durf ik wel te gaan – mensenlevens gered. Met zijn doorzettingsvermogen is hij een inspiratiebron voor zieken die hadden opgegeven als zij zijn verhaal niet hadden gekend. Of hij doping heeft gebruikt, kan ik niet beoordelen. Maar zelfs dán zou ik hem nog niet veroordelen. Een drugshandelaar die miljoenen aan de kankerbestrijding geeft veroordeel je toch ook niet?”

Afgeserveerd door Rabo

In 2008 werd Boogerd in het Van der Valk-hotel in Maastricht afgeserveerd door Harold Knebel, directeur Raboploeg. Die zag geen functie voor de uittredend renner weggelegd bij de ploeg.

“Ik schrok. Rabobank was míjn ploeg, míjn ding. Kort daarvoor hadden ze me nog ‘het kloppend hart van de ploeg’ genoemd. Ik had verwacht dat Knebel mij een aanbod zou doen. (…) Ik zat op dat moment niet lekker in mijn vel. Ik worstelde met mijn afscheid. Maar ik kon mij niet voorstellen dat ik níét met Rabobank verder zou gaan. ‘Je trekt te veel de aandacht weg van de wielerploeg, je bent te bekend.’ Ik begrijp hun argument, maar blijf het moeilijk vinden dat ik zo kil uit de ploeg ben gezet.”

Robert Gesink

In zijn laatste jaar als prof, in 2007, komt de nieuwe generatie eraan. De dan piepjonge Robert Gesink moet Boogerd opvolgen als paradepaardje van de ploeg.

“In mijn laatste jaar als prof heb ik met Robert op de kamer gelegen. Het eerste wat mij aan hem opviel, was zijn beroepsernst: hij wilde alles leren, alles begrijpen. Bij de Tour gaan we straks veel mooie momenten met hem beleven.”

De Tour van 2007. “We zijn hier voor Michael Boogerd”, die zijn laatse Grande Boucle rijdt. Foto ANP / Rick NederstigtDe Tour van 2007. “We zijn hier voor Michael Boogerd”, die zijn laatse Grande Boucle rijdt. Foto ANP / Rick Nederstigt