Boegbeelden in opspraak

Ze kwamen, ze namen en ze werden gepakt. Negen toprenners uit negen landen, onttroond na een positieve test of openbare bekentenis.

Lance Armstrong (VS)

Vogens een rapport van antidopingbureau Usada was Lance Armstrong (41) spil van een grootschalig dopingnetwerk rondom zijn toenmalige ploeg US Postal. Armstrong gebruikte zelf doping en zou ploeggenoten hebben aangezet tot dopinggebruik. In januari bekende Armstrong in een tv-interview met Oprah Winfrey het gebruik van doping (epo, bloeddoping, testosteron). Hij is zijn zeven Tourzeges kwijt.

Fränk Schleck (Lux.)

Fränk Schleck (32) is voor een jaar geschorst wegens doping en mist komende zomer de 100ste Tour de France. Fränk Schleck, de oudere broer van Andy, werd tijdens de laatste Tour betrapt op het gebruik van xipamide, een vochtafdrijvend middel. Daarop moest hij vertrekken. Zijn beste resultaat in La Grande Boucle leverde Schleck in 2011 toen hij in Parijs achter Cadel Evans en broer Andy als derde eindigde.

Johan Museeuw (België)

Hij was in zijn glorietijd in eendagswedstrijden wat Lance Armstrong was in de Tour de France: de nummer één van het peloton. Johan Museeuw (46), die in 2004 is gestopt met wielrennen, bekende vorig jaar dat hij aan het einde van zijn carrière het verboden wondermiddel epo gebruikte. Hij riep de wielersport op tot een collectieve dopingbiecht. „We moeten breken met de hypocrisie.”

Richard Virenque (Fr.)

In 2000 gaf Richard Virenque (43), destijds Frankrijks populairste renner, toe dat hij tijdens de Ronde van Frankrijk in 1998 verboden middelen had gebruikt. De Franse renner deed zijn bekentenis tijdens het proces tegen wielerploeg Festina. Op de vraag van de president van het tribunaal of Virenque doping gebruikte, zei de renner, die zeven keer in de Tour de bolletjestrui wist te winnen: „Ja, ik had geen keus.”

Jan Ullrich (Duitsland)

Voormalig wielerprof Jan Ullrich (40) heeft tussen februari 2005 en mei 2006 24 behandelingen ondergaan bij de Spaanse dopingarts Eufemiano Fuentes. Hij reed toen bij Team T-Mobile. Ullrich, winnaar van de Ronde van Frankrijk in 1997 en vijf maal tweede, werd voorafgaand aan de Tour van 2006 geschorst en vervolgens ontslagen. In 2007 stopte hij met zijn carrière. Hij bleef dopinggebruik ontkennen.

Alex Zülle (Zwitserland)

Alex Zülle (44) maakte deel uit van de Franse ploeg Festina die in 1998 op verdenking van dopinggebruik uit de Tour werd gezet. De Zwitser werd een half jaar geschorst nadat hij had toegegeven het verboden middel epo te hebben genomen. Zülle blonk uit in klimmen en tijdrijden en behoorde midden jaren negentig tot de beste ronderenners. In 2004 kondigde hij zijn vertrek uit de wielersport aan.

Marco Pantani (Italië)

Tijdens de ‘Tour de dopage’, in 1998, reed Marco Pantani nog iedereen uit het wiel. Hij won de Tour. Een jaar later werd hij bij de Giro d’Italia uit de wedstrijd genomen vanwege een te hoge hematocrietwaarde in zijn bloed. Dat was het begin van een lange reeks dopingprocedures tegen de Italiaanse renner, die onder meer werd verdacht van bloeddoping. In 2004 werd Pantani dood aangetroffen in zijn hotelkamer, 34 jaar oud.

Alberto Contador (Spa.)

De Spaanse renner Alberto Contador (30) testte in de Tour de France van 2010 positief op de spierversterker clenbuterol. Contador zelf weet de zeer kleine hoeveelheid (0,000000 00005 gram per milliliter; 50 picogram) clenbuterol in zijn bloed aan het eten van besmet vlees. Contador werd met terugwerkende kracht twee jaar geschorst tot medio 2012 en moest zijn Tourzege van 2010 en Giro-zege van 2011 inleveren.

M. Rasmussen (Den.)

In de Tour de France van 2007 lag de Deense renner Michael Rasmussen (38) op koers om de ronde te winnen, toen hij uit de wedstrijd werd gehaald door zijn ploegleider. Hij had gelogen over zijn verblijfplaats in aanloop naar de Tour. Op 31 januari 2013 bekende hij dat hij epo, groeihormonen, testosteron, insuline en cortisonen had gebruikt en bloedtransfusies had ondergaan. Hij stopte per direct met wielrennen.