Zet je kennis in voor een ander

Dat veel meer hoogopgeleiden vrijwilligerswerk doen, komt mede doordat de bevolking hoger opgeleid is. Het is nuttig, en het kan heel mooi op een cv staan.

Illustratie Marike Knaapen

Noem het vrijwilligerswerk voor hoogopgeleiden. De advocaat die gratis dertig uur voor een milieuorganisatie werkt. De accountant die om niet de jaarrekening van een muziekschool opmaakt. De organisatieadviseur die twee orkesten helpt fuseren.

Hoogopgeleiden willen niet alleen werken om geld te verdienen. Ze willen ook iets doen voor de maatschappij. Althans, een flink deel van hen. Gewoon, om iets bij te dragen. Omdat het leuk is iets te doen voor een ander, wat zonder henniet zou gebeuren.

Dat is tenminste de overtuiging van Martijn de Wildt. Martijn de Wildt, directeur van adviesbureau Qidos. Hij begon eind vorig jaar een soort marktplaats voor topvrijwilligers. Non-profitorganisaties kunnen er laten weten welke klus ze geklaard willen zien. En welke hulp ze daarvoor nodig hebben. Hoogopgeleiden stellen gratis hun talent beschikbaar. De site heet BetrokkenTijd. De bemiddeling is gratis. Het is, zeg maar, het vrijwilligerswerk van Martijn de Wildt en zijn team.

De site is nog maar vier maanden online, inmiddels hebben al zo’n tachtig potentiële vrijwilligers zich gemeld. Verschillende non-profitorganisaties plaatsten een oproep voor hulp. De eerste matches zijn gemaakt.

BetrokkenTijd is niet de eerste site voor hoogopgeleide vrijwilligers. Stichting laluz doet al enkele jaren iets dergelijks. De sites voorzien in een behoefte.

Wat deze vrijwilliger doen?

Een greep: een leraar geeft les in Nepal. Een oncologisch verpleegkundige zet zich in voor het Toon Hermans Huis (voor mensen met kanker, hun naasten en nabestaanden). Een communicatieadviseur bemiddelt tussen buren met ruzie. Een subsidieadviseur bepaalt voor de Stichting Alpe d’HuZes waar de bij elkaar gefietste euro’s precies naartoe gaan. Een jeugdverpleegkundige en opvoedadviseur is vrijwilliger in een weeshuis in Zuid-Afrika.

Arjen Pais (38) werkt vier dagen in de week als financieel manager bij de Beurs van Berlage in Amsterdam, die wordt gebruikt als congrescentrum voor exposities en andere evenementen. Pais: „Ik ben nu eenmaal goed met cijfers.” Tien jaar lang hopte hij van werkgever naar werkgever. Hij wilde omhoog, mensen onder zich hebben, geld verdienen. Tot hij drie jaar geleden na een reis door Chili tot de conclusie kwam dat er belangrijkere dingen in het leven zijn.

Hij zocht een parttimebaan, om daarnaast vrijwilligerswerk te doen voor Humanitas. Pais helpt nu mensen met hun administratie. Momenteel zijn dat er drie en kost hem dat een dag in de week. Vaak hebben ze grote schulden. „Het voegt mensen toe aan mijn cijfermatige bestaan”, zegt hij. En hij beheerst een kunstje dat niet iedereen beheerst. „Ik zou met ouderen kunnen gaan wandelen, maar dat kan iedereen.”

Pais gaat wekelijks bij mensen langs. Eerst harkt hij de schade bij elkaar. Alle enveloppen moeten open. Alle schulden opgeteld. Pas dan kan iemand in een schuldhulpverleningstraject. Hij houdt enkele maanden contact met mensen. Hij helpt ze met rekeningen betalen en leert ze de administratie bij te houden.

Professioneel blijven vindt hij het lastigst aan vrijwilligerswerk. In het begin gaf hij zijn telefoonnummer aan cliënten. „Dan hingen ze bij iedere nieuwe envelop die op de mat viel aan de lijn.” Mensen vertellen hem alles. „Van hun financiën tot een ingegroeide teennagel.” Ook al is het vrijwillig, de verantwoordelijkheid voelt als bij een betaalde baan: „Hier voel je niet de druk van een deadline, hier drukt het leed van mensen.” En: „Als ik niets doe, dan slapen die mensen niet. Probeer dan maar eens maat te houden.”

De laatste tien jaar is het aantal hoogopgeleide vrijwilligers gegroeid, zegt Lucas Meijs, hoogleraar strategic philanthropy aan de Rotterdam School of Management van de Erasmus Universiteit. Dat komt niet door een andere filantropische tijdsgeest ofzo, zegt Meijs. Het komt vooral doordat de Nederlandse bevolking steeds hoger opgeleid is. Vroeger deden mensen ook al vrijwilligerswerk in het verlengde van hun betaalde baan. „Dan schilderde de schilder het hek van de speeltuin en deed de tuinman ook even de tuin van de oudere buurvrouw.”

De reden voor hoogopgeleiden om hun talenten in te zetten is divers, zegt hij. Het kan zijn dat er iets op je pad komt: „Je was op vakantie in India, zag de armoede van straatkinderen en nu wil je een weeshuis steunen.”

Soms, zegt Meijs, speelt de omgeving een rol. „In sommige vriendenkringen is het usance je kennis niet alleen voor geld in te zetten, maar ook voor een betere wereld.” Jonge professionals doen soms vrijwilligerswerk omdat het mooi staat op hun cv, zegt Meijs. „Bij oudere vrijwilligers speelt dat nauwelijks een rol.”

De belangrijkste reden voor mensen om hun talenten gratis in te zetten is volgens Meijs dat het past bij hun persoonlijke levensverhaal. „Ze zeggen: ‘Het past bij mij als mens om iets voor Greenpeace te doen. Het voelt goed’.” Vroeger „zouden we die drang in religieuze termen beschrijven”, zegt hij. „We zijn die religieuze taal kwijtgeraakt en hebben het nu vaker over zingeving. Feitelijk komt het op hetzelfde neer.”

Een betaalde baan is voor je persoonlijke carrière, vindt Krista den Uijl (31). Vrijwilligerswerk doe je voor anderen. Samen heb je dan een hoger doel. Den Uijl is consultant in de financiële sector. Naast haar betaalde baan werkt ze voor Wakibi, een organisatie die ondernemersschap in ontwikkelingslanden stimuleert.

Dat werkt als volgt: via een website kan iedereen geld (ten minste 22 euro) lenen aan een ondernemer in een ontwikkelingsland. Die koopt daarvan bijvoorbeeld een marktkraam. Zodra de marktkraam geld oplevert, stort de ondernemer maandelijks een deel van de lening terug. Den Uijl: „Leer iemand vissen in plaats van hem vis te geven. Daar geloof ik in.”

Ze kan het werk bij Wakibi goed combineren met haar baan omdat ze zelf de tijden bepaalt. „Mijn baan is nogal onregelmatig. De ene week werk ik zestig uur, de andere veertig uur.” Zou ze als buddy aan een vluchteling worden gekoppeld, dan moest ze die vaak teleurstellen. En dat kun je niet maken, vindt ze. Voor Wakibi werkt ze wanneer zij dat wil. „En met mijn kennis help ik misschien nog wel meer.”

Krista is ongeveer een half uur per dag met Wakibi bezig. Ook tijdens kantooruren. „Ik twitter voor Wakibi onder werktijd.” Haar baas weet ervan, zegt ze. Al hebben ze er nooit officieel afspraken over gemaakt. „Ik stel me flexibel op en draai soms echt veel uren. Dan wordt deze vrijheid je gegund.”

Het nadeel van vrijwilligerswerk in het verlengde van je baan is dat het soms als ‘echt’ werk voelt. „Er zijn zondagen dat ik liever niets zou doen. Ook geen vrijwilligerswerk.” En ook jammer: de betaalde baan gaat voor. Ook al zou ze liever een opdracht voor Wakibi afmaken. Krista den Uijl kan zich voorstellen dat dat frustrerend is voor organisaties die drijven op vrijwilligers. „Zaken gaan soms trager, of anders dan je zou willen.”

Juist daarom probeert dance4life, een organisatie die samen met jongeren hiv en aids de wereld uit wil helpen, hoogopgeleide vrijwilligers te vinden voor afgebakende klussen. Directeur communicatie en fondsenwerving Margot Gerené: „Op een gegeven moment moet het af zijn.”

Dance4life werkt veel en vaak met vrijwilligers. Voor simpele klussen en voor ingewikkelde opdrachten. „Ze brengen veel meer mee dan alleen onbetaalde arbeid. Ze komen van buiten, hebben andere ideeën, een frisse blik. Ze zijn een klankbord. En het zijn uiteindelijk ook onze ambassadeurs. We hopen dat ze hun kennis over onze organisatie weer verspreiden in hun netwerk.”

Dance4life heeft weleens een juridisch adviseur nodig, of een communicatie- en marketingspecialist. Deze vragen kunnen ze nu voorleggen bij BetrokkenTijd.

Martijn de Wildt denkt dat veel meer hoogopgeleiden zich gratis willen inzetten maar dat er een flinke stap zit tussen willen en ook echt dóén. Maar, zegt De Wildt, „als ze zouden weten wie er op hen zit te wachten, zou hen dat vast over de streep trekken”.