Hij slaat zich op z'n borst: ik sta op die lijst

Amsterdam probeert 600 jonge criminelen op het rechte pad te krijgen De gemeente is enthousiast, maar Mohamed el H. steelt er niet minder om Tja, zegt de burgemeester, er blijven héél moeilijke jongens bij

Dit keer is er wél familie bij de rechtszaak tegen Mohammed el H. (21). Zijn oudere broer Abdel (24) zit naast hem in het verdachtenbankje. Ze zijn samen aangehouden na een poging tot inbraak in Hilversum, op 7 november. Mohammed staat in de Top-600, een lijst gewelddadige jonge veelplegers uit Amsterdam.

Hij was nog niet lang vrij toen hij weer werd opgepakt. Precies een jaar en een dag eerder legde de rechtbank in Amsterdam hem al negen maanden gevangenisstraf op, voor bedreiging, diefstal, poging tot inbraak en beschadiging van een taxi.

De zeshonderd jongeren die in de Top-600 staan, kwamen in vijf jaar tijd 15.000 keer in aanraking met politie of justitie – zo’n 25 keer per persoon. Het zou ontzettend schelen als die groep geen overvallen, diefstallen of mishandelingen meer zou uitvoeren, bedacht burgemeester Van der Laan na zijn aantreden in 2010. Sindsdien proberen meer dan dertig organisaties deze jongeren aan te pakken, zoals reclassering, GGD en bureau Leerplicht. De slogan van het project is: Met zorg aangepakt. De gemeente Amsterdam presenteerde gisteren de resultaten van de eerste twee jaar. De aanpak wordt verlengd.

Maar wat merkte Mohamed el H. er tot nu toe van dat hij in de Top-600 staat? De rechter vraagt hem of hij weet dat zijn naam op die lijst staat. Mohamed kijkt verstoord: „Top? Wat? Ik weet niks.” Even later weet hij het ineens wel heel goed, als de rechter tegen zijn broer Abdel zegt dat die ook in de Top-600 staat. Abdel en zijn advocaat ontkennen dat stellig en het blijkt niet te kloppen. Mohamed gaat rechtop zitten en slaat zich op de borst: „Ík sta op die lijst.”

Mohamed is ‘bij toeval’ opgepakt

Het Openbaar Ministerie (OM) kan de rechter vragen bijzondere voorwaarden op te leggen aan dit soort veelplegers. Zoals eisen dat een jongere naar school gaat, met de rest van de straf als stok achter de deur. Of een avondklok. Maar dat is bij Mohamed el H. de vorige keer niet gebeurd en het gebeurt nu ook niet. Mohamed is ook niet staande gehouden omdát hij in de Top-600 staat, het was toeval. Een nachtportier van een hotel in Hilversum zag hem en drie anderen in hun auto op de plaats delict, waardoor ze later konden worden aangehouden. Ze waren in Hilversum op dievenpad, niet in hun woonplaats Amsterdam. Bij de start van de Top-600 waren omliggende gemeenten juist bang voor een ‘waterbedeffect’. In zijn eigen buurt, vertelt zijn advocaat, wordt Mohamed tot vervelens toe aangesproken door agenten. Dát merkt hij van de Top-600.

Als het OM wordt gevraagd wat er is gedaan om Mohamed op het goede pad te krijgen, verwijst het door naar de GGD. Alle dossiers van criminelen uit de Top-600 zijn verdeeld onder de deelnemende organisaties. Omdat Mohamed in het verleden een psychose heeft gehad en verslaafd is of is geweest, is zijn dossier toegewezen aan de GGD. Een woordvoerder kan niet zeggen welke actie is ondernomen. „Wij doen geen uitspraken in individuele zaken.”

Mohamed en zijn broer Abdel wonen in Nieuw-West. Bij de Top-600-aanpak hoort dat een hulpverlener het gezin bezoekt. Om te zien of ook broers en zussen dreigen af te glijden. Het heeft niet kunnen voorkomen dat Mohamed dit keer samen met zijn oudere broer werd opgepakt. Die mag dan niet in de Top-600 staan, hij heeft al wel een uitgebreid strafblad. Vooral voor bedreiging en mishandeling, van onder anderen een brandweerman en een agent.

Tssssss, sist hij tegen de rechter

Op de publieke tribune zitten niet de ouders van Mohamed en Abdel, maar een paar matties, naar wie ze bij binnenkomst hun duim opsteken. Mohamed communiceert op enig moment zo uitgebreid met de publieke tribune dat de rechter hem dwingend vraagt daarmee op te houden. Als hij het laatste woord krijgt, zegt hij geroutineerd dat hij graag „zo snel mogelijk” weer met school wil beginnen. Toen de rechter hem eerder vroeg wélke school, wuifde hij met zijn hand naar achteren: „In Zuid.”

De officier van justitie eist drie maanden cel tegen Mohamed en zijn broer. Mohamed krijgt een grote grijns op zijn gezicht. Zo lang zit hij al in voorarrest, het zou betekenen dat hij direct vrijkomt. De rechter denkt daar anders over. In tegenstelling tot wat gebruikelijk is, doet de meervoudige kamer direct uitspraak. Mohamed, zijn broer en twee vrienden krijgen ieder vier maanden. Bij Mohamed komen daar nog zestig dagen bij van een eerdere voorwaardelijke straf. „Tssssss”, doet Mohamed. Naar de publieke tribune steekt hij bij het weglopen zijn duim op.