Veranderen of niet, dat is de vraag voor Twente

FC Twente werd weggespeeld door Ajax Wat moet de nieuwe coach Alfred Schreuder doen om uit de crisis te komen? Vasthouden aan het systeem of opportunistischer spelen?

Redacteur Voetbal

Frank de Boer debuteerde op 8 december 2010 als trainer van Ajax. Zijn voorganger Martin Jol had het met een opportunistische speelwijze, leunend op sterspeler Luis Suárez, niet eens zo slecht gedaan. Maar toen De Boer het overnam greep hij meteen in. Schaduwspits Mounir El Hamdaoui verdween uit de basis en Christian Eriksen werd de belangrijkste man op het middenveld. Vleugelspelers werden weer vleugelspelers en prompt werd in de Champions League AC Milan met 2-0 verslagen.

Alfred Schreuder debuteerde zaterdag als hoofdtrainer van FC Twente. Zijn voorganger Steve McClaren had het met een behoudende speelstijl, leunend op de kwaliteiten van sterspelers Nacer Chadli en Dusan Tadic, in de eerste seizoenshelft niet eens zo slecht gedaan. Maar onder druk van publiek en media zag hij zich afgelopen week na een serie slechte resultaten genoodzaakt op te stappen.

En Schreuder veranderde niets. „Waarom niet?”, werd hem dinsdag gevraagd toen de voormalig assistent-trainer aangaf weinig te zullen veranderen. Schreuder: „Waarom wel?”

Aan de dramatische serie van FC Twente na de winterstop – zeven duels op rij zonder zege – kwam tegen Ajax geen einde. Met enige jaloezie vertelde Schreuder na de 2-0 nederlaag dat de tegenstander „een voorbeeld is van hoe het moet”. Zijn spelers faalden opnieuw. „Ik verwacht van iedereen meer”, zei Schreuder.

Vertrouwen weg

Het gaat slecht. Het vertrouwen is weg. Met nog negen duels te gaan, dringt de vraag zich op: wat kan Twente nog doen? Aad de Mos, oud-trainer van onder meer PSV en Ajax, denkt dat Twente zijn 4-3-3-systeem met vleugelspelers moet omgooien. „Het vertrouwen komt pas terug met een goed resultaat, dat kan Twente afdwingen door met twee spitsen en vier middenvelders te spelen. Ze hebben de ideale spelers voor een uitgebalanceerd middenveld met twee lopers, Leroy Fer en Willem Janssen, Wout Brama als balafpakker en Tadic als strateeg achter de spitsen.”

Twente-spitsen Dmitri Boelykin en Luc Castaignos kunnen volgens De Mos in een 4-4-2-systeem beter uit de voeten. „Dat zag je in de tweede helft, toen Schreuder ze beiden in stelling bracht. Ajax had het daar even lastig mee. Als het voetballend niet loopt kan je met een lange bal een linie overslaan, voorin knokken om de afvallende bal en iets forceren. Dat deed Twente in de tweede helft redelijk, overigens zonder kansen te creëren.”

Jan van Halst, oud-speler en voormalig commercieel manager van FC Twente, vindt het „een beetje opportunistisch” om afstand te doen van de speelstijl. „Dat druist in tegen het voetbalbeleid van de club. Ook bij Twente draait het om positiespel en combinatievoetbal. Als je de buitenspelers Tadic en Chadli op het middenveld zet, gooi je kapitaal weg.”

Volgens Van Halst zit het „tactisch wel okay” bij Twente. „Het geloof is alleen weg nu. Een aantal sterkhouders is uit vorm of, zoals Chadli, geblesseerd. Er zitten diepe littekens bij dat team, als je ziet hoe ze zich door Ajax laten wegspelen. Van Fer wordt verwacht dat hij de kar trekt, maar sinds zijn mislukte transfer loopt hij met zijn ziel onder de arm.”

Ajax-trainer De Boer wordt alom geprezen om zijn vasthoudendheid. Toen zijn team vorig seizoen slecht speelde en spelers aan gebrek aan zelfvertrouwen ten onder dreigden te gaan, werkte De Boer stug verder aan de automatismen in het team. Schreuder, al jaren invloedrijk bij Twente als assistent, zal daaraan vasthouden. „Je moet niet je eigen spel verloochenen”, zei De Boer zaterdag.

Een filosofie heeft weinig zin zonder geschikte spelers, zegt De Mos. Zeker in crisistijd. „Je moet nu proberen resultaat te halen. Als je de buitenspelers niet hebt, blijf je zoeken. Spelers die hun tegenstander voorbijgaan heb je bij Twente nu niet. Je moet ook flexibel zijn als trainer.”