Portugal massaal straat op tegen aanpak van crisis

Bijna één op de zes Portugezen heeft zaterdag betoogd tegen de aanpak van de crisis die hun land krijgt opgelegd van Europa. In Lissabon, Porto en andere steden waren volgens landelijke media in totaal 1,5 miljoen mensen op de been.

Tot het protest was opgeroepen via internet door de burgerbeweging ‘Dat de trojka mag doodvallen’. De actie werd gesteund door de grootste vakbond CGTP en de centrum-linkse oppositiepartij PS.

De betogers eisten onder meer het aftreden van de regering en het einde van de buitenlandse bemoeienis. Het protest viel samen met een kwartaalbezoek van de trojka (IMF, Europese Centrale Bank en Brussel). Zij legt het kleine euroland sinds 2011 een pakket ingrijpende bezuinigingen en hervormingen op in ruil voor 78 miljard euro aan noodleningen.

Deze maatregelen moeten ervoor zorgen dat Portugal in de loop van dit jaar een terugkeer kan maken naar de financiële markten. Hoewel het vertrouwen van beleggers verbetert, hebben de maatregelen een negatieve impact op de economie. Dit jaar krimpt deze naar verwachting met 2 procent – veel harder dan aanvankelijk verwacht. De werkloosheid is opgelopen tot boven de 17 procent.

De regering is met de trojka in ge„sprek over een extra jaar respijt bij het halen van de begrotingsdoelstellingen. Daarnaast stuurt ze aan op gunstiger voorwaarden over de verstrekte noodleningen.

Oppositieleider António José Seguro stelde dat burgers „veel redenen hebben om verontwaardigd te zijn”. Ook zijn PS ondertekende in 2011 het ‘Memorandum of Understanding’ met de trojka. Zaterdag riep Seguro de regering op te erkennen dat de huidige aanpak gefaald heeft.

Vakbondsvoorman Arménio Carlos ging verder door het vertrek van de regering te eisen. „Ze weet dat haar lot aan een draadje hangt. Ze is een probleem geworden dat ons belet uit de crisis te raken.”

De maatschappelijke onvrede over de trojka-aanpak broeit al langer. In september gingen honderdduizenden burgers de straat op. De centrum-rechtse premier Pedro Passos Coelho en zijn ministers worden bijna dagelijks door activisten opgewacht. Vorige week, tijdens een bezoek aan universiteit, droegen betogers daarbij een konijn aan een strop. (Coelho is konijn in het Portugees.)

Een andere ludieke protestvorm is het zingen van Grândola. Dit is het lijflied van de Anjerrevolutie, die in 1974 een einde maakte aan de rechtse dictatuur.