‘Ik heb nu een soort rust over me heen gekregen’

Naam: Ranomi Kromowidjojo

Leeftijd: 22 jaar

Sport: Zwemmen

Prestaties: olympisch kampioen 50 en 100 meter vrije slag (2012), olympisch kampioen 4x100 meter vrij (2008)

Deze week doe je mee aan de British Open in Leeds. Dat is je eerste wedstrijd sinds de Spelen in Londen. Hoe sta je ervoor?

„Dat weet ik niet zo goed. De trainingen gaan prima en ik merk dat nu de wedstrijden er weer aankomen, het zwemmen steeds beter gaat. Zo werkt het altijd bij mij. Maar in trainingen krijg je weinig echte wedstrijdprikkels. Af en toe trek je wel wat sprintjes, maar je weet niet precies hoe goed je bent. Ik ben vooral benieuwd hoe het zal gaan. De echte topvorm is er nog niet, het zou ook gek zijn als ik net zo hard zwem als in Londen.”

Hoe benader je dit? Is het meer dan een trainingswedstrijd?

„Het is vooral belangrijk om wedstrijdritme op te doen voor de Swim Cup in Eindhoven, volgende maand. In Leeds valt niet veel te winnen, maar ik wil wel gewoon hard zwemmen en een paar goede races neerzetten. Ik heb zeven maanden geen wedstrijden gezwommen, dus wil wel iets laten zien. En het is ook weer spannend, eindelijk weer een wedstrijd.”

Na de Spelen zei je ook andere afstanden te willen proberen, naast de 50 en 100 meter vrij.

„In Leeds zwem ik ook op de rugslag en vlinderslag, en doe ik ook de 200 meter vrij. Ik heb de laatste vier jaar alles op de 50 en 100 meter vrij gegooid en het is leuk om nu ook andere dingen uit te proberen. Ik kan een beetje experimenteren. Natuurlijk blijft de focus op die twee afstanden, maar als ik af en toe een 200 meter zwem, hoef ik niet het hele trainingsprogramma om te gooien. Ik weet niet of ik er de komende jaren mee verder ga, dat ligt eraan hoe goed het gaat. Als ik mezelf kan verbazen, kan het misschien wat worden.”

Je begint nu weer aan een nieuwe olympische cyclus, richting Rio 2016. Wat is er anders dan vier jaar geleden?

„Toen was alles nieuw. Ik verhuisde naar Eindhoven, kwam opeens in een heel professionele zwemomgeving terecht. Nu is dat anders, ben je er aan gewend. Nu ben ik een van de meest ervaren zwemmers van de groep die de jonge talenten probeert te helpen. Maar het grootste verschil met vier jaar geleden is dat ik nu die gouden medailles heb waar ik die jaren voor heb getraind. Dat heb ik bereikt. Ik heb nu een soort rust over me heen gekregen.”

Is de motivatie er dan nog wel, als al je doelen bereikt zijn?

„Absoluut. Als dat vlammetje niet meer zou branden, moet je er mee stoppen. Ik heb na de Spelen een paar maanden rust genomen en toen was die drive weer terug. Om nog beter te worden, en te werken aan mijn mindere punten, zoals de finish. Maar het is, zeker dit seizoen, wel wat rustiger, wat relaxter. In het verleden moest alles wijken voor olympisch goud. Nu kan ik ook best een training overslaan of iets niet doen.”