Afghanistan is rechtse politiek, Afrika linkse

Het Nederlandse leger kan meer betekenen voor Afrika, vindt de PvdA De krijgsmacht doet al genoeg, vindt de VVD Waar wordt het Nederlandse leger straks, na Afghanistan, ingezet?

Politiek redacteur

Het is alweer zes weken geleden dat minister Timmermans (Buitenlandse Zaken, PvdA) de Tweede Kamer scheef dat het kabinet de „wenselijkheid en mogelijkheid” onderzocht van een Nederlandse bijdrage aan een trainingsmissie voor het leger van Mali. De Europese Unie leidt de missie in dit West-Afrikaanse land. Die brief kwam op 18 januari, een week nadat het Franse leger in actie kwam tegen de rebellen in het Noord-Mali. Sindsdien is het stil gebleven in Den Haag.

Althans, bijna stil. Nederland stelde het Franse leger wel tweemaal een militair transportvliegtuig ter beschikking om materieel naar Mali te vervoeren. Die assistentie vloeit voort uit de al langer bestaande samenwerking in het European Air Transport Command. Maar met deze twee vluchten hield de Nederlandse betrokkenheid bij Mali wel op.

Dit tot ongenoegen van de PvdA-fractie, één van de twee coalitiepartijen. Al meerdere malen vroeg Kamerlid Désirée Bonis haar partijgenoot Timmermans hoe het stond met het onderzoek naar de trainingsmissie. Telkens kreeg ze te horen dat het kabinet nog bezig was.

Het is tijd dat het kabinet een besluit neemt over Mali, vindt Afrika-kenner Bonis. Tot haar verkiezing in de Tweede Kamer, afgelopen september, was zij directeur van de regiodirectie sub-Sahara Afrika op het ministerie van Buitenlandse Zaken. „Ik vind dat we in Mali wat meer kunnen doen, zoals het trainen van militairen. Door onze ontwikkelingshulp heeft Nederland al decennia een heel goede relatie met het land.” Mali past in de Nederlandse ‘3D-benadering’, vindt Bonis – de combinatie van ‘Defense, Development en Diplomacy’.

Terughoudendheid

Dat het kabinet aarzelt, heeft volgens haar te maken met de houding van coalitiepartner VVD. „Ik proef daar een enorme terughoudendheid zodra het om Afrika gaat. Het is bijna ideologisch. Militaire betrokkenheid bij Afghanistan wordt als rechts beschouwd, en betrokkenheid bij Afrika als links. Ik vind dat de VVD heel beperkt naar Afrika kijkt. Als je het hebt over eigen belang, geldt dat bij uitstek in Afrika.”

Bonis wijst op de terrorismedreiging „waar de VVD altijd zo vol van is”. Die is nu heel sterk in Mali, zegt ze. „We hebben het over de achtertuin van Europa. Daarom snap ik niet waarom de VVD zo lou loene reageert.”

Het heeft niets te maken met ideologie, reageert VVD-Kamerlid Han ten Broeke. En het is volgens hem ook niet zo dat PvdA en VVD lijnrecht tegenover elkaar staan. In zijn ogen is het vrij simpel: de Nederlandse krijgsmacht is al met genoeg andere zaken bezig. Nederland zit nog in Afghanistan, is actief in de piraterijbestrijding voor de kust van Somalië, en zit sinds kort met Patriots in Turkije.

De strubbelingen over Mali lijken een voorbode van een bredere discussie. Want hoe moet het verder met de Nederlandse krijgmacht als het werk in Afghanistan er, naar alle waarschijnlijkheid eind dit jaar, op zit?

Het doel blijft een leger dat „veelzijdig inzetbaar” is, onder andere om de internationale rechtsorde te verdedigen. Defensieminister Jeanine Hennis (VVD) komt later dit jaar met een toekomstvisie. Die is onder meer nodig omdat de voorgenomen vervanging van de F-16-gevechtsvliegtuigen een steeds groter deel van de defensiebegroting dreigt op te slokken.

Maar waar gaat dat Nederlandse leger actief worden?

In Afrika dus, zegt de PvdA. In training van militairen en logistieke ondersteuning kan Nederland veel meer doen, meent Bonis. Eerst maar eens zien, vindt de VVD. De Nederlandse krijgsmacht kan niet alles.

Herhaling discussie

Daarmee herhaalt de discussie van vijf jaar geleden zich, toen de PvdA met CDA en ChristenUnie regeerde. De sociaal-democraten stemden met grote tegenzin in met verlenging van de Nederlandse militaire missie in Uruzgan. Volgens de PvdA kon het Nederlandse leger toen al veel meer betekenen in Afrika, bijvoorbeeld met een door Nederlandse militairen beschermd hospitaal in Darfur. Het is er nooit van gekomen, onder andere omdat het CDA er weinig voor voelde.

Dat de toekomst van de Nederlandse krijgsmacht in Afrika ligt, vindt ook de gepensioneerde Nederlandse generaal-majoor Patrick Cammaert, voormalig militair adviseur vredesoperaties bij de Verenigde Naties. Hij ergert zich al tijden aan de afzijdige houding van Nederland in Afrika. „De VN zit voor missies in Afrika te springen om helikopters. Nederland heeft die capaciteit. Zoals Nederland ook uitstekende special forces heeft, of militaire hospitalen zou kunnen leveren. Het hoeft niet om grote hoeveelheden te gaan. Maar die militairen kunnen helpen in Congo, Ivoorkust, Mali. Somalië. Met als bijkomend voordeel dat je dan als land jouw vlaggetje plant, invloed hebt en weer achter de dijken vandaan komt.”

In hun regeerakkoord hebben VVD en PvdA vanaf 2014 een fonds van jaarlijks 250 miljoen euro gecreëerd, bedoeld voor vredes- en crisisbeheersingsoperaties. Waar dat geld wordt ingezet? Het kabinet weet het nog niet. Eerst moet men het eens worden over Mali.