Zoet kracht

Wie wil afkicken van suiker kan natuurlijke zoetstoffen gebruiken. Hoe smaken die? Een zoetstoftest voor suikerjunks.

Suiker is het nieuwe vet. Wie een beetje bewust met eten en gezondheid bezig is, smeert tegenwoordig zonder blozen een laag roomboter – of, helemaal 2013, kokosolie – op z’n brood, maar mijdt de suikerpot als de pest. Steeds meer wetenschappelijk onderzoek toont namelijk aan dat het, meer dan vet, onze suikerconsumptie is die ons dik en ziek maakt.

Minder suiker eten dus. Het klinkt als een eenvoudige stap richting een gezonder lijf en leven, maar suiker is een verdraaid verslavend stofje en afkicken is makkelijker gezegd dan gedaan. De mens houdt van zoet, al sinds hij zijn eerste slok moedermelk dronk. Je zou het een oerbehoefte kunnen noemen.

Nu zou de mens, die stakkerige suikerjunk, de mens niet zijn als hij niet net zo lang zou doorzoeken tot hij iets gevonden had op dit vraagstuk; iets dat wel de lusten biedt (zoete smaak), maar niet de lasten (dikte, ziekte). Een synthetische stof als aspartaam bijvoorbeeld, met bijna 200 keer de zoetkracht van suiker en een verwaarloosbare energetische waarde.

Aspartaam groeide in de afgelopen dertig jaar uit tot zowel de belangrijkste suikervervanger als de meest controversiële. Hoewel nooit bewezen, wordt het hardnekkig in verband gebracht met kanker en neurologische aandoeningen. Voor wie argwaan koestert jegens kunstsuikers zal het daarom goed nieuws zijn dat er steeds meer zoetstoffen op natuurlijke basis op de markt komen. Stoffen als stevia, tagatose en erythritol.

Dat ‘op natuurlijke basis’ verdient wel enige uitleg. Neem bijvoorbeeld stevia, of stevia rebaudiana, een plantje uit de composietenfamilie dat oorspronkelijk alleen in Zuid-Amerika groeide en nu op grote schaal in Azië wordt verbouwd. De blaadjes ervan bevatten steviolglycosiden, die intens zoet smaken maar geen invloed hebben op de bloedsuikerspiegel en nauwelijks calorieën bevatten.

Wanneer je een steviaplant koopt bij het tuincentrum en zo’n blaadje in een kop hete thee laat dwarrelen, dan kun je met recht spreken van een natuurlijke zoetstof. Gaat het over de steviaproducten uit het schap van supermarkt en drogist dan mag het woord ‘natuurlijk’ gerust met een korreltje zout worden genomen. Tussen plantje en stevia in een potje, zakje of flesje zitten de nodige industriële bewerkingen.

Hetzelfde geldt voor tagatose en erythritol. Het zijn niet-synthetische stoffen – tagatose komt uit zuivel, en erythritol uit fruit – die in geraffineerde vorm worden verkocht als ‘natuurlijke suikervervanger’. Met net als stevia slechts een fractie van de calorieën die gewone suiker bevat en nauwelijks of geen invloed op de insulinehuishouding.

Proeverij

Maar hoe smaken die zoetstoffen? Proef je verschil met echte suiker? Zijn deze zoetstoffen (die overigens vaak in een en hetzelfde product worden gecombineerd) eigenlijk wel lekker, of voelt het alsof je ze voor straf moet eten? Tijd voor een vergelijkende proeverij.

Het proefteam bestaat uit foodconsultant Kees de Gooijer; Mark Soetman, eigenaar adviesbureau Zin, Zout & Soet; Tallina van den Hoed, freelance (culinair) journalist en ondergetekende. Vijf suikervervangers werden getest: in koffie, yoghurt en gebak. Daarbij moet worden aangetekend dat de proevers de producten alleen beoordelen op culinaire kwaliteiten. Of de producten ook daadwerkelijk gezond zijn, mag de wetenschap beoordelen.