Ik hoef aan niemand iets te bewijzen

Het Nederlands honkbalteam begint zaterdag in Taiwan aan de World Baseball Classic. Megaster en Curaçaoënaar Andruw Jones is de natuurlijke leider van de kleurrijke selectie. „We moeten in het koninkrijk onze krachten bundelen.”

Vrolijke gezichten op het gras van het Intercontinental Stadium van Taichung. De oude meester Andruw Jones (35) moet het bij een slagoefening tijdens de training van de Nederlandse honkbalploeg in aanloop naar de World Baseball Classic afleggen tegen een groepje jonge talenten uit Curaçao. Tien keer opdrukken is zijn lot. Jones lacht als een boer met kiespijn. De slagman heeft nu eenmaal een hekel aan verliezen. „Altijd al gehad. Ik ben hier met Nederland naar Taichung gekomen om te winnen. Alleen verlies je in het leven nu eenmaal vaker dan je wint”, zegt hij even later in de dug-out. „You have to deal with that.”

Jones is niet alleen de grote ster van het Nederlands team bij de World Baseball Classic, hij is als de icoon van het Curaçaose honkbal wereldberoemd. In navolging van de huidige bondscoach Hensley Meulens bereikte The Boy from Brievengat de Amerikaanse Major League. Jones overtrof zijn voorbeeld vele malen en groeide uit tot de meest succesvolle Nederlandse honkballer en best verdienende sporter van het koninkrijk ooit. Jones maakte in de VS carrière bij de Atlanta Braves, Los Angeles Dodgers, Texas Rangers, Chicago White Sox en de New York Yankees en verdiende in totaal zo’n tachtig miljoen dollar. Hij hoopt dit seizoen furore te maken in Japan. „Ik was na al die tijd in de Major League toe aan iets nieuws. Ik ben nog niet klaar met honkbal. Ik speel nog minimaal een jaar. Daarna zie ik verder. Ik laat mijn lichaam bepalen wanneer het genoeg is geweest.”

Nu Jones onder contract staat van de Japanse Tohoku Rakuten Golden Eagles is zijn ster ook in Azië gerezen. De afgelopen maand bereidde hij zich bij zijn nieuwe werkgever voor op het laatste tijdperk van zijn loopbaan. Jones is nu Big in Japan. Maar ook in Taiwan. Voor het spelershotel van Nederland staan voortdurend handtekeningenjagers hem op te wachten. „Jones, Jones, Jones”, klinkt het als hij uit de spelersbus stapt. De honkballer zet zijn krabbels en loopt met zijn ploeggenoten de lobby in.

Op de twaalfde verdieping praat hij over zijn indrukwekkende carrière, het leven als superster en de lol die hij heeft als international van Nederland. „Ik vind het schitterend om hier met Hensley Meulens te werken. Hij is een enorme inspirator voor het honkbal op Curaçao geweest en weet nu als coach van Nederland ook de brug te slaan met de spelers uit Europa.”

Jones was is in de ogen van internationals als Jonathan Isenia, Hainley Statia, Xander Bogaerts en Andrelton Simmons het grote voorbeeld. Jones bewandelde het pad dat de jonge profs nu stapje voor stapje volgen. „Ik weet nog goed dat ik als jochie van acht jaar met Jones op de foto ging. Toen ik klein was speelde ik in een shirt met zijn naam erop”, stelt Simmons (23), die het afgelopen seizoen bij de Atlanta Braves zijn debuut in de Major League maakte. „Andruw Jones is ons rolmodel”, bevestigt de 21-jarige Arubaanse korte stop Bogaerts.

Jones vervult zijn rol als leider van de selectie met verve. Op weg naar het stadion voert hij samen met outfielder Wladimir Balentien op de achterbank van de spelersbus het hoogste woord. In de dug-out moedigt hij al zijn ploeggenoten aan, deelt schouderklopjes uit, geeft hier en daar een kleine tip, maar boven alles straalt de vedette plezier uit. Hij lijkt een totaal andere Jones dan de speler die tijdens de World Baseball Classic van 2006 zijn debuut maakte voor Nederland. Destijds was hij in zichzelf gekeerd en alles behalve superfit. „Hij is nu echt scherp”, zegt Robert Eenhoorn, destijds de bondscoach van Nederland. „De impact van zijn aanwezigheid voel je bij de talenten in de ploeg. Hij heeft er mede voor gezorgd dat honkbal op Curaçao zo groot is. Kinderen hebben een voorbeeld nodig. En dat is hij.”

Jones gaat in zijn gedachten terug naar de World Baseball Classic van zeven jaar geleden. „Of ik nu een ander persoon ben? Nee, dat denk ik niet”, zegt hij koeltjes. „Maar de omstandigheden waren wel anders. Het was de eerste keer dat ik voor Nederland zou spelen. Dat is altijd lastig. Ik wist niet goed wat de verwachtingen waren. Bovendien was ik verkouden en voelde ik me niet goed. Ik kreeg nauwelijks kansen om te slaan en raakte ook nog eens geblesseerd. Het was al met al geen succes. Het gevoel dat ik me nu voor Nederland moet bewijzen heb ik niet. Ik hoef voor niemand iets te bewijzen. Al vind ik het wel jammer dat ik door een schouderblessure nu alleen mag slaan.”

Neemt niet weg dat Jones al maanden geleden aan Hensley Meulens liet weten beschikbaar te zijn voor het nieuwe WK honkbal. „Jones belde me constant op om te vragen wie er allemaal mee zouden gaan”, zegt Meulens in de vergaderruimte van de Nederlandse ploeg. „Het is heel erg mooi dat Jones met ons meedoet. Vergeet niet dat hij over zeventien jaar ervaring beschikt op het allerhoogste niveau. Maar hij is hier gewoon one of the guys. Op zijn kamer is het een komen en gaan van spelers. Hij beseft misschien dat dit zijn laatste optreden voor Nederland kan zijn.”

De afgelopen dagen heeft Jones ingezien dat de Nederlandse ploeg een unieke samensmelting van verschillende culturen is. Er is één verbindende factor in de selectie van spelers met roots uit Nederland, Canada, de Verenigde Staten, Aruba en Curaçao: honkbal. „En honkbal is honkbal”, stelt Jones. „Of je dat nu speelt op de eilanden, in de Major League, in Japan of in Taiwan; het is overal hetzelfde spelletje. Het is extra leuk om met gasten uit je eigen land te spelen. Je spreekt dezelfde taal, deelt de cultuur. Toen ik in de minor leagues [de lagere profcompetities] speelde, kwam ik zelden iemand van Curaçao tegen. Nu zijn onze talenten overal.”

De homerunkoning beleefde vele successen, maar ging ook door diepe dalen. Hij was de wereld te rijk toen hij in 1996 op zijn negentiende als jongste speler ooit een homerun sloeg in de World Series. Hij verdiende op zijn hoogtepunt een jaarsalaris van 13,5 miljoen dollar. Zijn carrière raakte ook meerdere keren in het slop. Hij was te zwaar en werd verbannen naar de minor leagues. En er waren privéproblemen. Afgelopen Kerst zat Jones in de cel nadat hij zijn vrouw hem had beschuldigd van mishandeling. Hij kwam op borgtocht vrij.

Jones is vorige maand zonder zijn vrouw en hun twee kinderen aan het avontuur in Japan begonnen. „Als je geen fouten in je leven maakt, dan leer je ook niets”, verzucht Jones. „Ik ben bewust zonder mijn kinderen naar Japan gegaan. Ik heb mijn leven als honkballer en kan ze niet steeds uit hun vertrouwde omgeving wegtrekken. Dat zou egoïstisch zijn. Mijn zoon Druw is acht jaar en zit op honkbal. Hij moet genieten van de sport en is veel te jong om hem allerlei aanwijzingen te geven.”

De designated hitter van Nederland wil er maar mee aangeven dat de loopbaan van een honkballer één groot leerproces is. „Ik leer nog steeds. Iedere dag. Daar moet je ook voor openstaan. Een hitter moet het voor een groot deel hebben van zijn ervaring. Die bouw je beetje bij beetje op. Bij mij is het begonnen toen ik op mijn dertiende in het honkbalteam van mijn vader een bal over de hekken in een zwembad sloeg. Scouts zagen het in me zitten en ik ben naar de VS gegaan. Ik had maar één doel voor ogen: de Major League. Mijn vader hield me altijd scherp. ‘Waag het niet om terug te komen’, zei hij. Ik heb aangetoond dat met hard werken alles mogelijk is.”

Jones zal er tijdens de Classic zijn voor zijn jonge ploeggenoten. „Ik volg de carrières van al die jonge gasten. Sommigen heb ik clinics op Curaçao gegeven toen ze jong waren. Ik ben er nooit voor gevraagd, maar ik zou best mee willen werken aan de promotie van het honkbal in Nederland. We moeten in het koninkrijk onze krachten bundelen. Want met Curaçao plaatsen we ons niet voor de grote toernooien”, zegt de honkballer die al zes jaar niet meer op zijn geboorte-eiland is geweest.

Hij is een wereldburger, met zijn thuis in Atlanta. Het doet Jones niets dat hij in Nederland amper bekend is bij het grote publiek. „Daar maak ik me niet druk om. In Nederland is voetbal de grootste sport. Dat volg ik alleen tijdens het WK.Hopelijk zal Nederland ons nu tijdens deze Classic volgen. Wij zijn hier gekomen om de wereldtitel te winnen.”